We saw before
that for the Qumran community
there existed a chasm between them
and the rest of Jewish society, aka the Sons of Darkness,
a chasm that could only be bridged in the end of days, when
evil is completely abolished.
The worldview
of the "poor of grace" was, then, thouroughly apocalyptic: they
believed their time was the end time. They were "those who observe the Law,
whose hands will not desert the service of truth when the final age is extended beyond them,
because all the ages of G d will come at the right time,
as he established for them in the mystery
of his cunning"!
G d,
then, has
revealed to them
the secrets of "the consummation of the era",
which they may yet live to witness.
Only the righteous -
of course, these being members of the Qumran communities -
will be spared a total annihilation. In them will the verse "The meek shall inherit the earth,
and delight themselves in abundant prosperity"
[PS 37]
be fulfilled,
a verse that concerns
"the congregation of the poor who will tough out the period of distress and will be rescued
from all the snares of Belial"!
The end of days
will usher in not only a cosmic revolution,
but a social revolution, here on earth, in which "the wicked ones of Israel will be cut off
and exterminated for ever", and "the congregation of his chosen ones ...
will be chiefs and princes".
The apocalyptic doctrines
did not merely console the Community,
they promised wonderful rewards to those who steadfastly adhere to the community of the poor!
Erger je niet aan slechte mensen, wees niet jaloers op wie kwaad doen, zij verdorren snel als gras,
zij verwelken als het jonge groen.
Vertrouw op "G D" &
doe het goede, bewoon het land
en leef er veilig! Zoek
je geluk bij de EEUWIGE,
hij zal geven wat je hart
verlangt! Leg je leven in de handen van de eeuwige, vertrouw op hem, hij zal dit voor je doen:
het recht zal dagen als het morgenlicht, de gerechtigheid stralen als de middagzon!Blijf kalm en wacht op de eeuwige, erger je niet aan wie slaagt in het leven, aan wie met list te werk gaat.
Wind je niet op,
laat je woede varen, erger je niet, dat brengt alleen maar onheil! Slechte mensen worden
verdelgd, wie hopen op de eeuwige, zullen het land bezitten
en gelukkig leven in overvloed
en in vrede
...
De zondaar
belaagt de rechtvaardige met een grijns op zijn gezicht.
Maar de HEER lacht hem uit en ziet de dag al van zijn ondergang.
Zondaars trekken hun zwaard en spannen hun boog, om zwakken en armen te
doden, om af te slachten wie eerlijk hun weg gaan. Maar het zwaard dringt in hun eigen hart & hun bogen worden gebroken. Beter het weinige dat een rechtvaardige heeft
dan de rijkdom van talloze zondaars.
De macht van de zondaars wordt gebroken, maar de eeuwige zal de rechtvaardigen steunen.
DE EEUWIGE TREKT ZICH 'T LOT VAN DE ONSCHULDIGEN AAN, HUN BEZIT BLIJFT VOOR EEUWIG BEHOUDEN!
Zij worden niet teleurgesteld in kwade dagen, in tijden van hongersnood hebben zij wel te eten!
DE ZONDAARS
ZULLEN TEN ONDER GAAN,
DE VIJANDEN VAN DE EEUWIGE VERDWIJNEN ALS BLOEMEN IN HET VELD,
VERDWIJNEN ALS ROOK: ALS HET VET VAN LAMMEREN, VERDWIJNEN ZIJ IN ROOK.
DE ZONDAAR VRAAGT TE LEEN EN BRENGT NIET TERUG, DE RECHTVAARDIGE GEEFT, UIT MEDEDOGEN.
G DS GEZEGENDEN ZULLEN HET LAND BEZITTEN,
DE VERVLOEKTEN WORDEN VERDELGD.
Wie de eeuwige
welgevallig is, mag z'n
weg gaan met vaste tred! Al komt hij ten val,
hij blijft niet [lang] liggen,
want de eeuwige
richt hem op
...!!
Ooit was ik jong,
nu ben ik oud, en nooit zag ik zijn kinderen zoeken naar brood: hij is vol mededogen en
leent uit, elke dag, voor zijn kinderen is hij een zegen! [Onze hemelse vader heeft 'n heilige naam & zijn
hemels rijk op aarde is op komst doordat z'n wil gebeurt in al wat leeft in de hemel,
op aarde & in de zee.
Hij geeft ons elke dag
het eten en drinken dat we nodig hebben
en vergeeft ons onze schulden zoals ook
wij vergeven die ons iets schuldig zijn. Niet hij is het die ons kan leiden in verzoeking:
alles is van hem en wij zijn kinderen van de eeuwige g d door zijn aanwezige geest
die telkens opnieuw komende is
in ons !!!]
MIJD HET KWADE
EN DOE HET GOEDE, EN JE ZULT VOOR EEUWIG WONEN IN HET LAND, WANT DE EEUWIGE HEEFT GERECHTIGHEID LIEF, WIE HEM TROUW ZIJN, VERLAAT HIJ NIET! ZIJ BLIJVEN DOOR HEM VOOR EEUWIG BEHOUDEN, MAAR HET NAGESLACHT VAN ZONDAARS
WORDT VERDELGD.
Daarom
zullen de rechtvaardigen het land bezitten & het bewonen, hun leven lang!
De mond van de rechtvaardige spreekt wijsheid, zijn tong spreekt gerechtigheid,
hij draagt de wet van g d in zijn hart & zijn voeten struikelen niet.
De zondaar loert op de rechtvaardige
en zoekt een kans om hem te doden, maar de eeuwige
laat zijn dienaar niet los: wordt hij aangeklaagd,
vrijspraak zal volgen!
VESTIG DAAR JE HOOP OP DE ENIGE
EEUWIGE G D EN BLIJF OP DE WEG DIE HIJ WIJST, HIJ ZAL JE AANZIEN GEVEN EN GRONDBEZIT,
JE ZULT ZO BELEVEN DAT ZONDIGEN WORDEN VERDELGD.
Ik heb 'n zondaar & uitbuiter gezien, hij groeide uit als een woekerende laurier;
op een dag was hij verdwenen, ik zocht hem
en ik vond hem niet meer!
Zie de onschuldigen,
kijk naar de oprechten:
wie vredelievend zijn hebben de toekomst. Maar zondaars
worden verdelgd, er is geen toekomst voor 'n slecht mens.
DE RECHTVAARDIGEN VINDEN REDDING
BIJ DE EEUWIGE, HIJ IS HUN [ENIGE] TOEVLUCHT IN TIJDEN VAN NOOD!
De eeuwige heeft hen altijd weer telkens opnieuw geholpen en bevrijd,
hij bevrijdt hen ook nu van zondaars, hij redt hen,
want zij schuilen bij hem.
Gelukkig wie nederig van hart zijn,
de armen & eenvoudigen van geest want van hen is 't hemels
'g dsrijk'. De treurenden zullen getroost worden & zachtmoedigen 't land bezitten.
Hongerenden & dorstigen naar gerechtigheid zullen verzadigd worden.
Barmhartigen zullen barmhartigheid ondervinden.
Zuiver
van hart zullen zij 'g d' zien:
vredestichters worden kinderen van g d genoemd.
Vervolgden vanwege zijn gerechtigheid: voor hen
is het koninkrijk van de hemel:
zo immers vervolgden
zij voor jullie
de profeten.
Wat
valt daar
nog aan toe te voegen
of aan af
te doen?
