Maar in deze 4e eeuw verbindt de Kerk, waaraan
de Macht het oor leent, zich aan de euangelische principes, ondanks de dwalingen van sommige geestelijken nu ze notabelen geworden zijn.
Ze voert naastenliefde in als leerstelling en noemt giften 'stortingen uit vroomheid'. De bisschoppen bouwen toevluchtsoorden voor zieken en uitgeslotenen en organiseren voedselverstrekkingen ten bate van de armen.
In 391 gaat Theodosius I nog een stapje verder door van het christendom de staatsreligie van het rijk te maken: hij verbiedt heidense culten en de vervolgden van voorheen worden nu op hun beurt vervolgers.
De val van het West-Romeinse Rijk, in 410, blijft niet zonder gevolgen voor het christendom, dat vanaf dan sterk & scherp is verdeeld in de Oriënt & het Westen, waarbij elk van beide Kerken haar eigen weg vervolgt en de onderlinge kloof steeds breder wordt.
In het Westen is de paus, gesterkt door zijn primaat, vanaf dan de enige autoriteit die met de barbaren mag onderhandelen, al zal hij daarbij eeuwenlang moeten schipperen met de verschillende Europese koninkrijken.
De Kerk van de Oriënt blijft onder voogdij staan van de keizer, die vier patriarchale zetels buiten Rome instelt: Constantinopel, 'in eer gelijkwaardig' aan de pauselijke zetel; Alexandrië, Antiochië & Jeruzalem. Hij verleent overigens autocefalie aan de kerken die buiten de grenzen van het rijk zijn gelegen, in het bijzonder in Perzië, Armenië en Georgië. Onder leiding van patriarchen met sterke persoonlijk-heden worden deze kerken geleidelijk autonoom, mede omdat ze vanaf de 7e eeuw door de opkomst van de islam geïsoleerd worden.
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende