100.000 exemplaren v/h N(O)T gedrukt & 80.000 complete bijbels: tevens verscheen in Halle de zogeheten Biblia Pentapla, waarin 5 verschillende vertalingen naast elkaar waren afgedrukt, zodat lutheranen, calvinisten & katholieken de versie van hun voorkeur konden lezen maar tegelijkertijd ook de formulering in 'n andere kolom konden raadplegen wanneer ze op 'n moeilijkheid stuitten, hetgeen de transdenomina-tieve bijbelstudie moest bevorderen.
Weer anderen vertaalden de bijbelboeken op 'n strikt letterlijke manier, om aan te tonen dat ook i/d landstaal 't 'woord van G d' verre van duidelijk was. Theologen zouden terughoudender moeten zijn met 't aanvoeren van zg. 'bewijsplaatsen' die 't gewicht v/d theologische interpretatie waar-mee ze beladen werden niet konden torsen. Wanneer de brontekst niet in vloeiend Duits werd overgezet, klonk de bijbel vreemd & niet vertrouwd, & dat diende als 'n heilzame waarschuwing dat 'G ds woord' per definitie moeilijk te begrijpen was.
Tegen 't eind v/d 18de eeuw liepen Duitse geleerden voorap i/d christelijke bijbelstudie, waarbij ze voortborduurden op Spinoza's historisch-kritische methode. Ze waren 't erover eens dat de apentateuch beslist niet door Mosjeh (alleen) geschreven was, maar kennelijk door verschillen-de (anonieme) auteurs die ieder 'n duidelijk eigen stijl hadden.
De ene had 'n voorkeur voor de goddelijke 'aanspreektitel' "ELOHIEM", 'n ander duidde 'G d' liever aan met "YHWH"! Soms werd 'n verhaal ook elders herhaald, overduidelijk door 'n andere verteller, zoals ook in 't geval v/d 2 scheppingsverhalen in Genesis. Hieruit concludeerden Jean As-truc (1684-1766), 'n Parijse arts, & Johann Gottfried Eichhorn (1752-1827), hoogleraar oosterse talen aan de universiteit van Jena, dat Genesis uit 2 hoofddocumenten bestond, 't 'jahwistische' & 't 'elohistische'. Maar in 1798 stelde Eichhorns opvolger Karl David Igen dat 't elohistische materiaal uit 2 verschillende bronnen afkomstig was; vlg. anderen weer, onder wie Johann Seberin Vater (1771-1826) & Wilhelm Wette (1780-1849), was ook DÀT zelfs nog veel te eenvoudig gesteld: zij meenden dat de Pentateuch bestond uit 'n zeer groot aantal afzonderlijke fragmenten die uiteindelijk (na eeuwen) door 'n redacteur bijeen waren gevoegd. Wat is mooier dan verhaaltjes tussen 'begin' & 'einde'? Ik zou 't niet weten!
