Wat
ons voorgeschilderd
wordt in G ds geest,
begin/einde, woestheid & tederheid, doods/levend &
duisternis/licht, oervloed/levensrivier, water/land, nacht/dag, droom & daad is de universele mens Adam &
Eva: 'n twee-eenheid die de bron vormt van alle daaropvolgende ontwikkelingen & gebeurtenissen in ons!
We leven allen in dat ritme van avond/ochtend, middernacht & middag temidden van 't oceanisch water en
een hemels oergewelf waar we thuis zijn geraakt tussen zon, maan en sterren als tijd- en ruimtereizigers?!
We kunnen niet meer zonder 't besef van milieu temidden van jong groen & ontkiemende zaadvormende planten & allerlei bomen die vruchten dragen met zaad erin: we zijn zelf 't gevolg van zaadstreng en eier-stok, mannelijke & vrouwelijke hormonen in dezen & genen! Afhankelijk van lichten aan 't hemelgewelf en
binnenin ons. Waar zijn we nog als we die lichtgevende functie niet {h}erkennen binnenin en rondom ons?
In de beeldende taal van Gargon van 300 jaar & Sjapo & de Evangelisten van 2000 jaar geleden heet het:
Maar was dit in het algemeen wegens den vernederden staat van den "Messy Jas" te wachten, dat zich veelen aan hem ergeren zouden? Wat ergernissen waren 'er te vreezen voor die hem in deezen uitersten nood zouden zien, en in den laatsten levens-nachten worstelen tegen zijne geestlijke en tijdlijke vyanden,
en als de snoode Verrader, Judas, aan 't hoofd eener krijgsbende den Heiland overleveren, vangen, span-nen, aan den Richter overgeven zoud? Hoe zouden zy kleinmoedig worden? Hoe aarsselen? Hoe ook nu & hier beangst en twijfelmoedig worden? 't Zat al besloten in 't hele voorspel tussen de duisternis &
't licht van Miryam & Yoseef, 't leven op aarde via symbolische mydimensverhalen over onze scheppingen & de daaropvolgende apocalypsen. Dit alles is 't oermydimensverhaal opnieuw verteld & van beelden voor-zien voor mydimensen van alle plaatsen & tijden: onder & ondanks alle omstandigheden moed te vatten & 't eeuwige licht in 't water te kunnen zien schijnen. Als je kunt zien dat het goed is ben je bezig om het van 't kwade te onderscheiden. Wijzelf zijn {tat tvam asi: rak kach!} die levende wezens in, op & nu ook
boven de aarde die zwemmen, wemelen, vliegen & ons her en der spoeden met de snelheid van 't licht ...
Wel te recht, & gantsch tijdelijk wapent daarom ook Christus de zijnen tegen dien schroomlijken dag, en toont, wat gevaar zy allen zouden lopen, inzonderheid Petros, die op gewaande krachten steunde,
en zijn onwrikbaare standvastigheid breed uitmeet! We worden in feite gerustgesteld en verder aangemoedigd door al die mydimensverhalen over de grote zee~ & landmonsters & alle soorten levende wezens waarvan water, land & lucht wemelen in onvoorstelbare hoeveelheden in, op & boven 't vruchtbaar
groen dat blijft groeien en bloeien ondanks alle menselijke wandaden, hoogmoedigheden & aanrandingen
die telkens weer blijken plaats te vinden dichterbij en verderaf? Wie eet & drinkt, poept en plast ook:
zowel lichamelijk, geestelijk als sociaal! Tot straks of later tussen zon & regenbui door:
't kan verkeren
...