kort kanaanitisch: sjimsjon, de filistijnen over u
Ik kan me bij dat woordje "god" moeilijk iets anders voorstellen dan wat men er gewoonlijk 'blijkbaar' niet mee associeert.
NIET dus een man met of zonder baard en snor op een wolkje in de hemel die alles ziet en hoort, doet en laat, schept & vernietigd, al of niet op een troon omringd door engelen en heer van het heelal & de eeuwigheid.
WEL een aanwezige, komende 'geest' in mensen van alle leeftijden & afkomsten!
Die eerste afgodische god was er een voor erg simpele zielen met 'n gebrek aan voorstellings- vermogen?
Die tweede EEN die eigenlijk bedoeld wordt achter 't geheim van ons bestaan: aandachtig, liefdevol, rechtvaardig, zowel mannelijk & vrouwelijk als kinderlijk en ook 'aanwezig' in 'heelal & eeuwigheid', leven op de aarde [en elders?!] in alle planten, dieren en mensen, maar wel altijd een nogal 'symbolische' weergave van ons gevoel, denken, doen & laten, geweten, nieuwsgierigheid, echtheid, mededogen, barmhartigheid & liefde.
De ouderwetse [verouderde?] joodse, christelijke & islamitische "GOD" leek meer op die 'primitieve' eerste voorstelling, en die tweede 'moderne' ietwat meer op de 'wetenschappelijk' verantwoorde[lijke] vermoedeilijke/waarschijnlijke?!!
'n Paar miljoen jaar 'menselijke{r}' ontwikkeling vormt dus onze evolutie als 'aapachtig' wezen met onze typische mimiek, gebaren- & woordentaal, 'uit de boom gevallen' savannenveroveraar & nijvere migrant naar alle verre horizonten en onbekende einders tot buiten 'onze' dampkring op weg naar 'elders'.
Die 'eerste' primitieve{r} 'god' is er een voor "kleine" kinderen, net zoals je sprookjes en verhaaltjes vertelt voor het slapen gaan aan het kamp- of haardvuur: dat praat makkelijker, eenvoudiger, fantasierijker, gedetailleerder, humoristischer?
De tweede 'volwassen' 'g d' is 'iemand' [of 'iets'] met een veel groter woorden- & verbeeldingsschat: niet meer benauwd te lokaliseren, koddig te domesticeren, te [blijven] verafgoden, angstvallig vrezen, truttig ophemelen, tuttig loven & preuts prijzen 'als vanouds', maar veel meer 'de geest die groeit' binnenin ons & die we daarom eigenlijk [veel beter] kunnen {h}erkennen in al wat groeit, bloeit en leeft rondom en 'in' ons!
Mat Gargon heeft het 'dus' [meestal] over die 'tweede', maar nog in de taal van die allereerste: vandaar ook dat hij de bijbel letterlijk neemt als 'woord gods' op de traditionele wijze, terwijl hij eigenlijk {op de grenzen van 'de Verlichting'} misschien wel graag zou willen/kunnen spreken van de in-houd inplaats van alsmaar weer over 'de verpakking'?
Ieder mag 't zien zoals men wil: als er maar geen onderdrukkende dwang, herhaaldelijk geweld, nieuwe boek- & ketterverbrandingen meer aan te pas komen met genocide & total destruction ...
Het blijft 'dus' nog steeds een ietwat 'tere' zaak al dat 'geloven' & 'niet geloven'? 't Is zo vreselijk vluchtig & belangrijk, o zo tender & gevoelig, 'alomvattend' & soms ook totaal nietszeggende luchtfietserij & bullshit!
Maar de kern is wel degelijk van belang: wat mij betreft gaat het er vooral om hoe je dat onder woorden kunt brengen [of juist niet]! Hoofdzaak blijft voorlopig: niet meer geloven in die verpakkingen, maar meer in de 'inhoud', & vandaar ook 'g d', inplaats van god ~ die 'g' & die 'd' 'geloof ik wel [niet dus], maar dat midden moeten & kunnen we zelf 'op- & aanvullen' met handen en voeten, ogen en oren, gevoel, verstand & leervermogen ...