In het WRR-rapport
'Geloven in het publieke domein'
kunnen we lezen dat de grootheden
moderniteit en religie worden voorgesteld
als antipoden: dat is volgens de auteurs op empirische gronden 'n vertekening
van de stand van zaken, die voornamelijk afkomstig is van natuurwetenschappers:
mensen die voor God meestal geen plaats meer hebben,
atheisten dus.
Zij laten
tegenwoordig geducht van zich horen, en hun
bestaan wekt de suggestie dat het publieke domein zich ontwikkelt tot een antireligieus domein. 'Atheist'
wordt in die context een negatieve kwalificatie. Zijn mensen die er geen 'erkend' geloof op nahouden wel
in staat om een bijdrage te leveren aan de samenleving?
HK verwijst
naar twee instanties waar die vraag
uitdrukkelijk werd gesteld en vervolgend ook beantwoord: zonder geloof kun je de publieke zaak nu niet
dienen: dat stond in 't CDA~blad
Verkenningen, & het mag dus misschien dan wel een
slip of the tongue wezen, maar niettemin verraadt het 'n bepaalde mentaliteit. In ongeveer ook soortgelijke zin
drukte 'het hoofd van Nederland onder koningshuis en God' premier JanPeter Balkenende zich trouwens eveneens uit toen hij begin dit jaar in
De Telegraaf zei:
"Zonder geloof kun je niet functioneren!" HK heeft goed genoteerd dat hij die uitspraak later betrokken wilde zien op zijn eigen
geloof! En stelt bovendien vast dat dergelijke uitspraken niet van heel het CDA afkomstig zijn, net zomin
als 't verhaal van 'de roomskatholiek' heel de rk-kerk vertegenwoordigt: maar ze laten wel een bepaalde
trend zien! Ook in mydi kun je zo nu en dan dat soort van controversen tegenkomen tussen de fanatiek
gelovigen & de extreem ongelovigen in God, genetische voorwaarden,
aangeboren afwijkingen &
politiek gekonkel?
Nog 'n klein voorbeeldje:
de vroegere minister van ontwikkelingssamenwerking, Agnes van Aardenne, liet
zich in het buitenland uit over de Nederlandse situatie op religieus gebied. In Nederland was in haar ogen
de secularisatie veel te ver doorgeschoten: niet-gelovige burgers hadden nu al zo vreselijk veel praatjes
gekregen dat je van 'fundamentalistische secularisten' zou kunnen spreken te herkennen vooral aan hun ongebreidelde kritiek op religie! Zeer betreurenswaardig vond zij die kritiek, want religie bindt nu eenmaal
zo viel ook enkele maanden geleden in
NRC Handelsblad te lezen: of dat laatste echt waar is zullen
we nu nog maar even in het midden laten: de minister nam die passage over de secularisten later terug,
maar waarom schreef ze het dan?
Omdat het
in de trend past die we al eerder en vaker signaleerden: het
publieke terrein wordt gezien als 't speelveld dat door atheistische voormannen
[& ~vrouwen] is veroverd.
Het zou
goed zijn om
het aldaar heersende ongeloof
ietwat verder terug te gaan dringen, of omgekeerd:
daar weer 't geloof terug te krijgen! Seculier wordt in deze gedachtengang gelijkgesteld aan secularisatie,
en secularisatie is ongelovigheid troef? De strijd tegen die secularisatie is dus zo gezien in feite de strijd
tegen de besetting van het publieke domein door het ongeloof!
Alsof ongeloof het kenmerk van het
publieke domein
zou zijn!
Dit soort
van 'mydiverwarringen'
~ ik kan het niet anders zien of dat loopt uit op
nog meer publiek onheil! Zo wordt het vervilg duidelijker: het opschonen van het publieke domein gaat,
en dat is ook HK's tweede punt, ten koste van de burgers die er geen geloof op nahouden, hetzij per
ongeluk, hetzij omdat het is verdampt, hetzij omdat ze het met zoveel woorden hebben afgewezen. Bijvoorbeeld omdat ze het allemaal [of voor 't grootste deel]
onbegrijpelijke onzin vinden.
Zoiets wordt
vervolgd!
