Trouwe opvoedvraag: hoe raken totaal vervuilde puberkamers ooit nog opgeruimd? Zelf vindt 't pubertje die puinhoop 'gezellig'! Ofzoiets?
Maar hopelijk niet allen 'helemaal': 'de kamer van 'n pubertje stinkt, schimmelt, rot' ~ hoe stimuleert d'r/z'n pa/moe dan tot het hanteren van stofzuiger & poetsdoek? Iris Pronk: De zolder is 'n no-go-area: ook de werkster komt 'r niet. Die vist haren uit doucheputjes, schrobt de aangekoekte oven schoon, maar die zolder, dáár begint ze niet an! Dáár huist 'n puber (hij/zij/het) bv. 'n meisjesexemplaar: haar ka-mer(tje) is 'n ware vuilstort van chipszakken, klokhuizen, onderbroeken, glazen, handdoeken, schoolboeken, huiswerk, eyeliners en sport-kleren & Zèlf noemt ze die puinhoop 'gewoon gezellig'!? Bij haar vader (bv.) roept die kamer heel andere associaties op: ongedierte! Ver-loedering! "Ga die zooi 's 'n keer opruimen! Pak 'n stofzuiger & 'n emmer sop!" Z'n dochter snapt die urgentie niet: "Zooi? Waar dan?" ~
"Straks krijgen we muizen!", probeert pa (of ma) dan. Dochterlief haalt d'r schouders op. Tenslotte loopt deze va zelf naar boven met 'n vuilniszak & daarin mikt hij alles wat stinkt & schimmelt. 't Effect is nada: z'n dochter ziet geen verschil! Hoe krijgt hij haar nu WÈL zo ver dat ze d'r kamer opruimt? Goeie vraag, zegt Marina van der Wal, die samen met Jan Dijkgraaf 'Het enigebechte eerlijke opvoedboek' (2012) schreef. "Die rotzooikamer staat i/d ergernissentop-drie, samen met 'niet-luisteren' & 'huiswerkgedoe'!" De slonzigheid van pubers wordt deels veroorzaakt door hun nog ('ietwat'

onderontwikkelde hersenen, zegt Van der Wal! De prefrontale cortex regel planning, con-trôle, ordening, & is pas ná 't 20ste levensjaar volgroeid. Met 'n beetje pech (so I am told) vloeit die vervuilde puberkamer over i/d ran-zige studentenkamer. Daarna (maybe) is 'r hoop? Van der Wal wijst, naast die prefrontale cortex, ook andere schuldigen aan: de ouders!
"De meeste pubers zijn razend verwend, hun ouders waren hun PERSONAL ASSISTENTS! ZÈLF opruimen, dàt hebben kinderen domweg nog nooit geleerd!" Stofzuigen, blèh. Opruimen, boeiùh. EMOTIES, dáár draait 't puberleven om! "En dan nog 't liefst vooral leuke emoties waarbij do amine vrijkomt!" ('Wij zijn immers ons brein'?!) Dat stofje maakt pubers blijer, 't schoonmaken van hun kamers niet! Waarom zouden ze 't dan doen? 'n Beloning kan helpen, zegt ze: "Pubers zijn daar heel erg gevoelig voor, net als voor complimentjes!" Beloof die slons dat felbegeerde T~shirtje, dat je haar toch allang had willen geven. Of 'n avondje totale zeggenschap over de afstandsbediening ...
Ook variabel zakgeld kan 'n positieve prikkel zijn, zegt Yvonne van Sark, auteur v/h boek 'Puberbrein binnenstebuiten'. Hoe schoner zo'n kamer, des te voller die puberportemonnee. Nog 'n suggestie: bied aan om samen die kamer op te pimpen: maar éérst opruimen! Laatste advies van Van der Wal: trek gewoon die deur dicht. Probeer te vergeten dat 't daarachter rot & stinkt. Zet vallen voor de muizen (& hun eventuele nijvere nageslacht)! En stel wel 2 regels is: niet eten & drinken op je kamer! Èn kleren die niet in de wasmand terechtkomen, BLIJVEN VIES! Reageren? Of ZÈLF 'n opvoedvraag insturen? Mail iris.pronk@trouw.nl! Erg herkenbaar ook al was ik 'n halve eeuw geleden puberend: nu z'n 't vooral (alleen nog maar) stapeltjes 'oud papier' (nog te lezen) & schone kleren (waarom alles opbergen)?! Maar ja ...
