Canon: letterlijk 'n regel of voorschrift > de lijst v/d officieel aanvaarde boeken v/d joodse & de christelijke Bijbelboeken. Charediem: 'huiverenden' of 'godvrezenden' > een term uit Yesjayahoe/Jesaja 66:5, verwijzend naar vrome Israelieten die 'huiveren' voor (de woorden van) god > later toe-gepast op ultraorthodoxe joden.
Chassied(iem): 'getrouwen' > aanduiding voor de aanhangers v/d joodse mystieke beweging die i/d 18de eeuw werd gesticht door de Baäl Sjem Tov/BESJT. CHESED: oorspronkelijk 'loyaliteit' binnen de stam of de cultus > later 'liefde'/'genade' > de 6de se-firah/sfeer i/d kabbalistische scheppings- & openbaringsmythe > gekoppeld aan DIEN > CHESED moet altijd 't strenge Oordeel/DIEN van de God 'matigen'!
CHOCHMA: 'wijsheid' > i/d Bijbelboeken is de wijsheid 'de blauwdruk v/d schepping' > 't 'goddelijk plan' dat 't heelal 'bestuurt' & dat uit-eindelijk gelijkgesteld werd aan de Thora.
CHOCHMA is ook de 2de sefira/sfeer v/d kabbalistische scheppings~ & openbaringsmythe, waarin ze samensmelt met de eerste sefirasfeer als 'n 'punt' dat de oermoederschoot van BINA~inzicht penetreert. CHOROZ: 'verketenen' > de rabbijnse praktijk v/h 'aan elkaar koppelen of vlechten van losse bijbelcitaten/woorden in 'n 'ketting' die leidt tot de extatische ervaring v/d COINCIDENTIA OPPOSITORUM! Christos/Christus: 'n Griekse vertaling v/h Hebreeuwse MASJIACH/gezalfde > vandaar ook 'Messias'' als door de eerste chris-tenen op Yehosjoea haNatsri toegepaste 'titel'/'verwachtingsvol patroon' n.a.v. Profetische Geschriften.
Coïncidentia Oppositorum: Het "Samen-vallen van tegendelen" > term gebruikt voor 'n extatische ervaring waarin scheidingen & tegenspraken vervagen i/d waarneming v/d Eenheid van Allde Dingen > 'n spirituele gewaarwording van harmonie & heelheid. DARASJ: 'bestuderen'/'onderzoeken' of 'op zoek gaan naar' > de van dit werkwoord afgeleide term DERASJ werd door de kabbalisten in hun PARDEES~exegese ook gebruikt om de morele/homiletische schriftzin te be-schrijven.
Demiurg/DEMIOURGOS/Ambachtsman > in Plato's TIMAIOS was de demiurg 'bemiddelende' goddelijke 'ambachtsman', ondergeschikt aan de oppergod! Hij gaf de materiële wereld z'n vorm & samenhang in overeenstemming met 'de eeuwige vormen'. De gnostici gebruikten deze term 'demiurg' voor 'de God v/d Joodse Bijbel', die verantwoordelijk was voor de schepping v/d 'kwade'/stoffelijke wereld.
Deuteronomium/deutero-nomistisch van DEUTERONOMION 'tweede wet': oorspronkelijk gebruikt voor de slottoespraak van Mosjeh die hij vlak voor z'n dood hield op de berg Nebo, beschreven i/h 5de boek v/d Pentateuch. De term deuteronomistisch wordt gebruikt als kwalificatie voor de religieuze hervormers die in de 7e eeuw voor Christos 't boek Deuteronomium & de historische boeken
Sjmoe'el/Samuel & Koningen schreven.
DEVEKOET:
'gehechtheid' aan g d > 't voortdurend bewustzijn
v/h goddelijke dat o.a.
de chassidiem benastreefden
Mooi toch die oeroude mens'verklaringen' ...?!