Op 't eerste gezicht lijkt 't dus al met al 'n soepzootje van teksten in heden, verleden & toekomst, dat de 'wil van g d kan verwoorden', al naar gelang men die teksten leest, interpreteert & in praktijk wil brengen?
In 1 Korinthe 14:21 staat: IN DE WET STAAT GESCHREVEN: DOOR LIEDEN VAN EEN ANDERE TAAL & DOOR LIPPEN VAN VREEMDEN ZAL IK TOT DIT VOLK SPREKEN!, maar dat is 'n citaat uit Yesjayahoe 28, dus uit 't tweede deel v/d bijbel, terwijl elders in Yochanan 10:34, psalm 82 geciteerd werd als 'staande in de wet'. De term 'Geschriften' komt in 't Nieuwe Testament niet voor als benaming van 't derde bijbeldeel. Wel spreekt Yehosjoea in Lucky Luke 24:44 van alles wat er over hem geschreven staat in de Wet van Mosjeh EN de profeten EN de psalmen.
Met 'PSALMEN' zal hier wel 't derde deel v/d bijbel bedoeld zijn, want de psalmen vormen daarvan 't eerste boek. Waar het dus in de grond van de zaak om gaat, is in feite dat mensen van verschillende tijden en plaatsen hun eigen interpretatie geven aan wat zij van belang achten. Dat lijkt verschillend, maar als 't erop aankomt dan hebben ze het over ongeveer hetzelfde? Met andere woorden bij wijze van spreken en schrijven: mensen hebben de neiging om de wijsheid van 't verleden samen te bundelen in verhalen, gelijkenissen, beelden & uiteenlopende illustraties ten einde 'het centrale punt' door te geven aan komende generaties die op hun beurt ook weer iets dergelijks doen met 'de wijsheid van hun eigen tijd'! Net als met techniek, cultuur, wetenschappen, handelsvaardigheden & wat al niet stapelen we 't ene op 't andere om maar niets te missen van de kern van ons leven: dat plachten we 'g d' te noemen als 'the name of the rose' & 'in order to be or not to be'. Hoe dan ook komen mensen te staan voor keuzemogelijkheden in hun leven: afhankelijk van de hoeveelheid & interpretatie van 'g ds' wijsheid kunnen we een en ander al of niet beter verklaren, uitleggen, vertalen, interpreteren & praktiseren ter bevrediging van lichamelijke, geestelijke en sociale behoeften ... Maar wat niet is, dat kan er ook niet zijn, of toch wel?