WAT
me vooral
opvalt is de
verscheidenheid en het geduld!
Aan de ene kant heb je zoiets als
EEN
oorzaak
die zich opsplitst in schijnbaar oneindige verscheidenheid
en aan de andere kant ons geduld om er ook maar iets van te snappen?
Niet alleen de mydiertjes zijn heel verschillend van elkaar [en vaak ook 'hetzelfde'?],
maar elk
MOMENT
is anders dan het vorige [voor degene die daar oog en oor voor heeft!] ...
Het puberale gemekker en geblaat kent geen einde en gaat alsmaar door elke generatie weer.
EN
het geduld van de ouders moet haast wel eindeloos zijn om al die tomeloze hormonale energie
in banen te leiden om er toch nog
IETS
van terecht te laten
komen?
Geen
wonder dus
dat die oorspronkelijke
muchomachobonobonalen er allerlei potjes
van maakten!
Vissen
piepklein en
huizenhoog, de gekste
en raarste vogels, insekten,
reptielen, zoogdieren en mensen.
Doodnormaal dus dat we zoveel
rare geluiden produceren en
alle zeeen, continenten
en hemellichamen
willen bevolken
als we de kans krijgen
met al dat oceanische gedoe,
gefladder en gezweef, geprik en geprak,
getrommel en gedans in het water, de lucht,
op bergen en in dalen
met al wat daaraan
vastzit?
ZO
kolossaal verklaarbaar
en waarschijnlijk dan ook
dat alle godsdiensten vanaf het allerprilste begin
in water en lucht en op het land die 'goddelijke werkelijkheid' representeren
door middel van allerlei sacrale teksten in de vorm van mydiverhalen
waarin tradities, mythen, sociale gewoontevorming
en de meest opmerkelijke zeden,
normen en waarden {?}
hoogst[on]gemakkelijk
in elkaar overgaan
alsof het niets
[of alles?]
is
...
DAT
alles
was kenmerkend voor onze 'premoderniteit'!
WAT
gebeurt er dus in onze 'moderniteit', als het premoderne wereldbeeld moet plaatsmaken
voor het 'moderne wereldbeeld'?
DAN
worden tradities,
mythes, sociale gewoontes en zeden, normen en waarden
UIT
het ['al']omvattende 'mydiverhaal' gelicht en allemaal [liefst]
afzonderlijk geinterpreteerd!
Dat leidt dan dus weer
tot een totaal andere benadering dan die tot dusver in tempels en kerken e.d.
gebruikelijk was; de kwestie wordt nu: in hoeverre is hetgeen als geschiedenis verteld werd
nog eigenlijk wel historisch betrouwbaar?
HOE
[in 's hemelsnaam?]
moet datgene wat als mythe bedoeld is
ZO
worden uitgelegd dat wij er nog wat mee kunnen?
Het standaardantwoord is dat de mythe moet worden 'ontmythologoseerd', zoals Robinson dat in de jaren zestig in navolging van Bultmann noemde ...
Nog daargelaten of dat juist is,
voor de godsdienstsociologie van het bijbelse tijdvak werd weer een andere vraag relevant:
WELKE
sociale gewoontes, welke zeden en welk rechtssysteem kunnen wij ontdekken in de voorschriften
van bijvoorbeeld de thora en wat betekenen die voor
ONS?
Enzovoort!
De letterlijke lezing van het verhaal
wordt tegenwoordig nogal eens vervangen door wetenschappelijk onderzoek naar de betrouwbaarheid
van mededelingen van respectievelijk historische, mythische, sociale en ethischeaard.
Wat vanouds het verhaal bijeenhield wordt nu soms door wetenschappelijk onderzoek uit elkaar getrokken en aangeboden als aparte stukjes tekst die dan ook met historische, literaire of sociologische onderzoeksmethoden worden onderzocht!
De consequentie is dan ook dat het verhaal als literair genre uit de belangstelling verdwijnt ...
Maar wat niet verdwijnt is de opvatting
dat de bijbeltekst blijvende religieuze betekenis heeft en dat die betekenis
door onze 'uitlegkunde' [alweer] kan worden ontdekt.
Dus het aloude schema van
letterlijke en dieper liggende
geestelijke betekenis van de bijbeltekst blijft bestaan,
zij het na door het filter van het wetenschappelijk onderzoek te zijn gegaan.
Sommige wetenschappers menen dan ook dat dit model in
ALLE
theologieen van de moderniteit te kunnen aanwijzen hoe verschillend die onderling ook mogen zijn ...
Ze gaan immers allemaal uit dat de religieuze
betekenis van de [bijbel]tekst - in scherp onderscheid tot zijn
waarheid - transparant is te maken door haar uit te leggen met behulp van modellen van algemeen menselijke ervaring [bijvoorbeeld existentiefilosofie of taalfilosofie]!
De enige uitzondering op dit model lijkt de openbaringstheologie van Barth te zijn,
maar dat is slechts schijn [volgens Hans Frei].
Dat blijkt uit zijn analyse van het model van die theologie.
Het uitgangspunt is dat de unieke waarheid van het christelijk geloof alleen maar door goddelijke openbaring gekend kan worden en om dat te ontdekken is geloof nodig.
Dat geloof heeft geen andere zekerheid dan onvoorwaardelijk te vertrouwen op "G ds openbaring"!
Hebben we nu een rond, ovaal, vierkant, driehoekig of nog [veel] meerhoekige mydiologie te pakken?
Maar om in te zien dat dit
"ZO IS",
is [nog]
MEER
dan geloof nodig ...
Want
WAT
wordt van mensen gevraagd?
Van mensen wordt blijkbaar [schijnbaar?] gevraagd dat we, om de unieke waarheid van het evangelie te ontdekken [de
betekenis] van het geloof] iets voor WAAR aannemen op 'gezag' [de
waarheidvan het geloof]. En daarmee kom je nietuit boven de door Descartes aangewezen cirkelredenering
van geloven op gezag?
Dat gaat niet;
iets aannemen op gezag kan geen bewijs vervangen en is zelfs geen geloof.
Je moet daarom voncluderen [zegt Frei], dat stilzwijgend is verondersteld dat er een gebied van menselijke ervaring bestaat waarop zowel het evangelie als de algemeen menselijke ervaring haar licht laat schijnen en dat beide hetzelfde op dezelfde wijze belichten.
HOE
zouden anders mensen die nooit geloofd hebben tot geloof gekomen kunnen zijn?
En
ZO
ging het toch in alle missie- en zendingsreizen?
OOK
de theologie van Barth ontkomt er niet aan om een beroep te doen op algemeen menselijke ervaring ...
Hardnekkige ontkenningen overtuigen niet!
Frei is van mening,
dat de opvatting dat achter de letterlijke betekenis de eigenlijke betekenis zou liggen
en dat die eigenlijke betekenis uitgesproken of stilzwijgend aansluit bij algemeen menselijke ervaring,
kenmerkend is voor
HEEL
de theologie van de moderniteit.
Daar zit de oprechte bedoeling achter het oude evangelie weer [alweer?] relevant[er] te maken
voor de 'moderne mens'.
Om dat doel te bereiken
ontkomt de theologie er niet aan een gemeenschappelijke grond ['common ground'] te claimen
voor zowel algemeen menselijke ervaring
als christelijke openbaring.
Het kan gewoon niet anders.
@



