Vooruit
met de
geit dan maar
weer voor de zoveelste
keer: wat in 't vat
zit verzuurt niet
& blijft
boeien
...
Maar laat ons die rampzaligen overgeven aan zich zelven, die zich aan JC niet willen overgeven,
& nog een woord tot troost der geloovigen spreken.
ZIET,
HOE GROOTE LIEFDE ONS DE VADER GEGEVEN HEEFT,
DAT WY KINDEREN G DS GANAAMT ZOUDEN WERDEN!
dat wy erfgenaamen des levens zouden zijn, erfge-naamen G ds, en mede-erfgenaamen van JC.
Daar toe is JC gestorven, om ons het leven te verwerven.
Daar toe is JC begraven, om den dood zijn kracht t'ontroven, en onze graven te heiligen.
Daar toe is JC opgestaan, om ons een onderpand te geven van onze zalige opstanding.
Daar toe is JC opgevaren, om ons in den hemel plaats te bereiden.
Onz borgerschap is dan in den hemel, waar uit wy ook JC weder verwachten, om ons tot zich te nemen.
Laat ons dan hier aanvanklijk, als hemelborgeren leven.
Laat ons zoeken de dingen, die boven, en onverganklijk, en niet, die op aarde, bedrieglijk, en nietig zijn.
Laat ons niet twijfelen aan die heilgronden, want hy, die 't belooft heeft, is getrouw.
Laat ons alle aardsgezindheid verlochenen, om G d in Geest en waarheid te dienen.
Laat ons malkanderen de heilgeheimen, zo veel mogelijk is, bekend maken,
en altijd van JC en zijne groote verlossinge spreken.
Laat ons geloven, het geen de H.Schrift ons leert; zonder menschen-vonden aan te kleven,
of iemant anders, dan JC aan te nemen.
Wat hebben wy, zonder en buiten JC. en wat konnen wy anders en meer wenschen, dan JC?
Die JC heeft, die heeft meer, dan hy wenschen of denken kan.
Wie zoud dan met heilige verrukking niet uitroepen:
MIJN HEER! MIJN G D!
Hebt gy u zelven overgegeven tot den smertlijken en smadelijken dood des kruices, om my,
my elendigen, my doemwaardigen te verlossen, en tot uw eigendom te krijgen! getrouwe Hoogepriester,
menschlievende G d, verlaat my niet, red, ruk my uit het verderf, en deeze booze weereld,
geef my uwen Geest: versterk mijn geloof, dat ik u lief hebbe,
die my te vooren zo uitnemende hebt lief gehad: dat ik voor u leve,
die uw leven voor my gestelt hebt.
Dat ik in u sterve, want
GY ZIJT MIJN GEWIN IN LEVEN EN IN STERVEN!
Onze Overzetters vertalen het Grieksch:
het leven is my Christus, en het sterven is my gewin.Maar de grondwoorden luiden anders & is van de Fransen overgezet:
Christ m'est gain, & a vivre & a mourir.
Christos is mijn gewin in leven en sterven.
{Zo sprak Sja'oelPaul
Sjapo in ROM 14:8 e.v. ~
KI KA'ASJER NICHYEH LA'ADON WECHA'ASJER NAMOET NAMOET LA'ADON LACGEEN IM-NICHYEH WE'IM NAMOET LA'ADON HINEENOE; KI LAZOT MEET HAMASJIACH WAYAKAM WAYECHI LEMA'AN YIHYEH ADON GAM
AL-HAMEETIEM GAM AL-HACHAYIEM; WEATAH LAMAH-ZEH TADIN ET-ACHICHA O ATAH LAMAH TAVOEZ LE-ACHICHA HALO CHOELANOE ATIDIEM LA'AMOD LIFNEI KISEE DIN ELOHIEMDaar het geloof zo werkzaam, en levendig is, daar is de dood
reeds verslonden tot overwinning,
en in eeuwigheid.
Gelukkig!
die met Paulus
en alle regtgelovigen zeggen kan:
IK LEEF, MAAR NIET MEER IK, MAAR MOSJIACH LEEFT IN MY!
Zulk een leven is een onderpand van het eeuwig hemel-leven,
daar g d alles zal zijn, en in allen.
O leven zonder dood!
O geluk zonder ramp!
O zaligheid zonder einde!
IK WENSCH OM ONTBONDEN,
EN MET YEHOSJOEA TE ZIJN.
IK VERLANG,
om ontkerkerd, en van deezen
AARDSCHEN TAVERNAKEL ONTKLEED TE ZIJN OM MET DIE WOONSTEDE,
DIE UIT DEN HEMELE IS. OVERKLEED TE ZIJN.
MIJNE ZIEL DORST NAAR G D, NAAR DEN LEVENDE G D, WANNEER ZAL IK INGAAN,
EN VOOR G DS AANGEZICHT VERSCHIJNEN?
WANNEER ZAL IK UW AANGEZICHT IN GERECHTIGHEID AANSCHOUWEN,
EN VERZADIGT WORDEN MET UW BEELD?
WANT G D ZAL MIJNE ZIEL VAN 'T GEWELD DES GRAFS VERLOSSEN,
EN MY OPNEMEN
in volzalige heerlijkheid.
Amen, ja Amen.
De
'kern' ervan
zal best wel
kloppen als 'waarheid', maar
om de tijdgebonden 'verpakkingen' als
enige echte letterlijk te nemen
WAARHEID
te beschouwen
'van kaft tot kaft' is
'teveel van 't goede':
dat lijkt meer op letterknechterij,
heidense afgoderij & politieke
propaganda als
'vanouds'
...


