gewetenswroegingen luchtkastelen & rare mydivogels


Yah
G d is
go{e}d voor Yisraeel
voor wie zuiver zijn van hart!
Toch had ik bijna een misstap begaan,
bijna waren mijn voeten uitgegleden, want ik keek met afgunst naar de dwazen,
benijdde het geluk van wie kwaad doen!
Tot hun dood blijven zij voor siekte gespaard, hun buik is goedgevuld, aardse kwellingen kennen ze niet,
het lijden van anderen gaat aan hen voorbij.
Daarom is hoogmoed hun halssieraad en bedekt geweld hen als een mantel, hun ogen puilen uit het vet,
van eigenwaar zwelt hun hart.
Ze spotten, spreken kwaad en dreigen vanaf hun hoge zetels, ze zetten een mond op tot aan de hemel en
hun tong roert zich overal op aarde.

Daarom lopen de mensen achter hen aan, drinken hun woorden in als water en zeggen:
"Hoe zou G d iets weten? Heeft de Allerhoogste een antwoord?"

Zo zijn de goddelozen ten voeten uit, ze verrijken zich, onverstoorbaar.
Ja, vergeefs hield ik mijn geweten zuiver en waste ik mijn handen in onschuld!
Want ik werd gestraft, dag aan dag, en geslagen, elke morgen weer.
Maar zou ik spreken als zij, ik pleegde verraad aan G ds kinderen!
Dus bleef ik nadenken, ik wilde weten waarom ~ het was een vraag die mij kwelde,
tot ik G ds heiligdom binnenging en mij hun einde voor ogen bracht.
Ja, jij zette hen op een glibberig pad en stort hen in een diepe afgrond.
In een oogwenk is het met hen gedaan, hun ondergang, hun einde is een verschrikking.
Ze zijn als een nachtmerrie na het ontwaken,
YHWH,
bij het opstaan verjaag jij ze als beelden uit een droom.
Zolang ik verbitterd was, gekwetst van binnen, dom en dwaas, was ik bij jou als een rdeloos dier.
Maar nu weet ik mij altijd bij jou, jij houdt mij aan de hand en leidt mij volgens jouw plan.
Dan neem je mij weg, met eer bekleed.
Wie buiten jou heb ik in de hemel?
Naast jou wens ik geen ander op aarde.
Al bezwijkt mijn hart en vergaat mijn lichaam, de rots van mijn bestaan, al wat ik heb, is g d, nu & altijd.
Wie ver van jou blijven, komen om, wie jou ontrouw zijn, verdelg jij.
Bij g d te zijn is mijn enig verlangen, mijn toevlucht vind ik bij g d, yahweh, mijn heer.
Van al jouw daden zal ik verhalen.
{PS 73}
Hy alleen heeft de persse getreden.
Hy alleen heeft G ds toorn gedragen.
Hy alleen heeft de zonde verzoent: hy alleen moet dan ook de rotse der zaligheid, & onz vertrouwen zijn, en deel in eeuwigheid. Zo betuigen de Gelovigen hunnen volzekeren grond: wien heb ik neffens u in den hemel? neffens u lust my ook niets op der aarden. Spreekt, en denkt ook zo. Die Yesjoea heeft, bezit al alles. Die Yehosjoea heeft, bouwt op eenen onwankelbaaren grond, & is kloek in tegenspoed, gemaatigd in geluk, en geduldig in lijden en strijden: en tart alles, wat hem de Satan, de weereld, en doldriftigste vyand zoud mogen aandoen. Zulk een zegt met Paulus, en alle regt-gelovigen: wie zal ons scheiden van de liefde des Heilands? Verdrukking, of benauwdheid, of vervolging, of honger, of naaktheid, of gevaar, of zwaard? Maar in deezen allen zijn wy meer als overwinnaars, door hem, die ons heeft lief gehad.
Mosjiach heeft den Gelovigen recht en magt gegeven, om van den boom des levens te eten.

Mosjiach heeft ons 't Paradijs weder geopent, dat Adam door zijne bondbreuk toegesloten had.
Mosjiach heeft den drinkbeker van G ds toorn gedronken, en de bitterheid daar van weg genomen
.
Waakt dan, bid dan met Christos. G d de Vader, die hem verhoort heeft uit de vreeze, zal ons ook verhoren, en niet boven onz vermogen laten verzoeken, maar welijdige hulp toebrengen.

Wy hebben geen Hoogenpriester, die geen medelijden kan hebben met onze zwakheid,
maar die in allen dingen is verzocht geweest, gelijk wy; doch zonder zonde.
Zoud die getrouw, zoud die menschlievende Hoogenpriester,
ons oit verlaten, zo wy
hem niet verlaten?
Dat zy verre.
Hy zal by ons zijn met zijnen Geest;
hy zal ons opwekken door zijn woord;
hy zal ons doen zegepralen over alle onze vyanden,
en dat vreugd-gejuich in hart en
mond geven:
Dood,
waar is uw prikkel?
Helle,
waar is uwe overwinning?
De prikkel des doods is de zonde,
en de kracht der zonde is de wet,
maar Gode zy dank, die ons
d' overwinning geeft, door
onzen Heere Yehosjoea
de Masjiach.
Amen.
31 jul 2008 - bewerkt op 01 aug 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende