Rats kuch & bonen komen om hun loontjes op zand ed

Eindeloze ver- & achtervolgingen tussen de Batavieren, Batavia, Lutjebroek op Langedijk & Ommelandse Binnenlanders van Her & Der ...


Zandlopertjes, mydirariteiten & all kinds of shit like that? Tweeduizend jaar (en meer) vreemde snuiters te land, ter zee & in de lucht!

Niet alleen maar 'binnen onze eigen grenzen' hebben we allerlei rare dingen uitgehaald, maar ook op veel plaatsen ver daarbuiten: nog maar even enkele tamelijk willekeurige greepjes van talloze soortgelijke gebeurtenissen uit ons nabije en verre verleden voor 't mydigeheugen ...

De inheemse havenplaats Jacatra op Java was omringd met een stenen muur. In 1610 had de regent van Jacatra aan de Hollanders toestemming verleend om buiten die muur een handelspost te vestigen. (Jacatra was een vazalstaat van Bantam, een van de grootste rijken op Java.)

Drieduizend gulden kostte het stuk grond van ongeveer 'vijftig vadem in het vierkant'.

Er werd een stenen huis gebouwd, dat zoals de meeste Hollandse forten overal ter wereld "Nassau" werd genoemd. Ook de Engelsen hadden in Jacatra een versterkt gebouw neergezet. Eind 1618 overrompelden de Engelsen het rijk beladen Hollandse vrachtschip De Zwarte Leeuw en gingen aan de haal met de buit. Gewapenderhand slechtten de Hollanders de Engelse versterkingen en brandden de concurrent plat.

De vorst van Jacatra, Widiak Rama, viel de Nederlanders aan, terwijl zij bezig waren om die Engelsen daar te verjagen.
Het povere Hollandse fort, bijeengeraapt van bestaande gebouwen en opgelapte aarden Wallen, was bewapend met veertig kanonnen.
De vorst van Jacatra beschoot de Hollanders met geschut dat ze hem vroeger kado hadden gedaan. Bij gemis aan borstweringen vulde men de bressen in de aarden Wallen net stapels katoenen kleedjes uit India, en verschanst in hun koopwaar hielden de Hollanders stand.

Het hevige zeegevecht tussen Hollanders en Engelsen duurde drie uur, maar bleef onbeslist. Na enig overleg met zijn onderbevelhebbers vertrok gouverneur-generaal Jan Pietersz Coen naar de Molukken om aldaar versterkingen te halen. In het onvoltooide fort bleef een bezetting achter van 'ongeveer 240 man, met 150 ambtenaren, vrouwen en kinderen.' Het bevel voerde Pieter van den Broecke.

Van den Broecke vertoonde een ontstellend gebrek aan beleid en moed. Een wederzijdse kanonnade duurde tot half januari, ook al werd er meer gepraat dan gestreden. Coen had bevolen dat men bij onverhoopte overgave het fort aan de Engelsen moest geven, en niet aan de inheemsen.

Toen de Bantammers dit hoorden, kwamen ze met een leger, en de Bantamse vorst Rana Manggala zette de vorst van Jacatra af.

Tijdens het beleg raakten de voorraden in de Hollandse versterking op, en men viel terug op het gebruik van de primitiefste ammunitie.
De Indische kroniekschrijver Francois Valentijn vertelt: 'Toen kruit en lood verschoten waren, liep de bevelhebber Maagdelijn naar beneden, haalde een ton mensendrek, en wierp die de dood vieze Javanen zo ettelijke malen op de naakte huid, dat die tenslotte afhielden en luid uitriepen: TJEH BINATANG HOLLANDA, TJEH ANDJING HOLLANDA JANG BAKALAY DENGAN TAHI, dat is: Foei gij Hollandse beesten, foei gij Hollandse honden, die met mensendrek vecht!'

Op 28 mei 1619 verscheen Coen op de rede van Jacatra met een vloot van zestien zeilen, bemand met 1220 koppen, onder wie Japanse huur-lingen. Twee dagen later trokken in de vroege ochtend duizend man uit het fort van de vreemdelingen naar de inheemse vesting. Daar lagen zo'n zeven- à achtduizend
29 aug 2010 - bewerkt op 29 aug 2010 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende