Over Borsten, Ballen, Hor~ & Feromonen in myDi/LJ?
~*~
Om te
beginnen
moeten we opnieuw doordenken
waar het bij TeNaCH
& evangelie
om gaat
en HOE deze grootheden
tot ons zijn
gekomen.
Wat het
Evangelie betreft
is dat vrij eenvoudig te zeggen:
Euangelion, 'goed nieuws',
werd de standaarduitdrukking voor de boodschap van en over Yeshu,
die naar naam en inhoud geinspireerd was
op de 'vreugdeboodschap'
van Yesjayahu
{YES 40~66}.
Vier
in het Grieks
geschreven 'evangelies'
plus ruim een twintigtal brieven en andere geschriften van Yeshua's 'apostelen' of 'afgezanten'
verwiervan gezag in de 'apostolische kerken'
en werden aangeduid met de term "Nieuw Verbond"
of "Testament".
DIE
uitdrukking
komt weer uit Yirmeyahu {YIR 31:30},
en tot zover is het eenvoudig.
Waar het ingewikkeld wordt, is bij de manier waarop
zulke oudtestamentische achtergronden
doorklinken.
Wat we DAN
moeten bedenken is
dat in ingewikkelde situaties helderheid kan ontstaan,
wanneer we ons hoeden voor TE simpele
denkschema's.
~*~
Van het
Oude Testament
{ik gebruik deze terminologie maar,
me bewust van de bezwaren} bezitten we twee versies
die qua taal, volgorde en inhoud
verschillen.
De Hebreeuwse versie,
TeNaCH {acroniem voor Thora, Neviim & Ketuvim:
Wet, Profeten & Geschriften}, is overgeleverd door de rabbijnen;
de Griekse, de Septuginta,
door de kerkvaders.
HIERIN
is vaak een klassieke tweedeling gezien:
Hebreeuws tegenover Grieks,
'het Hebreeuwse denken in vergelijking
met het Griekse'.
Als schema
kan die tweedeling een tijdlang behulpzaam zijn,
maar uiteindelijk kan zij de concrete werkelijkheid
geen recht doen.
~*~
Rabbijnen
en kerkvaders
leefden in dezelfde wereld,
en al kenden weinig kerkvaders Hebreeuws,
er waren in de oudheid vele rabbijnen
die Grieks spraken.
Grieks
was tenslotte
de verbindingstaal van
het Romeinse
Rijk.
NAAST
het Hebreeuws erkende de MISJNA,
de oud~rabbijnse verzameling van wetten,
dan ook alleen het Grieks als taal waarin de Schrift
mag worden geschreven
en voorgelezen.
De klassieke
Griekse bijbelvertaling was dan ook van Joodse makelij.
Volgens een hellenistisch~Joodse legende werd de Thora, hier NOMOS genoemd, begin derde eeuw v. Chr. vertaald door 70 of 72 priesters
uit Yerusjalayim; vandaar de {Latijnse} naam SEPTUAGINTA: 'zeventig'.
De vertaling van de Profeten en Geschriften moet later gevolgd zijn;
we weten niet in welke omvang
en volgorde.
De vertaling,
vooral van de Pentateuch of Thora, is vrij letterlijk
en moet in Griekse oren nogal 'barbaars' geklonken hebben.
Veel Joden, en later ook christenen, vonden dat juist apart
en een teken van
authenticiteit.
De Hebreeuwse tekst
die aan de vertaling ten grondslag lag
moet enigszins verschild hebben van de later door de rabbijnen overgeleverde.
Anderszijds
kun je soms merken
dat de vertalers interpreteerden volgens bestaande Joodse opvattingen,
of kunnen we platoniserende gedachten herkennen
die in hun kring kennelijk
opgeld deden.
~*~
Nu waren er in de oudheid
vele niet~Joden die graag naar de synagogediensten gingen,
de zogenaamde 'g*dvrezenden'.
Van HEN is Cornelius, de CENTURIO uit Caesarea,
het nieuwtestamentische voorbeeld
in HAND 10:1
ev.}
Volgens
Handelingen
was het uit deze niet-Joodse sympathisanten
met de synagoge,
en in mindere mate uit Joden,
dat in Klein~Asia en Griekenland
de kerken van Paul
gevormd werden.
EN het sprak dus vanzelf
dat ZIJ de GRIEKS~Joodse bijbel overnamen.
ZIJ legden haar natuurlijk op hun EIGEN,
'christelijke' manier uit,
en dat werd EEN van de aanleidingen
waarom er
verschillende versies van
zijn gemaakt.
De Griekse bijbelvertaling
die de proseliet Aquila moet hebben gemaakt
voor r. Yosjoea & r. Eliazar {rond eind eerste eeuw}
werd volgens de Talmud door hen geprezen
om haar schoonheid.
~*~
Het is
daarom
niet toevallig dat de Schrift
die door het Nieuwe Testament
wordt voorondersteld de grieks-Joodse vertaling in zijn verschillende
{ons deels onbekende}
varianten is.
Een goed voorbeeld
zijn Lukas en Handelingen zelf,
twee boeken van dezelfde, waarschijnlijk niet-Joodse auteur,
die zijn verhaal op beslissende momenten in onmiskenbare
"Septuaginta-stijl"
uitdrukt.
DAAROM
is het verantwoord
te stellen dat de woordenschat waaruit de kerk
haar leer op~ en uitbouwde - anders gezegd:
het z..g. christelijk-theologische vocabularium -
via het Nieuwe Testament is ontleend aan de Grieks-Joodse
bijbelvertalingen; daarnaast moet er, bijvoorbeeld bij Paul
die ook Hebreeuws & Aramees sprak, gerekend worden
met de invloed van de Hebreeuwse
Schrift ...
~*~
Ten grondslag
aan het z.g. Nieuwe Testament
ligt dus de Joodse Schrift in haar verschillende Hebreeuwse en Griekse versies, en het is duidelijk dat het daarbij niet alleen om TEKST gaat,
om de geschreven letters, maar tevens altijd om INTERPRETATIE,
om gelezen woorden
en zinnen.
Met
andere woorden:
het Nieuwe Testament
van NA het jaar 0
is gebaseerd op Joodse
interpretatietradities
van het Oude Testament van VOOR
het jaar 0
en DIT is op zich
niets bijzonders!
ELK lezen vooronderstelt immers
interpretatie en traditie?
Als je op school de letters
niet geleerd had,
dan zou je de woorden
nooit kunnen spellen.
Dat een GESCHREVEN TEKST altijd verwijst naar een GELEZEN TEKST
wordt ons geleerd in het mooie verhaal van de wijze Hillel
en zijn wat knorrige collega Sjammai.
~*~
IEMAND
kwam bij Sjammai de Oude
en vroeg:
Meester, hoeveel Thora's zijn uit de hemel gegeven?
Deze antwoordde:
EEN op schrift en EEN in de mond!
Hij zei:
Ik geloof je voor die op schrift,
maar voor die in de mond geloof ik je niet!
TOEN
werd Sjammai kwaad
en stuurde hem weg met een uitbrander.
Hij kwam bij Hillel en vroeg:
Meester, hoeveel Thora's zijn uit de Hemel
gegeven?
Deze antwoordde:
EEN op schrift en EEN in de mond.
Hij zei:
Ik geloof je voor die op schrift,
maar voor die in de mond geloof ik je niet!
TOEN
schreef Hillel het alfabet op en vroeg:
Wat is dit?
Een A, antwoordde hij.
En dit?
Een B.
Hij vroeg:
Maar wie zegt je dat dit een A is en dat een B?
De man antwoordde:
dat heb ik in vertrouwen aangenomen.
En Hillel zei:
zoals je dat in vertrouwen hebt aangenomen,
zul je dit aannemen.
~*~
Het is niet beslissend,
in welke taal we ons het verhaal moeten voorstellen:
de eerste letters van het alfabet klonken bijna hetzelfde
in het Fenicisch of Aramees {ALFA, BETA, GAMLA}, in het Hebreeuws {ALEF,
BET, GIMEL}, of in het Grieks
{ALFA, BETA, GAMMA}.
BESLISSEND is dat je leert lezen door je te 'scholen' in een traditie
die de geaccepteerde netekenis van de letters
overdraagt.
~#~

Asih, man, 81 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende