Vanaf 't allereerste begin zou je dus 't best kunnen spreken over 'n vaag vermoeden 'dat iets zo is'?
Planten, dieren & mensen tasten onze aarde af net als vuur, licht, gas, water, lucht in lava, magnetisme, vloeistoffen, die zich omvormen in planten- & dierenleven dat zichzelf wil leren kennen, 'g d schept' e.d.
Volgens al die uiteenlopende uitspraken van ongeveer 2000 jaar geleden is 'het koninkrijk' dus niet ver weg ruimtelijk onbereikbaar, onnavolgbaar, mysterieus geheimzinnig uit de duim gezogen & fantastisch, dus ook niet in de hemel boven de aarde of in de wateren onder de aarde!
't Is daarentegen vooral nu, iets innerlijks in Yesjoea's leerlingen, ook al is 't tegelijk ook aanwezig buiten hen?! In de Griekse tekst v/h euangelium van Thomas 3 staat voor 'binnen in jullie' entos humon, net als in Lucas 17:21; omdat 'binnen' hier in tegenstelling staat tot 'buiten', & omdat Yehosjoea hier spreekt tot z'n leerlingen & niet ~ zoals bij Lucas ~ tot de farizeeen, ligt de vertaalkeuze 'binnen in jullie' hier veel meer voor de hand dan in Lucas 17:21?!
Dat het koninkrijk OOK buiten hen is wordt misschien verklaard in 'n spreuk aan het einde van deze hoogstmerkwaardige collectie, waar Yesjoe antwoord geeft op de vraag van zijn leerlingen WANNEER nu eindelijk eens 'het koninkrijk' zou komen: {T 113} "Het komt NIET door ernaar uit te kijken. Men zal niet zeggen: kijk, HIER is 't, of: KIJK, DAAR is 't! Maar 't koninkrijk van de Vader/Moeder is over de aarde verspreid en de mensen zien het [maar al te vaak nog] niet!"
Hier wordt echter niet [definitief] uitgelegd HOE dit koninkrijk over de aarde is verspreid [geraakt]! Zo direct zal blijken dat die uitspraak dat het koninkrijk [ook] 'buiten jullie' is, ook kan worden opgevat als 'n verwijzing naar 't 'bovenhemelse koninkrijk' waar Yesjoea's leerlingen vandaan komen. Volgens het euangelium van T. 3 komt dit koninkrijk [vooral ook] tot uiting in zelfkennis. De oproep 'ken uzelf' was al welbekend in de Griekse wereld, en ook in 't jodendom & 't vroege christendom is 't belang van zie zelfkennis onderkend.
Hiermee kan ondermeer worden geduid op kennis van de herkomst, de diepste identiteit & de bestemming v/d mens. Wie DIE kennis heeft verworven, wordt dan ook volgens deze spreuk in 't evangelie van T. door G d gekend en weet dat hij/zij/het behoort tot de 'kinderen v/d levende Pa/Ma', "G D"!