lf 56/57 't myDihuis v/d myDigoden & de aanbidders
We blijven nog even in het midden-oosten, dat in vele opzichten (al heel vroeg) 'n ware smeltkroes was voor culturen & hun religies, in elk geval v/d monotheïstische godsdiensten ed. Frédéric Lenoir zal verder nog uitweiden over de religieuze evolutie v/h Verre Oosten, @ China & India, waar ietwat later 'n religieuze beschaving 't Licht zal zien die op dezelfde uitgangspunten gebaseerd wordt: daar zal er echter om redenen die met de maatschappelijke ontwikkelingen te maken hebben, 'n andere religieuze basis verrijzen, die dezelfde vra-gen bevat, maar die daarop anders geformuleerde antwoorden zal aandragen?!
Laten we eerst nog even meer in het bijzonder in Mesopotamië blijven, waar mensen zich voor het eerst radicaal onderscheiden hebben van de hen omringende natuur, haar bewoners & haar vermeende geesten: zíj zijn de intrinsieke superioriteit v/d goden gaan beseffen & hebben dat verschil benadrukt door heel bijzondere huizen voor hen te gaan bouwen, van steen & hout inplaatsvan leem zoals al die andere woonhuizen, op verhogingen geplaatst (want: 'dichter bij de hemel'!?), ruimer & rijker dan die v/d (aller)rijkste mensen!
Die eerste tempels geven toegang tot een terras met toegangshelling & hebben eigenlijk bijna allemaal ongeveer dezelfde kenmerken:
ze omvatte drie vertrekken, één centraal vertrek waarin zich het altaar & de offertafel bevinden, & twee zijvertrekken, maar we hebben weinig zekerheid over de manier waarop ze voornamelijk gebruikt werden: misschien 'n sacristie waarin voorwerpen v/d eredienst wer-den opgeborgen of klaslokalen waarin de priesters zich tot 'de goden' leerden richten?
Al snel breidden deze tempels zich uit: archeologisch onderzoek toont aan dat de tempel van ENKI @ ERIDU rond 3500 voj. al 'n stad ìn 'n stad was geworden, omringd door huisjes van winkeliers & handwerkers, & ook door woningen, waarschijnlijk voor de dienaren van de god, de priesters die een aparte groep beginnen te vormen; godinnen worden (nog) niet verbannen: ze worden zelfs vereerd in aan hen gewijde tempels, die soms de belangrijkste v/d stad zijn zoals in Eanna & URUK. Maar naast deze grote tempels bestaan er ge-woonlijk meerdere kleine tempels, dus meerdere goden & godinnen, ongehinderd naast elkaar: dat is algemeen gebruik i/d polytheis-tische samenlevingen waarin de overvloed aan godheden uiteindelijk wordt opgevat als iets goed, wat tegelijkertijd op méérdere zege-ningen wijst & 'toekomstige gunsten' belooft? Typische myDimenselijke 'apenstreken': AH let op de kleintjes - 'iedereen rijk' e.d. ~~~
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende