schaamhaar

Hoe doldriftig betoont zich Kajafas, pm iets te vinden tegen den onschuldige, hy staat zelfs overtuigt,
dat het getuigenis valsch en krachteloos zy, maar zal echter Yehosjoea niet onschuldig verklaren; want
dat ware zich zelven en geheel den Raad veroordeeld: hy legt in tegendeel Yesjoea lagen, en zoekt hem te verstrikken. Hy vat het stuk hooger op, en wil uit 's Heilands eigen mons eene beschuldiging perssen,
en bezweert hem rond uit te belijden, of hy de langbeloofde Masjiach, en de waare Zoone G ds zy.

Hier meint hy Yesjoe te vatten, en grond van doodvonnisse te vinden. Want bekent hy den Masjiach te wezen, zo zal hy den haat van 't gantsche volk op zich laden, dat zulk een gering en ongeacht mensch als Yehosjoea, voor den Masjiach noit erkennen zal. Hy zal 't Roomsch gezach naar de kroon steken, als hy zich Koning der Jooden noemen zal. En zegt hy dan Zoone G ds te wezen, 't zal hem tot G dslastering
gerekent worden, dat hy, die een mensch is, zich G de gelijk make.

Zodra heeft ook Yesjoea de bezweeringe niet beantwoord, en volmondig beleden den Messias en Zoone G ds te wezen, of Kajafas stuift op, scheurt zijne klederen, en roept doldriftig: G dlasterin! G dlastering!
wat hebben wy nog getuigen van nooden, ziet, nu hebt gy zijne G dlastering gehoort.


Maar zijt gy Hoogepriester, zijt gy een voorbeeld van den Messias, en zijn Priesterampt, en is 't by u eene lastertaal, als de Messias zegt, dat hy de Messias, en de Zoone G ds is?

Was niet den komste van den Messias, de verwachting van gantsch Israel?

Maar hoe zal die verwachting voldaan worden, zo 't eene G dlastering is, de Messias te zijn?

Wat laster spreekt dan deze Gezalfde/Christos, als hy belijd te zijn, die hy is?

Sprak hy anders, hy was een valsch Profeet, en logenaar, en niet de Messias!
Waarom dit niet onderzocht, of hy naar waarheid sprak?
Dat immers moest de staat de geschils zijn.
Hier toe gaf de Heere zijnen Profeeten te spreken:
hier toe gaf hy merk- en ken-tekenen van den Messias op.
De Messias moest uit Yehoedah, en 't geslacht van David geboren worden.
Is Yesjoe niet uit Yehoedah en David?
De Masjiach moest te Beth Lechem, en moedermaagd ter weereld komen:
is Yehosjoea niet te Beth Lechem, en uit Miryam geboren?
De Masjiach moest in den tweeden Tempel komen, als de scepter van Yehoedah geweken was.
Zijt gy niet onder 't gebied der Romeinen, en in den tweeden Tempel Hoogepriester, o Kajafas?
Moest de Messias geen Profeet zijn, sprak oit mensch en Leeraar zo, als Yesjoea?
Deed oit iemant die wonderen en krachten, die hy deed?
Was oit iemant zo onberispelijk in handel en wandel?
Wat vereischt gy meer en anders in den Messias?
Wederlegt die blijken, of geeft anderen kentekenen.
Zegt niet, hy maakt zich G de gelijk, en roemt, dat hy aan G ds rechterhand zitten moet.
Zo spreken immers alle de Profeeten van den Messias,
noemt hem Yesjayahoe niet den Im-anoe-El, den mensch-G d?
Komt hy niet voor by Yirmeyahoe, als de Yahweh onze gerechtigheid?
Verbeeld hem David niet, als den G d van volkomene zaligheid?
Spreekt Daniel niet van hem, gelijk hier Yehosjoea spreekt:
daar kwam een met de wolken des hemels, als eenes menschen Zoones.
Spreekt Yesjoea, gelijk alle Profeeten, wat misdoet, wat misspreekt, wat lastert hy dan?
Dit zijn graveerselen van den Messias,
en geen G dlasteringen.
[Zie ook o.a.
GEN 49:10/YESH 11:1/MICH 5:1/YESH 7:14/MAL 3:1/GEN 49:10/YESH 7:14/YIR 23:6/PS 68:21/
DAN 7:13 & ZACH 3:9] Yehoedah, jou zullen je broers bejubelen, voor jou buigt de vijand de nak,
voor jou zullen mijn zonen zich buigen. Sterk als een jonge leeuw ben jij, je verovert je prooi, mijn zoon,
en keert naar je leger terug. Yehoedah gaat liggen als een leeuw, vol majesteit vlijt hij zich neer ~ wie zou hem durven wekken
? In Yehoedah's handen zal de scepter blijven, tussen zijn voeten de heersersstaf, totdat hij komt die er recht op heeft totdat tribuut is gebracht aan hem, de heerser die naar Sjilo komt, die alle volken zullen dienen. Aan een wijnstok bindt hij zijn ezel, aan een wingerd het jong van zijn ezelin, in wijn wast hij zijn gewaad, in druivenbloed zijn bovenkleed. Zijn ogen fonkelen door de wijn, zijn tanden zijn wit van de melk.
Uit de stronk van Yisjai schiet een telg op, eens cheut van zijn wortels komt tot bloei. De geest van de eeuwig komende aanwezige zal op hem rusten: een geest van wijsheid en inzicht, een geest van kracht en verstandig beleid, een geest van kennis en eerbied voor die eeuwig komende aanwezige. Hij ademt eerbied door en voor die eeuwige komende aanwezige; zijn oordeel stoelt niet op uiterlijke schijn, noch grondt hij zijn vonnis op geruchten. Over de zwakken velt hij een rechtvaardig oordeel, de armen in het land geeft hij een eerlijk vonnis. Hij tuchtigt de aarde met de gesel van zijn mond, met de adem van zijn lippen doodt hij de schuldigen. Hij draagt gerechtigheid als een gordel om zijn lendenen en trouw als een gordel om zijn heupen. Dan zal een wolf zich neerleggen naast een lam, een panter vlijt zich bij een bokje neer; kalf en leeuw zullen samen weiden en een kleine jongen zal ze hoden. Een koe en een beer grazen samen, hun jongen liggen bijeen; een leeuw en een rund eten beide stro. Bij het hol van een adder speelt een zuigeling, een kind graait met zijn hand naar het nest van een slang. Niemand doet kwaad, niemand sticht onheid op heel mijn heilige berg. Want kennis van de eeuwig komende aanwezige vervult de aarde, zoals het water de bodem van de zee bedekt. Op die dag zal de telg van Yisjai als een vaandel {NES AMMIEM} voor alle volken staan. Dan zullen de volken hem zoeken en zijn woonplaats zal schitterend zijn. Uit jou, Beth Lechem in Efrata, te klein om tot Yehoedah's geslachten te behoren, uit jou komt iemand voort die voor mij over Yisraeel zal heersen. Zijn oorsprong ligt in lang vervlogen tijden, in de dagen van weleer. Totdat de vrouw die zwanger
is haar kind heeft gebaard, worden zijn broeders aan hun lot overgelaten. Daarna zullen wie er nog over zijn terugkeren naar de andere Yisraelieten. Hij zal aantreden en hen als een herder weiden, bkleed met
de macht van de eeuwig komende aanwezige, zijn g d, met de majesteit van diens verheven naam. Zij zullen veilig wonen, want hij zal heersen tot aan de einden der aarde, en hij brengt vrede. Daarom zal de Heer zelf jullie een teken geven: de jonge vrouw is zwanger, zij zal spoedig een zoon baren en hem Im anoe El noemen. Boter en honing zal hij eten, totdat hij in staat is om het kwade te verwerpen en het goede te kiezen. Want voordat de jongen in staat is om het kwade te verwerpen en het goede te kiezen,
zal het land van de beide koningen die jullie zoveel angst inboezemen, ontvolkt zijn, En voor jou, jouw volk en jouw koningshuis zal de eeuwig komende aanwezige een tijd laten aanbreken zoals men niet meer heeft meegemaakt sinds Efrajiem zich van Yehoedah afscheidee: de heerschappij van Assyria.
Op die dag zal die eeuwige de vliegen van de verste waterstromen van Egypte bijeenfluiten, en uit Assyria een zwerm bijen, Ze zullen allemaal komen en neerstrijken in steile rivierdalen en in rotsspleten, bij iedere drinkplaats en op elke doornstruik. Op die dag zal de Heer met een aan de overkant van de Eufraat gehuurd scheermes ~ de koning van Assyria ~ alle haren van hoofd en baard en zelfs het schaamhaar afscheren. Op die dag zal men een jonge koe houden, een geit en een schaap.
Door de overvloed aan melk die ze geven, heeft iedereen ruimschoots boter te eten.
Boter en honing is er voor wie in het land zijn achtergebleven.

Op die dag zal elk stuk grond waar duizend wijnstokken staan ter waarde van duizend zilverstukken,
door dorens en distels overwoekerd worden. Aleen met pijl en boog dringt men er door; dorens en distels
versperren de weg. Hellingen die met de hak zijn bewerkt, zullen onbereikbaar worden door vervaarlijke dorens en distel. Men kan er slechts de runderen heen drijven, het door de schapen laten vertrappen.
Let op, ik zal mijn bode zenden; hij zal de weg voor mij effenen. Opeens zal hij naar zijn tempel komen, de Heer naar wie jullie uitzien, de engel van het verbond naar wie jullie verlangen. Komen zal hij ~ zegt de eeuwig komende aanwezige Heer over alle krachten en machten. Wie zal die dag kunnen doorstaan?
Wie zal overeind blijven wanneer hij verschijnt? Hij is als het vuur van een smid, als het loog van een wolwasser. Hij zal zitting houden als iemand die zilver smelt en het zuivert; de zonen van Levi zal hij zuiveren en zeven als goud en zilver, en dan zullen ze op de juiste wijze offeren aan de eeuwig komende
aanwezige. De offers van Yehoedah & Yeroesjalayiem zullen die eeuwige met vreugde vervullen, zoals in vroeger jaren, zoals in de dagen van weleer. Ik zal naar jullie toe komen om recht te spreken, en ik zal niet aarzelen te getuigen tegen tovenaars en echtbrekers, tegen mensen die meineed plegen en mensen
die hun dagloners uitbuiten, en tegen allen die weduwen en wezen onderdrukken en vreemdelingen geen
plaats meer gunnen, want geen van allen hebben zij ontzag voor mij ~ zegt de eeuwig komende heer van
alle machten en krachten in de hemel en op aarde. De dag zal komen ~ spreekt die eeuwige ~ dat ik aan
Davieds stam een rechtmatige telg laat ontspruiten, die als koning een wijs beleid zal voeren en die in het land recht en gerechtigheid zal handhaven. DAN wordt Yehoedah verlost en zal Yisraeel in vrede leven.
Zijn naam zal zijn "De Eeuwige is onze gerechtigheid". Onze g d is een reddende g d. Bij g d, de eeuwig komende aanwezige, is bevrijding uit de dood. In mijn nachtelijke visoenen zag ik dat er met de wolken van de hemel iemand kwam die eruitzag als een mens. Hij naderde de oude wijze en werd voor hem geleid. Hem werden macht, eer en het koningschap verleend, en alle volken en naties, welke taal zij ook spraken, dienden hem. Zijn heerschappij was een eeuwige heerschappij die nooit ten einde zal komen, zijn koningschap zou nooit te gronde gaan. Ik leg een steen voor je neer, Yehosjoea, een enkele steen, waarop zeven ogen rusten. Ikzelf zal daarin een inscriptie graveren ~ spreekt de eeuwige der machten ~ en in EEN enkele dag zal ik dit land reinigen van alle schuld.
Symbolische oosterse taal, dat wel: maar niet
zonder betekenis voor alle tijden & plaatsen.
Op die dag ~ spreekt de eeuwig krachtige ~
zullen jullie elkaar uitnodigen onder de wijnrank
en onder de vijgenboom.
blozen
27 sep 2008 - bewerkt op 27 sep 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende