negen nekspotspreuken v/d nederlandse noscorewegen
'vurige kolen opstapelen om gaar te braden'
Bestraf den spotter niet, op dat hy u niet hate,
zegt de Wijste der Koningen en menschen in zijne zinspreuken.
De spotter, van wien hy spreekt, is een boos en godloos mensch,
die met deugd en waarheid spot, in huicheldienst al zijn roem en vermaak stelt;
in beschimpen van heil en godvrucht zijne gewaande schranderheid betoont;
en door ingekankerde kwaadaardigheid zijn loos en boos harte zet op veinzen,
bedriegen, verleiden, om door een zoet gelaat van schijndeugd zijne godloosheid te vernissen,
en uiterlijk voor te wenden, het geen hy inwendig bespot en verwerpt.
Hoe zachtmoedig, hoe bescheiden, men zulk een ondergaat,
men zal hem verbitteren, niet verbeteren; dewijl hy de tucht veracht,
en zijne snode bedoelinge niet wil ontdekt hebben: maar hier op uit is,
om hoog geacht en aanzienlijk te zijn, kan hem niets onlijdelijkers zijn, dan bestraft,
en berispt te worden: want hier door worden zijne schelmerijen openbaar, zijne listen bekend,
en de huichelarijen, bedriegerijen, godloosheden en bespottingen van God en waarheid
in 't licht gebragt, en hy voor een vuilen booswicht by ieder gehouden.
Dit maakt hem verbolgen: dit ontsteekt zijn boos hart in onverzoenlijken haat en wrok:
dit maakt, dat hy niet rusten zal, eer hy 't voorwerp van zijn onbezonne drift vernielt hebbe:
en zo hy en wijl zijne boosheid, en vuil opzet verbergt en uitstelt, het is alleen om beter gelegendheid
te hebben tot uit- en vol-voeringe zijner wraak, en om zijn nijdig hart zekerder te verzaden.
Dit heeft de droeve ervarendheid van alle tijden bewaarheid en geleert,
en 't bestraffen der godloozen heeft noit iets anders, dan onheil gebaart.
Klimt met uwe gedachten tot de eerste weereld, en broedermoordenaar Kajien,
dien heilloozen spotter van God en Godsdienst.
Hy nadert, 't is waar, met Abel tot den Heere,
en brengt zijn offergaaven, maar niet zijn hart.
God zelf bestraft hem door 't afkeuren zijner offerande; maar 't verbittert hem
tegen zijnen onschuldigen broeder, die in 't geloof offerde, en daar door god welgevallig was:
hy wrokt, hy ontsteekt, hy rust niet, tot dat hy zijne handen bezoedelt hebben met broedermoord,
en 't voorwerp van zijn haat en nijd verniele.
Daalt van de eerste weereld tot Israel,
en de dagen der profeeten, die 't volk vermaant, en van Gods wege bestraft hebben
over de godloosheden, schandelijke afgoderijen, en andere wanbedrijven, en ziet,
hoe die getrouwe boetpredikers ontvangenen gehandeld zijn.
Micha bestraft de boosheid van den Koning Achab,
en voorspelt zijn welverdienden ondergang, maar wint, in plaatze van berouw,
niets, dan kinnebak-slagen.
Zacharias betuigt tegen Joas, en de vorsten van Juda,
om datze Gods huis en dienst verlaten, en hoogtens, en bosschen gemaakt hadden;
maar die bestraffinge verbittert hen zo, datze een vloekverwantschap tegen den profeet aangaan,
en in 't voorhof, als om Gods ogen te bespotten en te tergen,
den man Gods stenigen en ter dood brengen.
Jeremia vermaant Koning, Vorst, Priester en al 't volk,
dat zy God, niet den Ba'al dienen zouden, maar de spotters verlaten hunne gruwelen niet,
schoon de profeet hen de grouwlijke verwoestinge van Stad en Tempel voorzegt,
en Pashur slaat hem, en werpt hem in de gevangenisse boven de poorte van 't huis des Heeren.
Niet beter wierd hy behandelt, als hy Zedekia de Babelballingschap, en de ondergang der stad Yeroesjalayiem, voorspeld, maar hy word in een modderkuil geworpen, daar hy in zinkt,
en in levensgevaar is.
Uria profeteerde tegen de Stad, gelijk Yirmeyahoe,
maar krijgt het zwaard tot zijn loon, en die Godloozen poogde te behouden, verliest zijn eigen leven.
Yesjayahoe dringt op bekeering aan, maar word van den Koning Manasse
levendig doorzaagt.
Op alle welken Paulus 't oog heeft, als hy zegt:
anderen hebben bespottingen en geesselen beproeft, en banden, en gevangenisse, zijn gesteenigt,
in stukken gezaagt geworden, door het zwaard ter dood gebragt.
Zo hachlijk en gevaarlijk is 't, de godlooze spotters
te bestraffen, en hunnen onverzoenlijken
haat te verwekken.

Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende