Zelfbevrediging: haken en ogen ... evolution in pr
ogress
Bevredigend?
John Keats schreef in
'ODE on a Grecian URN'
- "Fair youth,
beneath the trees,
thou canst not leave
Thy song,
nor ever can those trees
be bare;
Bold lover,
never, never canst thou kiss,
Though winning near the goal - yet,
do not grieve;
She cannot fade,
though thou hast not thy bliss,
For ever wilt thou love,
and she be fair!" -
De
verhouding tussen
G*D en Israel
is bevroren,
net als die tussen de schone jongeling en zijn geliefde,
en blijft daardoor
in stand?
TAAL is een medium
dat zich voorwaarts beweegt ...
Zet haar stil,
houd haar bij een lettergreep staande,
en ze wordt enkel geluid!
Wie
in dit medium van opeenvolgende zinnen
het equivalent wil oproepen
van de ingrijpende ontregeling
die ontstaat door het vasthouden van een moment in de schildering
op de vaas,
moet een doorlopend verhaal
veranderen in
een eindeloos herhaalde
vertelling ......
En DAT is precies
wat door het unieke einde
van de boeken der Kronieken
mogelijk
wordt gemaakt?!
Het esthetisch effect
wordt natuurlijk niet alleen door het stilzetten
van de handeling bereikt.
Het gaat er ook om
WELKE handeling
wordt stilgezet.
Keats zou door de Griekse urn niet zo in verrukking gebracht zijn
als het niet de onderbreking van een kus had betroffen.
WAAR nu is de kus
in de boeken der Kronieken?
De kus -
het ogenblik van opperste schoonheid en tederheid,
dat de geest nooit moe wordt
te herbeleven -
vinden we in 1 Kronieken
in de laatste woorden
van koning David,
waar hij zijn troon overdraagt aan zijn zoon Salomo.
Alles is nu klaar voor de bouw van een machtige tempel voor de Heer,
maar David verklaart dat de Heer hem gezegd heeft:
"U zult geen huis bouwen voor mijn naam,
want u bent een krijgsman en u hebt
bloed vergoten!"
DAN
herinnert David
aan de scene in 2 SAM 7,
waar we al herhaaldelijk de aandacht op gevestigd hebben;
DAAR spreekt de Heer G*D voor het eerst over zichzelf als een vader:
hij zal Salomo's vader zijn,
een huis,
een dynastie voor David bouwen in plaats van David op te dragen een huis,
een tempel,
voor hem te bouwen ...
David buigt voor de wil van de Heer,
maar hij heeft al tekeningen voor een tempel laten maken
en materiaal gereserveerd voor de bouw.
In aanwezigheid van G*D vertrouwt hij dit alles aan zijn zoon toe
met de woorden in 1 KRON
28:9-10
- "En u, mijn zoon Salomo, ken de G*D van uw vader,
en dien hem toegewijd en hartstochtelijk,
want de Heer doorzoekt alle harten en doorgrondt de bedoeling van
alle gedachten;
wanneer u hem zoekt zal HIJ voor u beschikbaar zijn,
maar wanneer u hem verloochent zal HIJ u voor eeuwig verlaten!
ZIE NU,
de Heer verkoos u om een huis als heiligdom te bouwen;
WEES STERK en
DOE HET!" -
Davids vaderlijke toon tegenover zijn zoon,
juist na zijn toespeling op het vaderschap van G*D,
doordrenkt het moment van familiale genegenheid!
David geeft de tekeningen aan Salomo en gaat dan verder
in 28:20-21
- "WEES STERK
EN VOL GOEDE MOED
EN DOE HET;
wees niet bang of wanhopig, want de Heer G*D, mijn G*D, is met u;
HIJ zal u niet teleurstellen of verlaten voordat al het werk
aan het Huis van de Heer is voltooid!
HIER zijn de afdelingen van de priesters en Levieten voor allerlei diensten
in het Huis van G*D,
en bij het werk staan u allerlei gewillige mensen,
bedreven in allerlei taken,
ten dienste;
ook de leiders en het hele volk staan tot uw
beschikking!" -
Davids lange redevoering is opmerkelijk
door de manier waarop hij met ontroerende oprechtheid
beurtelings zijn onderdanen, zijn zoon en zijn G*D toespreekt.
Te oordelen naar de boeken der Koningen was de troonsbestijging
van Salomo na Davids dood, historisch gezien,
een bloedige en bedenkelijke zaak,
waarin Salomo zijn uiteindelijke overwinning
minder aan zijn vader dankte dan aan zijn moeder, BathSjeva,
die de paleisintriges listig doorgrondde en de rivalen van haar zoon
meedogenloos uit de weg
ruimde
........
1 Kronieken vertelt een heel ander verhaal over de troonsopvolging!
David doet afstand van de troon ten gunste van Salomo,
en als Salomo gezalfd wordt, kijkt David toe.
Als hij de tempel gebouwd heeft,
zal Salomo zijn eigen inwijdingsgebeden uitspreken,
die een woordelijke herhaling zijn van gebeden uit 2 Koningen.
Tot op zekere hoogte vormen de acht hoofdstukken over de troonsopvolging en de inwijding van de tempel
het hart van het
verhaal!?
Maar het diepst van het hart,
het ogenblik dat we 'de kus' kunnen noemen,
is Davids afscheid,
zijn afscheidsgroet tot de Heer,
dat niet in Koningen wordt vermeld
maar in 1 KRON
29:10-19
- "GEPREZEN
ZIJT GIJ, O HEER,
G*D van Israel onze vader,
voor eeuwig en altijd!
VAN U,
O HEER,
is de grootheid en de macht,
en de heerlijkheid,
en de glorie,
en de majesteit;
want
ALLES
wat in de hemel en op aarde is,
IS VAN U;
van u is het koninkrijk, o Heer,
en
GIJ
zijt als hoofd boven alles verheven!
Zowel rijkdom als eer komen van u,
en
GIJ
heerst over alles!
In uw hand zijn macht en sterkte;
en het ligt in uw macht iedereen groot en sterk te maken!
En
NU
danken wij u, onze
G D,
en prijzen wij
uw heerlijke naam!" -
- "Maar
WIE BEN IK,
en
WAT IS MIJN VOLK,
dat wij in staat zouden zijn zo bereidwillig gaven te schenken?
Want alle dingen komen van u,
en van het uwe hebben wij u gegeven!
Want
WIJ ZIJN VREEMDELINGEN
voor u en bijwoners zoals onze vaderen waren; onze dagen op aarde zijn als een schaduw,
niets is blijvend!
O HEER,
onze G*D,
al deze overvloed die wij bijeengebracht hebben
om voor u een huis te bouwen voor uw heilige naam,
komt uit uw hand en is van uzelf!
Ik weet, mijn G*D, dat gij het hart beproeft,
en welbehagen hebt in oprechtheid;
in de oprechtheid van mijn hart heb ik vrijwillig al deze dingen geschonken,
en
NU
heb ik uw volk gezien,
dat
HIER
aanwezig is,
en u vrijwillig en vreugdevol gaven schonk, O HEER, G*D van Avraham,
Yitschak en Israel, onze vaderen,
bewaar voor eeuwig zulke bedoelingen en gedachten in het hart van uw volk, en richt hun hart op U!
Schenk Salomo, mijn zoon, dat hij met een volkomen hart uw geboden,
getuigenissen, en uw verordeningen bewaart,
en dat hij het paleis bouwt waarvoor ik
de voorbereidingen
heb getroffen!?" -
DIT
is het slotkoor,
waar de gesloten cirkel van TeNaCH
altijd weer naar terugkeert:
G D
is vader,
David is koning,
Salomo is prins-regent;
en in een land waar de wet niet alleen nauwgezet
maar ook vreugdevol wordt nageleefd,
staan alle werklieden klaar om met de bouw van een grootse tempel
te beginnen.























ZO
ook zijn ons hart,
onze ziel
en ons verstand
bedoeld als dienaren
die ons lichaam bouwen
als tempel voor de geest
van
G*D:
een 'besneden' hart,
een 'onderworpen' ziel
en
een 'dienstbaar' verstand,
m'n liefje,
WAT
wil je nog meer?
That's all we need:
a little bit of love from our friends
and an open mind for
G*D
...

Asih, man, 81 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende