je lag als een hoer te wachten & sprak tegen mij
alsof ik een kind was
Op
soortgelijke wijze
als in Marc
1:8 [anochie tavaltie etchem bamayiem wehoe yitbol beroeach hakodesj:
ik doopte jullie met water maar hij zal dopen met helende geest]
zegt Yochanan de Doper
in Yochanan 1:33
wa'anie lo yedatiew oelam hasjoleach otie lietbol bamayiem hoe amar elai et asjer-tiereh haroeach
yoredet wenachah alaw hieneh zeh hoe asjer yietbol beroeach hakodesj:
ik wist nog niet wie hij was,
maar hij die mij gezonden heeft om met water te dopen, zei tegen mij:
als je ziet dat de geest op iemand neerdaalt & in hem blijft,
dan is dat degene die zal dopen met heilige geest
{& dat heb ik gezien: daarom getuig ik dat hij zoon van g d is!}],
dat Yehosjoea doopt met helende geest!
't Is 't bekende oeroude hoofdthema v/d mens
dat we ook al eerder en vaker zagen in het z.g. oude testament waar het "de Heer G d zelf" is
die zijn geest zal uitgieten volgens Yesjayahoe 44:3;
Yechezkel 36:25-27; Yo'el 3:1-3 & in sommige vertalingen 2:28-29!
[
koh-amar yahweh osecha wayitsrecha mibeten yaezerecha avdie:
kie etsak-mayiem al-tsamee wenozliem al-yabasjah etsak roechie al-zarecha oevirchatie al-tseoetsaeicha
wetsamchoe beve'in chatsir kaaraviem al-yivlei-mayiem:
Zo spreekt de eeuwig aanwezige geest,
komende & wordende in ons, die ons gemaakt heeft en al in de moederschoot gevormd,
die ons helpt & als zijn vriend & tot de dienaar die hij uitverkoos uit vele andere levensvormen:
ik zal water uitgieten op de dorstige grond, waterstromen over 't droge land!
Ik zal m'n geest uitgieten op je kroost & m'n zegen op je telgen:
ze zullen ontkiemen tussen het gras, uitbotten als wilgen langs het water!
wezaraktie aleichem mayiem
tehoriem oeteharetem miekol toemoteichem oemiekal-giloeleichem ataheer etchem:
ik zal zuiver
water over jullie uitgieten om jullie te reinigen van alles wat onrein is, van al jullie afgoden!
Ik zal jullie
een nieuw hart geven & een nieuwe geest,
ik zal je versteende hart uit je lichaam halen & je er een levend
hart voor in de plaats geven!
Ik zal jullie mijn geest geven & zorgen dat jullie volgens mijn wetten zullen gaan leven
en mijn regels voortaan in acht nemen!
wehayah acharei-cheen esjpoch et-roechie al-kal-basar wenieboe beneichem oevnoteichem chalomiot yachalomoen bachoereichem chezinot yiroe: wegam al-haavadiem weal-hasjefachot bayamiem haheemah esjpoch et-roechie: wenatatie moftiem basjamayiem oevaarets dam weeesj wetiemrot asjan:
Daarna zal zich dit voltrekken:
ik zal mijn geest uitgieten over al wat leeft.
Jullie zonen en dochters zullen profeteren, oude mensen zullen dromen dromen, en jongeren zullen visioenen zien; zelfs over slaven en slavinnen zal ik in die tijd mijn geest uit-gieten en dan zal jullie tekenen geven aan de hemel en op aarde: bloed en vuur en zuilen van rook!
In Yochanan 3:29
gebruikt Yochanan de Doper
het beeld van de bruid, de bruidegom en de vriend
van de bruidegom. Hiermee zinspeelt hij op de beroemde oudtestamentische beelden:
zichzelf beschouwt hij stellig als de vriend van de bruidegom;
de HEER huwt als bruidegom zijn volk & Yesjoea associeert hij
als bruidegom met/van/in "G d de Vader"?
Zie ook Yesjayahoe 54:4-8; 62:4-5;
Yirmeyahoe 2:2; 3:20;
Yechezkel 16:8; 23:4
& Hosjea 2:21-22
(of 2:18-19 in sommige vertalingen)?!
al-tirie kie-lo teevosji:
Wees niet bang:
je zult niet worden beschaamd;
wees niet bedrukt: je zult niet worden vernederd!
Je zult de schande van je jeugd vergeten, je de smaad van je weduwschap niet meer herinneren!
Want je maker neemt je tot vrouw, eeuwige Heer der krachten & machten
[die klaarkomt in jou & zo wordende is]!
De aanwezige
gezalfde verlosser
& enige ware bevrijder van Yisraeel:
men noemt hem G d van de hele aarde. Jij was
als 'n verlaten, wanhopige vrouw toen die Eeuwige jou terugriep?
Maar hoe kan iemand de vrouw van z'n jeugd verstoten? ~ zegt jouw G d.
Ik heb je alleen maar voor 'n ogenblik verlaten, maar met open armen
zal ik je weer ontvangen.
Ik verborg mijn gezicht voor je in laaiende toorn,
maar een ogenblik lang, maar
ik zal me weer over je ontfermen met eeuwigdurende liefde!
Men noemt je voortaan niet meer
langer nog Verlatene en jouw land niet langer meer Troosteloos oord,
maar jij zult heten Mijn Verlangen &
jouw land Mijn Bruid.
Want de Eeuwige
{G d de Heer die [klaar]komend aanwezig is
en wordende in jou}
blijft naar jou verlangen
en zo wordt ook jouw land ten huwelijk genomen.
Zoals een jongeman een meisje
tot vrouw neemt, zo zullen ook jouw zonen jou ten huwelijk nemen,
en zoals de bruidegom zich verheugd
over zijn bruid, zo zal G d zich over jou verheugen!
Ik weet nog hoe jij mij liefhad in jouw jeugd, &
van mij hield als mijn bruid, hoe jij mij volgde dwars door de woestijn,
dat land waar niet werd gezaaid
...
Yisraeel is aan die Eeuwige gewijd,
het is als de eerste vrucht van zijn oogst.
Wie het wil verslinden
die laadt schuld op zich en hij zal door onheil worden getroffen ~ spreekt
'de Eeuwig Komende Aanwezige
Wordende In Ons'!
Welk onrecht heb ik jullie voorouders gedaan
dat ze mij hebben verlaten, dat ze achter nietige goden aanliepen en zelf ook nietwswaardig werden? Waar is de Eeuwige, die ons uit Egypte,
dat duisterland van slavernij & geweld, heeft bevrijd,
die ons heeft geleid door de woestijn,
door een land
vol van steppen & ravijnen,
een land zo dor & duister, een land waar niemand doorheen trekt, waar geen mensen wonen?
Ik leidde jullie naar een land vol met boomgaarden,
een rijke oogst aan vruchten wachtte jullie daar. Jullie kwamen er -
& bezoedelden mijn bezit, mijn eigen land werd mij een gruwel!
De priesters zeiden niet:
"WAAR IS DE EEUWIGE?"
De hoeders van de wetten kenden mij niet.
Die herders kwamen tegen mij in opstand. De profeten lieten zich door Ba'al leiden
& liepen achter goden aan
van wie geen enkele hulp te verwachten was.
Daarom klaag ik jullie nogmaals aan,
en de kinderen van je
kinderen klaag ik aan ~ spreekt de eeuwig Aanwezige
komend en wordend in ons.
Ga dus naar weer de Griekse ei-landen, vraag maar na bij die wijsneuzen, trek naar Kedar,
onderzoek alles en leer go{e}d behouden: is zoiets al eerder gebeurd,
heeft ooit een volk zijn goden ingeruild?
En goden zijn het nog niet eens! Maar
mijn volk heeft zijn eer verruild voor iets dat iemand geen enkele hulp kan bieden.
Hemel, wees ontzet!
Verdroog!
Huiver, sidder & beef! -
spreekt de Eeuwig komende aanwezige
die in ons zichzelf wil
worden
...
Twee
wandaden heeft
mijn volk begaan:
het had mij verlaten,
de bron van levend water,
en het heeft de waterkelders uitgehouwen,
kelders vol met scheuren, waarin 't water niet blijft staan!
Is Yisraeel die 'strijder voor go{e}d' nu voor altijd 'n knecht geworden, is het soms als slaaf geboren? Waarom is het dan als een weerloze prooi voor kwaadwillenden?
Leeuwen briesen ertegen, heffen een machtig gebrul aan.
Ze maakten van 't land 'n woestenij,
de steden waren verwoest
& ontvolkt!
Manschappen
van allerlei huurlegers
uit Nof & Tachpanchees stroopten jouw heuvels kaal!
Je had het eigenlijk allemaal aan jezelf te wijten omdat je de Eeuwige,
jouw G d & Heer ('komende aanwezigheid die wilde wonen & zo zichzelf worden in mensen op aarde'
hebt verlaten toen hij je leidde op je weg?!
Nou dan, waarom ga je naar Egypte,
wil je water drinken uit de Nijl?
Waarom ga je naar Assyria,
wil je water drinken
uit de Eufra{a}t?
Je eigen kwaad
zal je straffen, je eigen
ontrouw keert zich naderhand tegen je.
Weet wel: doordat jij mij hebt verlaten,
voor mij geen ontzag meer had, loopt 't zo jammerlijk met je af ~
spreekt de eeuwige Heer der machten en krachten tussen hemel &
aarde. Jij brak mijn juk {yoga} steeds weer in stukken,
rukte al je riemen los en zei:
"Ik wil niet dienstbaar zijn!"
Maar
op elke
hoge heidense heuvel,
onder de schaduw van elke bladerrijke boom,
lag je als een hoer te
wachten!

Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende