Q168b Imagination, Fantasy, Love & Understanding
Ik
schepte er
als kind al genoegen in
om het hem naar de zin te maken en hem in alles te gehoorzamen:
ik had er alles voor over om zijn tevreden glimlach te verdienen. Ik ergerde me aan m'n moeder,
die hem altijd met nukkige opstandigheid behandelde, en ook na-dat hij ons uitgelegd had dat er slechts één ènkele Gòd was,
dé Schèpper van Hémel èn Áárde, dàt àlle àndere goden àfgoden waren, houten of stenen beelden die níets voorstelden,
blééf zíj nog steeds hardnekkig spreken over 'de goden'! Hóe bestònd het dat zíj de leiding níet aanvaardde
van een man die 'met g d communiceerde & converseerde'
àlsòf hij zijn Oudere
Bróer was?
Tegenover hèm
voelde ik geen opstandigheid,
intégendeel, ik genóót van mijn absolute gehoorzaamheid aan hèm, want óók dàt kàn 'n wáár genòt zijn:
je vòllédig ÓVER te geven aan 't Gezàg van 'n Ànder, je éigen WÌL òp te geven,
toegewijd te zijn aan Íemand die véél gróter is dan hij.
Voor míj wáren mijn Váder èn G d één èn dezèlfde, want g d spràk tot mij dóór Abrahams mònd,
MÍJN óren vìngen z'n STÈM níet rèchtstrééks òp, áán & tégen míj
zei híj níets! WÍE zou nu nìet dolgraag
dé Zóón van 'n PROFÉÉT
wìllen zijn?
Híj (zíj/Hèt) ìs het
die ons de wèg wíjst hóe we LÉVEN moeten,
èn lègt de woorden uit die god
tot 'm gesproken
heeft!
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende