onderhuids overnachts
Hemel & hel liggen onvermijdelijk onafscheidelijk dwars door elkaar heen vermengd waar alleen ons brein
in staat is om etiketten op te plakken & te verwijderen: 't is 'n woordenspel dat tevergeefs pretendeert ...
't Duurde tot 1610 & 1611 voordat de aandeelhouders van de Vereenigde Oost~Indische Compagnie er
vruchten van hun gestorte penningen konden plukken. Maar in die jaren ontvingen zij dividend tot het res-pectabele bedrag van 132,5%. Daarna kregen zij weer tot 1619 niets. Dit was 'n gevolg van de praktijk van
de praktijk v/d Heeren~Zeventien, de directie van de VOC, om na de verkoop van de aangevoerde spullen
& de uitrusting v/d volgende vloot, het surplus onderling te verdelen, zonder iets te reserveren voor tegen-
slagen. Bij noodweer op zee & i/d strijd met de vele vijanden gingen schepen te gronde. Dan kon 't gebeu-ren dat de opbrengst van de ingevoerde vrachten [de zogenoemde 'retours'] na betaling van de gages en andere onkosten niet genoeg was om de volgende vloot uit te rusten. In 1612 verklaarde de directie dat 't
onmogelijk was om de eerste tienjarige rekening af te sluiten & de participanten die dit wensten hun kapi-
taal terug te betalen. De kosten van een oorlog & vestiging in Indie hadden immers veel geld gekost, dat nu eerst later zijn rente zou opbrengen. Niemand kon nu de actuele waarde v/h aandelenkapitaal vaststel-len, of anders gezegd: niemand was in staat om het bezit dat in het buitenland was opgebouwd, in gelds~
waarde uit te drukken. De Staten-Generaal billijkten de zelfverrijking van de bewindhebbers, & stelden vast
dat de kapitaalgevers v/d gewapende buitenlandse handel nog 10 jaar op hun geld zouden moeten wach-ten. Sommige steenrijke regenten brachten uit de Oost naar 't vaderland kisten vol exotische curiosa mee.
Maar grootscheepse invoer van produkten die niet door de A'damse directie waren besteld, was verboden.
Aanvankelijk zag men talloze exotische dingen hier voor het eerst. Er bestond geen vergelijkingsmateriaal
en in het wilde weg werden de zeldzaamheden verzameld. "Zij kozen meer als eksters dan uit kunstmin,"
schreef later een volkenkundige over zijn eigen volk, "bij voorkeur met het glinsterende en het griezelige in het oog gezet."
De vader van de beroemde Jan Swammerdam, de insektenvriend, verzamelde al vroeg na het ontstaan van de Indie~vaart curiositeiten uit Oost en West. In zijn 'kamer van zeldzaamheden' boven zijn apotheek
aan de Oude Schans in A'dam lag 'de hand van een zeemeermin' naast 'de gestremde melk van de maagd Maria'. Wonderen van de natuur stonden naast door mensen gemaakte zeldzaamheden, paradijs~
vogels en grillige schelpen naast speren en poppen. Dit en vele soortgelijke rariteitenkabinetten zijn de voorlopers van de hedendaagse volkenkundige musea, waar de tastbare bewijzen van oude Nederlandse schurkenstreken in het buitenland vandaag nog staan uitgestald.
Heel ons volksbestaan ligt van top tot teen verankerd in de wortels van migratie, exploitatie, conflict~
management, natuurbeheer & deltawerken: zoals ijstijden culturen deden oprijzen & uitsterven, zoals het Israel van ooit en later een speelbal was van omringende grootmachten en innerlijke verdeeldheid, zo ook
is ons eigen individuele en sociale bestaan tot in elke cel doordrongen van genot & kankergezwellen.
Wat we doen is niet zo vreselijk veel meer dan waarnemen, proberen te rubriceren,
onderverdelen in min of meer willekeurige planten, dieren en mensen:
het is de natuur die ons voortbracht en wij zijn het die spelen
met de illusies van slachtoffers en alwetende opperheren:
de dans van oorzaken en gevolgen ligt zo diep verankerd
in elke vezel van ons lichaam en onze geest,
dat onze woorden alleen maar een blijk zijn
van beschrijving, inkleuring, oppervlakkig
analyseren en spelen als kinderen
in de zandbak en families die
een tijdje doorbrengen aan
de stranden van het leven
rond de oceanen
der eeuwigheid
...
Bejaardenbedtijd.

Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende