LJ~vervolg in myDi & vv: Mendelssohn/Marquardt ed.
~!*!~
WETGEVING,
natie:
het Joodse project
is begonnen als STAAT
voor
staatlozen.
DAT
lijkt in strijd
met de scheiding van kerk en staat,
die ook voor Mendelssohn
een kernpunt is
van de
Verlichting.
Maar
het bijzondere
van de Joodse staat is juist
dat heel haar politiek
erop gericht is
om de g*dsdienst vrij te houden
van de cultus van een "G*D",
die 'g*ds~dienst'
verlangt,
de mensen vrij te maken
voor het praktiseren
van de
humaniteit:
"DEZE
'regent'
[heeft] behoeft niets voor zichzelf
en verlangt van de natie
niets dan wat het gemenebest dient,
de gelukzaligheid van de staat
bevordert."
De jurisdictie
van DEZE staat
gaat NIET over het {on}geloof,
HAAR terrein is dat
van het {rechte} handelen ~
het handelen in de geest
van
"G*D".
Maar DEZE
staat is voorbij ~
teloorgegaan vanaf het moment dat het volk een koning verlangde
ALS ALLE ANDERE
VOLKEN.
Het volk
leeft voortaan
in de diaspora en Mendelssohn geeft GEEN blijk
van een 'terugkeer'
te weten
{maar
zou ook
hij niet gezegd hebben:
tot volgend jaar in
Yerusjalayim?}.
ZIJN
hoop
is gevestigd op de Verlichting,
het rijk van de vrijheid
dat OOK de bevrijding van de Joden
betekent.
~*~
DAT echter
wil NIET zeggen
dat zij nu ook bevrijd ZIJN
van hun binding
aan de wet?
De slotsom
van z'n 'Jerusalem ...'
is JUIST
de vrijheid van g*dsdienst
ZO uit te leggen dat
'wie in de wet geboren is,
naar de wet leven moet en
naar de wet moet
sterven'.
Dat
DIE binding de vrijheid,
die de Verlichting beoogt,
niet te na komt,
is ondertussen duidelijk
geworden.
Meer nog:
zij is bij het Joodse project gebaat.
Maar daar voegt M. aan het slot nog iets toe:
het rijk van de vrijheid betekent GEEN eenstemmigheid,
geen ALGEMEENHEID die het bijzondere
aan zich onderwerpt!
En hij denkt
daarbij opnieuw aan de kerk
die allen EEN maakt op voorwaarde dat zij ook allen
HETZELFDE
denken.
Daartegen
opponeert
Mendelssohn:
"Broeders!
Is het jullie om de ware g*dzaligheid te doen,
laat ons dan geen overeenstemming veinzen,
waar menigvuldigheid blijkbaar het plan en het einddoel van de voorzienigheid
is."
DAT
is de geest
van het Jodendom,
door de ervaring met afgedwongen geloof
wijs geworden.
ZIJN
verlangen
gaat uit naar een universum
als de ruimte waarin de EEN de Ander de vrijheid laat
zijn EIGEN weg
te gaan!
~*~
Marquardt
noemt dit een
'even bewonderenswaardig als noodlottig model'.
Bewonderenswaardig als bijdrage tot een emancipatie van Joden,
die niet op kosten
van hun identiteit
ging.
Maar
noodlottig
omdat het op den duur toch leidde tot assimilatie ~
de Joodse religie was immers volgens Mendelssohn niets anders
dan de algemene mensenreligie
van de Verlichting?
En Marquardt
heeft gelijk:
de Verlichting betekende in zijn algemeenheod voor de Joden
gelijkschakeling ...
De gedachte
van Mendelssohn
dat de "G*D" van de Rede
de trekken vertoonde van de "G*D" van Israel:
lankmoedig, groot van goedertierenheid en trouw,
bleek een
illusie.
~*~
OF
was het ~ een misschien vertwijfelde ~
HOOP?
De hoop van de Joden op de OLAM~HA~BA, de eeuw die komt?
Die daadwerkelijk
KOMT?
Wat ANDERS
valt er te hopen in een situatie
waarin de diaspora
definitief lijkt?
Wat ANDERS
dan dat deze verandert in een
HEILE WELT?
En is die hoop niet actueel:
in een situatie waarin de algemene inhumaniteit
de humane inzet van het Joodse project
onmogelijk maakt?
#############













################

Asih, man, 81 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende