Het ging hier waarschijnlijk om een soort van mystieke ervaring, waarvan hij al eerder & vaker ook o.a. in de [tweede] brief aan de Korinthen heeft geschreven, dat hem zo'n veertien jaar geleden ook iets is overkomen, aan het begin dus van z'n "universele verkondigingstaak".
Uit bescheidenheid spreekt hij hier over zichzelf in de derde persoon [2 KOR 11]
Jullie staan me wel toe dat ik een beetje dwaas doe: daar heb je vast geen bezwaar tegen.
Ik waak over je zoals G d over je waakt. Ik heb je aan EEN man uitgehuwelijkt die de Gezalfde heet, & ik wil je als 'n kuise bruid aan hem geven. Alleen vrees ik dat, zoals Eva door de slang op sluwe wijze bedrogen werd, je gedachten werden weggelokt van de oprechte & zuivere toewijding aan de Bevrijder.
Je hebt er immers geen enkel bezwaar tegen dat iemand jullie een andere Yehosjoea verkondigt dan wij hebben gedaan, of dat je een andere Geest of een ander euangelium ontvangt dan je al voorheen ontvangen hebt?
[2 KOR 12] IK WORD ER WEL TOE GEDWONGEN OM HOOG VAN MEZELF OP TE GEVEN. DAAROM ZAL IK, HOEWEL HET GEEN ENKELE DOEL DIENT, 'T HEBBEN OVER VISIOENEN & OPENBARINGEN DIE DE HEER ONS SCHENKT; IK KEN 'N VOLGELING VAN DE VERLOSSER DIE VEERTIEN JAAR GELEDEN TOT IN DE DERDE HEMEL WERD WEGGEVOERD - IN Z'N LICHAAM OF BUITEN Z'N LICHAAM, DAT WEET IK NIET, DAT WEET G D ALLEEN. MAAR IK WEET DAT DEZE MAN - IN Z'N LICHAAM OF ZONDER, DAT WEET IK NIET, DAT WEET G D ALLEEN - WERD WEGGEVOERD TOT IN HET HEMELS PARADIJS EN DAT HIJ DAAR WOORDEN HOORDE DIE DOOR GEEN MENS MOGEN WORDEN UITGESPROKEN. VAN ZO IEMAND WIL IK HOOG OPGEVEN. WAT MIJZELF BETREFT ZAL IK ME SLECHTS OP MIJN ZWAKHEID LATEN VOORSTAAN. EN ZELFS AL ZOU IK HOOG VAN MEZELF WILLEN OPGEVEN, DAN NOG ZOU IK GEEN DWAAS ZIJN, WANT IK ZOU DE WAARHEID SPREKEN. MAAR IK ZIE ERVAN AF, WANT IK WIL WORDEN BEOORDEELD OP GROND VAN WAT MEN VAN MIJ HOORT EN ZIET, NIET OP GROND VAN DE UITZONDERLIJKE OPENBARINGEN DIE IK HEB GEKREGEN. OM TE VERHINDEREN DAT IK MEZELF ZOU VERHEFFEN, WERD MIJ 'N DOORN IN 'T VLEES GESTOKEN: IK WORD GEKWELD DOOR EEN ENGEL VAN SATAN. IK HEB DE HEER DRIEMAAL GESMEEKT OM MIJ VAN HEM TE BEVRIJDEN, MAAR HIJ ZEI: 'Je hebt niet meer dan m'n genade nodig, want kracht wordt zichtbaar in zwakheid!'
Dus laat ik mij veel liever voorstaan op mijn zwakheid, zodat de kracht van de Zaligmaker in mij zichtbaar wordt. Omdat deze Gezalfde mij kracht schenkt, schep ik vreugde in mijn zwakheid: in beledigingen, nood, vervolging en ellende. In mijn zwakheid ben ik sterk. Ik heb me aangesteld als een dwaas, maar jullie hebben me ertoe gedwongen.
Je had me moeten aanbevelen. Want ik mag dan onbeduidend zijn, ik doe toch echt niet onder voor die gweldige apostelen. Allen wat een apostel tot een apostel maakt, heb ik jullie laten zien: elke volharding, alle tekenen en wonderen, elke kracht.
Jullie zijn in vergelijking met al die andere gemeenten niets tekortgekomen, op maar EEN ding na: ik heb je niets gekost. Vergeef me deze onrechtvaardigheid. Ik sta klaar om je nu voor de derde keer te bezoeken, & ik zal je weer niets kosten. 't Gaat me dus niet om je geld, maar om jezelf!
Niet de kinderen moeten voor de ouders sparen, maar de ouders voor de kinderen. Ik wil graag alles wat ik bezit aan jullie geven, tot mezelf toe.
Kortom: hij heeft 't over doodgewone algemeen menselijke zaken zoals ouders en kinderen, opofferende liefde & geduldige trouw, eerlijke oprechtheid zonder reserves, allesomvattende rechtvaardigheid & alles waarover 't gaat in wet & profeten: je naaste behandelen als jezelf & 't kwade nalaten waarvoor je ook zelf gespaard wilt blijven.
Als 't OT 'n vergrootglas is dan is 't NOT z'n brandpunt: de illustratie van wat menszijn betekent ...