't
Euangelium van
Iohannos/Yochanan/Johannes geeft daarentegen
wel 'n ietwat ander beeld van Yesjoe's optreden want daar komt [ongeveer 'n halve eeuw
nadat dit alles 'gebeurde'] die nadruk op de komst van 'g ds hemelrijk' niet in voor.
Yesjoe noemt g ds hemelrijk slechts wanneer hij tot Nicodemus de Farizeeer zegt:
'alleen wie opnieuw geboren wordt, die kan 't hemels g dsrijk zien' & ook
'niemand kan 't hemelrijk g ds binnengaan, tenzij hij/zij [opnieuw] geboren wordt uit water
& uit geest' {YOH 3:3,5!}?
Dit 'zien'
& 'binnengaan' kunnen
zowel met betrekking tot 't heden als
tot de toekomst worden uitgelegd.
Tegenover Pontius Pilatus
spreekt Yehosjoea opmerkelijk genoeg van
'
mijn koninkrijk' dat 'niet van deze wereld is' in Yochanan 18:36.
Inplaats v/d komst van 't hemels g dsrijk te verkondigen, spreekt volgens Yochanan
onze Yesjoea in dit euangelie van het 'eeuwige leven' dat bestemd is voor wie in hem & in zijn
'hemelse Vader' geloven?
{Zie ook: YOH 5:24;
6:40,47; vgl. 6:53-54; 10:25-28.
Andere teksten over 't 'eeuwig leven'
of 'leven':
YOH 4:14,36; 6:27,33,
35,48,68; 8:12; 10:10; 12:25, 50;
vgl. 8:51!}
Anyway,
al deze bewoordingen klinken zowel in de mond
van Yesjoe, als ook in het commentaar van de euangelist [Yoh 3:15-16,36; 20:31]!
'n Gebed van Yesjoe bevat hierin de volgende omschrijving:
"Het eeuwig leven, dat is dat zij jou kennen, onze enige echte ware G d,
en hem die jij naar hen hebt gezonden, Yehosjoea haMasjiach [aka haNatsri]"in Yoh 17:3!
Hieruit blijkt
dat 'het eeuwige leven'
volgens dit vierde [en laatste?] euangelie
niet zozeer iets toekomstigs is, als wel duidt op een toestand die begint zodra iemand G d & Yesjoe
de Verlosser is [ietwat beter] gaan kennen?!
Dat heden
en toekomst door dit geloof in Yesjoe de Bevrijder
in elkaar dus overvloeien, blijkt ook uit hetgeen hij zegt tot Marta:
"IK BEN
de opstanding en het leven. Al wie
in mij gelooft zal leven, ook wanneer hij/zij sterft,
en ieder die leeft & in mij gelooft
zal nooit sterven!"
volgens Yoh 11:25-26.


