DE ANDERE
NIET-CHRISTELIJKE BRONNEN
ZIJN EERDER ZINSPELINGEN:
de belangrijkste van deze bronnen is verloren gegaan,
namelijk het deel van de ANNALEN van de Romeinse historicus Tacitus (57-120)
dat de periode van het openbare leven
van Yesj beslaat.
Niettemin beschrijft Tacitus
in een andere passage van de ANNALEN de brand van Rome in 64,
ten tijde van Nero, waarvan het volks-gerucht de verantwoordelijkheid bij de keizer himself legde?!
Tacitus schrijft: 'Ook vond hij schuldigen, om het gerucht de kop in te drukken,
en legde hij geraffineerde martelingen op aan hen
die om hun verfoeilijke daden werden gehaat
en die het volk CHRESTIANI
('christenen'

noemde.
Deze naam komt van Christus die,
onder het keizerschap van Tiberius, door de stadhouder Pontius Pilatus
ter dood was veroordeeld; nadat dit afschuwelijke bijgeloof tijdelijk was bedwongen, drong het opnieuw door,
niet alleen in Judea waar dit kwaad was ontstaan, maar ook in Rome
waar alles ter wereld wat afschuwelijk en schandelijk is,
toevloeit en een talrijk publiek vindt.'
Een derde historische bron
is een brief van Plinius de Jongere,
de stadhouder van de Romeinse provincie Bithynië (Klein-Azië

,
die hij rond 112 aan keizer Trajanus richtte om hem te informeren over de vele misdaden
waarvan hij de 'christenen' beschuldigde. Het ging vooral om hun weigering van de cultus van de keizer,
die ze vervingen door bijeenkomsten op vaste dagen, bij het aanbreken van de dag,
waarbij ze gezangen aanhieven voor 'Christus
als voor 'n god'.
Plinius preciseert
dat de christenen niet schuldig zijn
aan de andere misdaden die aan hen werden toegeschreven, waaronder kannibalisme & incest,
maar dat hij er niettegenstaande wel enkele heeft te-rechtgesteld die niet het Romeinse
staatsburgerschap genoten en de anderen
naar Rome heeft gestuurd
om er te worden
berecht.