toen kwam er 'n atoomolifant met 'n hele grote ...

Judas was dus blijkbaar ook zo'n Januskop?

Maar
voor dien heilloozen
spreekt Mosjiach Yehosjoea hier niet [meer] maar alleen voor deezen,
die hem dus verre trouw bleven [aldus Mat Gargon van 300 jaar geleden
over 'de gebeurtenissen' van rond 't jaar 30?]! Onder deezen was Judas niet meer,
schoon hy voormaals onder hen
gerekent wierd.

JC eischt
dan vrijgelei voor deezen,
die, hoe trouw en ijverig, nochtans de kracht uit de hoogte van nooden hadden, om versterkt,
en tegen 't lijden gewapend te worden; en die nu, waren ze mede gevangen geworden,
menschlijker wijze gesproken, allen afgevallen, en JC verlochent zouden hebben,
gelijk Petrus hierna
zal doen.

Zo komt
die menschlievende
Hoogpriester onze menschlijke zwakheden te hulpe,
en lege ons niet meer op, dan wy dragen konnen. Thans komt de schaare toe, schiet den Heiland verwoed op 't lijf, slaat de handen aan hem, en grijpt den onschuldigen. Die magt wierd hen nu gegeven; daar zy voorheen hem noit dorsten, noch konden grijpen, als de groote Raad hen daar toe uitzond:
maar zijn' uure was nu gekomen, de uure der duisternisse
was nu geboren.

De vervaarde Discipelen ziende, wat 'er gaande was,
en hoe Yesjoea gevangen wierd, denken om wraak te nemen, en zeggen: Heere,
zullen wy met den zwaarde slaan? Geweld met geweld keren? Het zwaard gebruiken ter verdediging?
Dat de Discipelen twee zwaarden hadden, is van Lukas aangewezen; doch of 't zwaarden waren,
om struikroovers, die het Joodenland vervulden, af te weren; dan of 't groote messen zijn geweest,
om de Paaschlammeren te slachten, of tot ander gebruik, schijnt ons van te klein belang,
om wijdlopig na te vorsschen.

En dat sommigen
het mes van Petrus, onder hunne Kerkschatten vertonen,
dat kostlijk vercierd, en met een konstig ingeleid en volaardig hecht voorzien is, bewijst niets,
dan de ligtgelovigheid der geenen, die 't voor het mes
van Petrus houden,

Wijslijk
raadplegen de H. Apostelen
den Heiland, of zy met den zwaarde slaan,
en toeslaan zullen: maar doldriftig trekt Petrus van leer, zonder 's Heilands antwoord af te wachten,
en slaat den dienstknecht des Hoogenpriesters, en hieuw hem zijn rechter oor af.
De dienstknecht des Hoogenpriesters, Malchus, schijnt ijveriger, als de krijgsknechten, toegeschoten
te zijn, om JC te vangen, en zijns Meesters eer te verdedigen: maar Petrus, die vol vuur en drift was,
en belooft had meer, dan zijn amptgenooten te doen, zal dien voorbarigen dienstknecht,
eenen stouten slag toebrengen: doch in plaats van 't hoofd te kloven,
het rechter oor
afhouwen.

Ook David
had het er 1000 jaar
daarvoor al over in Psalm 109:
in onzekeren tijden [wanneer dan ook] is het handig
om enige hulp te ondervinden van waar
en hoe dan ook?!

G d,
die ik loof,
blijf nu niet langer zwijgen,
want vijandig en bedrieglijk is de mond van hen die mij beschuldigen,
hun tong spreekt niets dan leugens, ze bestoken mij met woorden van haat,
zonder reden bestrijden ze mij
!

Ik bid voor hen,
maar mijn liefde roept vijandschap op,
ze vergelden goed met kwaad, woorden van haat
zijn de dank voor mijn liefde
:

'Wijs
een gewetenloos man aan
die hem aanklaagt bij de rechter.
Dat hij schuldig wordt bevonden en
dat zijn gebed
God niet
bereikt.

Dat zijn dagen geteld zijn,
een ander zijn ambt overneemt, dat hij zijn kinderen vaderloos,
zijn vrouw als weduwe achterlaat. Dat zijn kinderen bedelend rondzwerven, naar eten zoeken in het puin van hun huizen, dat schuldeisers beslag leggen op zijn bezit en vreemden roven wat hij moeizaam verwierf. Dat niemand hem trouw blijft, niemand zich ontfermd over zijn kinderen, dat zijn nageslacht
voorgoed verdwijnt, hun naam na hun leven wordt uitgewist. Dat de schuld van zijn voorouders de Eeuwige
Yahweh {G d} in gedachte blijft, de zonde van zijn moeder niet wordt uitgewist, dat hun zonder en schuld
de Eeuwige Yahweh {G d} steeds voor ogen staan en niemand op aarde hun naam nog gedenkt.
Want hij bewees aan niemand trouw, hij vervolgde zwakken en armen, wanhopigen dreef hij de dood in.
Dat de vloek die hij liefhad hem treft, de zegen die hij aan ander misgunde hem nooit ten deel zal vallen. Dat de vloek hem als een mantel omhult, zijn lichaam vult als water, zijn gebeente doordringt als olie. Dat de vloek als het kleed is dat hij draagt,
als de gordel die hij dagelijks omheeft!'

Laat
ZO
de Eeuwige Yahweh
{G d} mijn aanklagers straffen,
hen die zelf over mij dit kwaad afroepen.
Maar jij, G d, mijn Meester, doe voor mij wat tot eer van jouw naam is: bevrijd mij, jij bent goed en trouw.
Ik ben verzwakt en arm, gewond
in het diepst van mijn hart.

Ik verdwijn als een schaduw die lengt, als een sprinkhaan die wordt afgeschud;
mijn knieen zijn slap van het vasten, ik ben tot op het bot vermagerd.
Ik wek de lachlust op, wie mij ziet schudt meewarig het hoofd.

Help mij,
Eeuwige Yahweh, mijn G d,
red mij in jouw trouw, dan zullen zij weten dat het jouw hand is, dat jij, Eeuwige, dit hebt gedaan.
Komt van hen de vloek, van jou verwacht ik zegen, schande over mijn belagers,
vreugde over jouw dienaar, hoon zal het kleed zijn van wie mij aanklagen,
schande de mantel waarin zij zich hullen.
De Eeuwige G d Yahweh zal ik prijzen met luide stem,
hem loven te midden van velen,
hij staat de armen ter zijde
en redt hen uit de greep
van hun rechters
...

DAT
was dus
zo'n 3000/2000/300 jaar
geleden in de woorden van
bijvoorbeeld 'n "David", "Yehosjoea", "Gargon" e.d.
?
!
Ondertussen vormen alweer zo'n zestig jaar Israels Palestijnse Arabieren
rond de 20% v/d bevolking van Israel binnen de grenzen van voor juni '67
[waarover we het al eerder en vaker tamelijk uitvoerig hadden] en worden vreselijk gediscrimineerd!
Of je daar 't tsionisme voor aan moet vallen is een open vraag, maar deze huidige opzet van Israel
is wel een vreselijk tragische weeffout
voor alle betrokkenen
dag in dag uit!

Voor
veel mensen
vormen de z.g. 'godsbeloften' aan de aartsvaders
de [enige] echte onderbouwing van Israels bestaan. G d heeft volgens sommige
Erets Jisraeel gegeven aan de nakomelingen van Avraham {aka Abraham/Ibrahim},
Yitschak & Ya'akov/Israel! Die grenzen van Erets Jisraeel zijn lang niet op elke plek
in de bijbel hetzelfde: maar het hart ervan is niet de kuststreek en niet de Negev,
maar de huidige
"Westbank"!

In
't bijbelboekje
Dewariem/Deuteronomium, geeft
Mosjeh in de eerste drie hoofdstukjes een recapitulatie.
Bij die hervertelling v/d 'bijbelse geschiedenis' van meer
dan 3300 jaar geleden wordt herhaaldelijk benadrukt dat er ook
allerlei andere volkeren zijn die van G d
hun land hebben
'gekregen'?
"Straks
komen jullie
door het gebied
van jullie bloedsbroeders:
jullie staan op 't punt 't gebied
van jullie verwanten, de zonen van Esav,
die in Seier {Petra/haSela haAdom!}, door te trekken.
Zij zullen vreselijk bang voor jullie zijn maar jullie moeten
jezelf goed in acht nemen & hen niet uitdagen! Je moet oppassen
om geen oorlog met hen te beginnen want ik geef jullie nog geen voetbreed, nog niet
't allerkleinste stukje van hun land: want het bergland van Seier heb ik immers aan Esav als erfgoed
gegeven?! Het voedsel dat jullie nodig hebben moet je gwoon van hen kopen, en ook voor jullie
drinkwater moet je hun betalen. Want de Eeuwige {YHWH} jullie G d, heeft jullie gezegend in
alles wat je ondernomen hebt. Hij heeft op heel die tocht door de grote woestijn {Sinai}
over je gewaakt. De Eeuwige Yahweh, jullie G d, stond jullie ter zijde, veertig jaar lang,
en het heeft je aan niets
ontbroken
!"


Hetzelfde
kenmerkende mydibijbelverhaal
na onze broeders in de Seier, Esavs afstammelingen,
t.a.v. de route die van Elat & Etsjon Gever door de Arava loopt
naar de woestijn van Moav:
"Niet vijandig bejegenen
die Moavieten & niet tot oorlog uitdagen!
Want ik geef je van hun land niets in bezit!
Ik heb Ar immers aan de nakomelingen van Lot gegeven:
vroeger woonde daar 'n groot & machtig volk der Emieten & reuzen zoals de Anakieten & Refaieten!
In Seier woonden vroeger de Chorieten, maar de afstammelingen van Esav hebben zich van hun land
meester gemaakt door hen uit te roeien en zich in hun plaats daar te vestigen, net zoals de Jisraelieten
gedaan hebben met het land dat de Eeuwige hun in bezit heeft gegeven. OOk van het land van de Amo-nieten geef ik je niets
in bezit
!"


Anyway,
om dit
lange verhaal korter
te maken & 't simpel te houden:
door allerlei historische ont- & verwikkelingen
van meer dan 3000 jaar vol met wrede grootmachten & heidense superpowers,
Molochs, Ba'als, Mammons, Egyptenaren, Assyriers, Babyloniers, Perzen, Turken, Arabieren en allerlei andere Russische, Britse, Franse & Duitse schurken [e.d.] is Israel 'nu' vooral gevestigd op land dat niet
zondermeer tot 't oeroude Erets Jisraeel behoort! Weliswaar niet op de bovengenoemde gebieden, want
die liggen allemaal ver ten oosten van de rivier de Yardeen & de Arava, maar wel op stukken die niet
tot 't 'oorspronkelijke' "Heilige/Beloofde Land" behoorden?!
Israels Arabische staatsburgers kunnen zich nu dus niet
meer beroepen op DEUT 2:4-5, 2:19 enzovoorts.
En al evenmin op andere bijbelplaatsen om
hun eventuele wankele
posities alsnog te
versterken?!

Zij
zijn geen
'nakomelingen' meer
van een v/d 'aartsvaders',
& komen uit alle windrichtingen
van de afgelopen duizenden jaren met grootmachtbezettingsmachten.
Zij vallen 'doodgewoon' onder alle andere algemene bijbelregels voor het goed behandelen van je naaste
en van de ingezetenen, vreemdelingen, vluchtelingen, rassen, rangen en standen v/d hele wereld!
Maar een speciale bescherming door G d van hen als 'volk' {waar kwamen de Filistijnen vandaan?},
Hoe dan ook: die algemene menselijke bijbelregels zouden genoeg moeten zijn in dit geval!
Maar dat blijken ze helaas niet te zijn want Joden zijn als alle andere volkeren geworden.
Een ander volk [een ander mens] een normaal bestaan gunnen is nogal moeilijk.
Daarom moet TeNaCH er
ook telkens weer op
aandringen
...
Zie:
D:1:1~3:22
we'et-yehosjoea tsiweiti baet hahiw lemor eineicha haro'ot et kal-asjer asah yhwh eloheichem

Yehosjoea heb ik toen op 't hart gedrukt:
"Jij hebt met eigen ogen
gezien wat de eeuwige yhwh, je
g d heeft gedaan met die twee koningen ~
precies zo zal de eeuwige doen met alle vorsten
die je na de oversteek zult treffen:

je hoeft voortaan niet meer bang
voor hen te zijn, want 't is
de eewige yhwh je
g d zelf die
voor je
strijdt

..."
op
her &
der waarts naar
de dierenwinkel voor dinahs
oeroude katten & kippen
& 'n praetje bij den
open haert
11 aug 2008 - bewerkt op 11 aug 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende