mydideel & ~geheel


Wat
mij telkens
weer opvalt is
dat er blijkbaar/schijnbaar
meer overeenkomsten zijn dan verschillen
met al die mensen uit
de heilige landen
van {n}ooit!

Rond
2000 jaar
geleden identificeerde Philo van Alexandria
de Logos ook wel met G ds Wijsheid:
deze vereenzelviging blijkt ook
wanneer hij de Wijsheid de hoogste
& eerste van zijn machten
{dunameis}
& krachten noemt,
waarmee "G d"
'de dorst laaft v/d zielen die hem liefhebben'
{Allegorische uitleg v/d wetten II,86/I,65,
Wie is de erfgenaam 191 & Dromen II,242
}!

De passage over de Wijsheid
yhwh kananie reesjiet darko kedem mifalaw meeaz;
meeolam nisachtie meerosj mikadmei-arets

De Eeuwige heeft mij voor al het andere verworven,
toen hij zijn scheppingswerk begon, schiep hij eerst mij.
Ik ben in het begin gemaakt, nog voor alles er was, nog voor de aarde vorm kreeg.
Toen er nog geen oceanen waren, werd ik voortgebracht,
nog voor de bronnen met hun waterstromen.
Toen de bergen nog niet waren neergezet, werd ik voortgebracht,
nog voor de heuvels waren e.d.

in Spreuken 8:22 verklaart hij zo,
dat G d 'gemeenschap had met z'n kennis'
{episteme}
die vervolgens
'de wereld voortbracht'.
Zo noemt hij de Wijsheid
'de moeder
van de hele schepping'
{Dronkenschap 30-31}!

Elders heet zij ook wel
'de dochter van G d
{Vluchten en vinden 50-52}!

Mensen die de
ENE
G d kennen, kunnen volgens Philo
'zonen van G d' worden genoemd:
hij verwijst dan naar DE 14:1,
'jullie zijn zonen [of: kinderen] van de HEER, je G d'

{Spraakverwarring 145/Afzonderlijke wetten I,318}!

Wie zoals Avraham
G ds vriend is,
is zo G ds
'geadopteerde & enige zoon'
geworden
{Nuchterheid 56:
Philo leest GEN
18:17 aldus:
wayahweh amar hamachaseh anie meeavraham asjer anie oseh:
'IK
[de Heer]
zal voor Avraham mijn vriend
toch niets verbergen?!
'

De Eeuwige dacht:
"Waarom zou ik voor Avraham geheimhouden
wat ik van plan ben?
"

Zo heet ook Yitschak al
'n 'zoon van G d'
{Naamsveranderingen 131}!

Omdat
Philo in
z'n werken voornamelijk
de boeken van Mosjeh
becommentarieert,
gaat hij verder niet in op "OT-teksten"
waarin de koning als de zoon van de HEER wordt vermeld.
Wel citeert hij diverse malen EX 7:1
wayomer yhwh el-mosjeh re'eh netateicha elohiem lefaroh weaharon achicha yiheyeh nevie'echa

De Eeuwige zei tegen Mosjeh:
'Ik zal ervoor zorgen dat jij als 'n god voor de farao staat,
en je broer Aharon zal jouw profeet zijn!
'
{'ik heb jou gesteld tot g d voor farao'}!

Philo
wil daaruit
afleiden dat Mosjeh
door die opdracht in zekere zin [als]
'n god werd,
& dat dit voor ieder wijs mens zo geldt!
Wel voegt hij eraan toe
dat Mosjeh
& andere wijzen
'niet echt god zijn',
maar alleen
in vergelijking met dwazen
{Het slechte belaagt het goede 161-162/Offers van Abel & Kayien 9/Avrahams verhuizing 84/Naamsveranderingen 128/Dromen II,189/Iedere rechtschapene
is vrij 43
}!

Kortom,
als je al
die letterlijke {bijgelovige[!]}
lezingen
achter je laat {!}
DAN
verschijnt er
pas een echt
'samenhangend' geheel van associaties,

beelden/beweringen, combinaties die
zin geven aan
deel
&
geheel!

engel
05 mrt 2009 - bewerkt op 05 mrt 2009 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende