Q196 'Ìk ben het, ÉSÀV, uw zoon, uw eerstgeborene'


IK, YITSCHAK, LÍET EEN LANGE STILTE VALLEN DIE MÍJN SCHRÌK VERBEELDEN MOEST.
TÓEN RIEP IK MET DE STEM VAN EEN SCHAAP DAT GESLÀCHT WORDT:
"MAAR WÍE WAS HET DAN DIE ME NÈT ÀL ÉTEN GEBRACHT HEEFT EN DIE ÌK VERVOLGENS GEZÉGEND HÈB?!"


Ìk máákte van Esau's volslagen onbegrip gebruik om daaraan toe te kunnen voegen: 'En díe zégen ZÀL òp hèm blíjven rústen!'

Want een zegen is een zegen, óók àl wòrdt díe door bedròg aan een vader ontfutseld? Wat dus eigenlijk heel erg raar is nu ik erover nadenk: waarom zou je zo'n zégen óók niet weer òngedaan kùnnen maken?!

Tóen Esau éénmaal de betékenis van míjn woorden doorgrond had, wìst Híj ònmìddellijk WÍE hèm dàt kùnstje weer eens geflìkt hàd!!!

Híj sláákte een wìlde, wànhópige kréét die míj als een mès door de ziel sneed! Hij sméékte: 'ZÉGEN MÍJ, ZEGEN MÍJ ÓÓK, VADER!'

Maar ik had niets meer voor hèm óver? Ik híeld VÀN Esau. Ik híeld van zijn ruigheid, z'n levenslust èn zijn móed, vooral omdat ik zèlf díe eigenschappen juist níet bezat! Dáár stònd dan weer tégenóver dat ik me aan Ya'akov verwànt voelde, terwijl ik me bij Esav altijd al afgevraagd hàd hóe ìk in gòdsnaam aan zó'n kind gekómen wàs!?

Mijn handen waren leeg, ik had ÉSÀV níets meer te bieden: ìk wìst dàt Híj ìn dé wóestijn 't gezelschap van Ismail gezocht had en dàt kwam míj heel natuurlijk vóór! Esau was ìn 'het verkeerde gezin' geboren?

14 dec 2014 - bewerkt op 15 dec 2014 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende