'genot'
Het
lijkt niet gek
om ons handelen te baseren op een doel:
de schoenmaker maakt schoenen om er geld mee te verdienen
en hij wil geld verdienen om zijn kinderen
naar school te
laten gaan.
Zijn
kinderen
moeten naar school
om niet zo stom te worden als 'sommige mydiertjes' al zijn ~
en zo kun je [eindeloos] doorgaan? Nee, zegt Aristoteles, je kunt niet eindeloos doorgaan,
want als we dat doen, dan
wordt ons verlangen
[volkomen]
zinloos.
En
ons verlangen,
ons leven, is volgens Aristoteles niet zin-loos, sterker nog,
het idee dat ons leven zinloos zou kunnen zijn, komt niet eens bij hem op ~
ook dat is iets wat voor ons onvoorstelbaar
is [geworden]?
Voor
Aristoteles
is het laatste doel geluk, en dat moeten we dan ook allemaal zien te bereiken.
Denk niet dat hij 'geluk' enkel definieert als plezier,
maar inzicht en erkenning verschaffen
eveneens
genot.
En
om dat
te kunnen bereiken zijn weer allerlei andere
goede kwaliteiten
nodig?!
DIT
is geen ethiek
die verboden en geboden stelt, die normen voorhoudt.
Maar dit is een ethiek die zegt dat je moet nastreven wat je wilt, wat 'jouw doel' is.
Aristoteles schrijft dus over een ethiek in het verlengen
van het verlangen.
En over
die kwaliteiten
gaat het mydiverhaal nu dan ook nog steeds verder
en alsmaar
door?!
Aristoteles
noemt ze 'deugden':
deugd heeft niets te maken met braafheid
en betekent ook niet dat je heel krampachtig oppassend
of vreselijk zoetsappig
moet zijn.
Deugd
betekent
[in zijn ogen] voortreffelijkheid!
In het Grieks betekent het 'heel go{e}d leven',
dat wat 'menselijk leven' is zo go{e}d mogelijk doen!
Aristoteles onderscheidt allerlei deugden, maar telkens opnieuw blijkt de deugd
een midden te zijn tussen
twee tegengestelden?
Dat
heeft dan
ook niets te maken met 'middelmatig':
DIT
midden duidt juist op
die 'voortreffelijkheid'!
Deugden
veranderen
met de tijd en de omgeving.
Zo zag Aristoteles in de soldaat op het slagveld een toonbeeld van dapperheid,
terwijl zo ongeveer 1500 jaar later Thomas van Aquino
juist de martelaar
dapper noemt?
En
't mydiverhaal
gaat dus alsmaar
verder en door [ook via ons!]:
het loopt dus ook via een stroming als de Stoa naar al die uiteenlopende christelijke denkers als Augustinus & Thomas
van Aquino?!
Tot
nu toe
leek ethiek vanzelfsprekend:
mensen verlangen naar geluk, welnu,
de ethiek leert hoe je moet [kunt] 'lukken'?
Maar daarin ontbreekt iets wat wij
niet meer weg kunnen denken:
de notie van
't kwaad!
Bij
die oude Grieken
kon je lukken of mislukken,
maar een vergissing of een mislukking
is iets anders
dan het
kwaad?
Willens
en wetens
doen wat niet goed is,
dan kan in doe antieke context nog nauwelijks!
ONZE cultuur heeft twee wortels: de Grieks~Romeinse,
& de Semitische/Arabische/Joodschristelijke kant van onze cultuur:
en de notie van het kwaad dat geen doel dient, komt dan ook daar vandaan.
Plotseling blijkt dan ook die hele ethiek van die "Antieken" heel erg optimistisch te zijn?
Je moet alles een beetje water geven, en dan groeit en bloeit het wel!
Als je de mens zijn gang laat gaan dan komt het allemaal wel goed op den duur?
Nee, als je de mens zijn gang laat gaan, dan wordt het [alweer!] oorlog.
Er zit iets diabolisch in de mens.
WAAR komt 't kwaad
vandaan?
Voor
een denker
als Augustinus is dit nu de essentiele vraag?
Hij ontdekt dat de mens dus ook nog iets anders is dan redelijkheid en verlangen: de wil!
De wil is een kracht die kan ingaan tegen de redelijkheid, tegen het verlangen.
ZO wordt de wil verantwoordelijk gemaakt
voor het kwaad.
In
de bijbel
heet het ook wel
de neiging [wil] tot 't kwade &
de neiging [wil] tot 't goede.
En SjaulPaul voegt eraan toe: het goede dat ik wil doe ik niet,
maar het kwade dat ik niet wil,
dat doe ik?
Maar
als de mens
behealve redelijkheid en verlangen
ook nog een in zichzelf verdeelde wil is,
wat moeten [en kunnen]
we dan
doen?
Wat
moeten we doen
en wat moeten [kunnen] we willen?
Nu naderen we [alweer?] 't lastigste deel van al deze mydiverhaaltjes?
de z.g. 'plichtethiek' van Immanuel Kant en je realiseert je voor de zoveelste keer dat ons betoog nu ook echt weer een beetje moeilijk, ingewikkeld en lastig lijkt te worden, want al pratend over 'de plicht', geweld en wetten, autonomie, heteronomie & de fenomenale werkelijkheid van mucho macho homobibonobofilie e.d. moeten we wel onze rust bewaren om niet weer [alweer?] te gaan
'ontaarden' is de anarchie & banale chaos van loos lawaai & zinloos geschreeuw!
Anyway, uiteindelijk komen we dan weer eens uit bij Kants bekende uitspraak
dat je zo moet handelen dat je
elk mens ook als doel
op zich neemt!
Maar
het is
ook best wel
heerlijk om zo nu en dan
ook wel eens een keer te brgrijpen hoe we
stap voor stap o.a. tot zo'n formulering kunnen komen?
Wie 't geduld & 't uithoudingsvermogen heeft om al die diverse mydiverhaaltjes door te lezen en goed te luisteren naar wat dezen en genen te berde brengen zo nu en dan, die heeft in ieder geval wel
tijdelijk even wat meer vat op de ervaring
van het geweten?
Op
de vraag
wat ons geweten ons opdraagt,
hebben de existentialisten een duidelijk antwoord gegeven:
je moet kiezen!
Tot slot
kunnen we nog
een existentialist opvoeren,
die ik voor 't eerst las als zestienjarige rond '61/'62 v/d vorige eeuw?
Soren Kierkegaard: aan de hand van een korte maar uiterst
fascinerende tekst over de ongelukkigste
aller mensen, kunnen ze zelf zien
dat [ook] wij zelf
die ongelukkige
mens
zijn.
Het
gaat er
volgens Kierkegaard om
aanwezig te zijn: aandacht te hebben voor wat NU het geval is,
op DIT ogenblik.
DIT
ogenblik is
oneindig & onooglijk klein:
het is de sprong van de toekomende tijd naar de verleden tijd,
bijna zo klein dat je er niets [aan] kunt doen, op slechts EEN enkel ding na:
kiezen & 'n beslissing nemen.
Het is het moment
waarop je helemaal niets anders meer kunt doen
dan te kiezen wat je zult gaan doen,
in de toekomst.
Een
beslissing nemen
op grond van wat jij hebt gedaan, in het verleden.
Het enige waarom het nog gaat is die keuze.
Het enige moment waarop die gemaakt kan worden is in het ogenblik.
En wat doen wij, wij verstrooien ons, wij vermaken ons en vergeten maar al te vaak dat we moeten kiezen.
DAT maakt ons volgens Kierkegaard dan ook
meestal tot ongelukkige mensen,
zelfs al noemen we ons
redelijk gelukkig.
Dit
soort van
mydiverhaaltjes roept dan
ook telkens weer heimwee op & maakt ons soms wel wat jaloers?
Heimwee naar de tijd dat we zelf nog bij dit soort van mydiverhaaltjes konden zitten mijmeren op moeders [of g ds] schoot & een tikkeltje afgunstig op de kinderen
die daar nu mogen zitten in
alle onbekommerdheid
en onschuld.
Kierkegaard
zelf zou deze gevoelens
hoogstwaarschijnlijk veroordelen:
blijf niet hangen in dat heimwee, het heeft helemaal geen zin om jaloers [o.i.d.] te zijn!
DAT maakt alleen nog maar verder ongelukkig, hopeloos, redeloos & 'reddeloos'?
Maar: wees [nu & hier] AANWEZIG! KIES!
Kies er bijvoorbeeld voor om al die
diverse uiteenlopende
mydiverhaaltjes nog
eens een keer wat
aandachtiger door
te lezen als je er
de tijd voor
hebt!
ZO
aandachtig
dat je ze kent,
en mee kunt doen
in het 'debatteren' over de vraag
hoe we moeten [kunnen] leven, willen we dat leven
zinvol kunnen noemen: dan kunnen we er ook zelf aan meedoen
zonder alleen maar wat vrijblijvend oppervlakkig te leuteren
over normen en waarden waar we geen bal van snappen
en die ons volkomen ontgaan door flauwekullerige
onbenulligheid, totale aandachtsloosheid,
bodemloze hormonale verveling
& grensloze duffe
saaiheid
...
Met dank aan Paul van Tongeren over:
Geluk, deugd, plicht, keuze; acht colleges over de geschiedenis v/d ethiek; ISBN 9789074241106;
cd~serie a 49.90 fragmenten
zijn ook te beluisteren op:
www.trouw.nl/meer!