Neerkijken op jonge mensen is blijkbaar 'n noodzakelijk onderdeel van de levenswijze van veel ouderen en draagt sterk bij tot hun bloedcirculatie, het valt immers helemaal niet mee om verder te leven met je ene been in het graf en het andere in de jicht?
Stokoud?
Ja, bijna vijfenzestig is niet niks: men gaf me al een stok, niet om ermee te slaan, maar om verder ermee te gaan van bed naar kippenhok of tot het cafe in de laan!
Weken, maanden, jaren jagen met hetzelfde stil gewag van slinger en van wijzer en wij, wij worden stijver, grijzer en gaan zachtjes overstag: laten we daarom liever maar nu wat pakken kaarten kopen, een mooie wijn uit een goed jaar, wat bridgeboekjes, breinaalden, alle paradernalia die nodig zijn om een enorme bedreigende leegte te vullen, om de gruwel te verbergen van een eenzame kromme oude vrouw. De oude dag zorgt er vanzelf verder wel voor dat we geen zin meer hebben in wat nu niet echt meer moet. Hoe onuitputtelijk en groot is de ellende waarmee een langgerekte ouderdom gevuld is?
Bijna een eeuw!!
Als kind moet je bescheiden zijn, als jongere gematigd, als volwassene rechtvaardig & als je oud bent vooral heel voorzichtig.
Dat op hoge leeftijd gemaakte werken best belangrijk kunnen zijn staat dus nu buiten kijf: daar troosten zich vooral mensen mee die geen creativiteit te verliezen hebben & die troost moet je hen verder dan ook maar laten!
Vadertje Tijd, die bij geen van zijn kinderen aarzelt, is soms nog mild gestemd tegenover hen die een goed gebruik van hem hebben gemaakt, maar voor de rest is ouder worden geen gevecht, maar een ware slachting!
Al wat ik heb gedaan was goed gedaan, behalve leven?
En wat rest mij dus nu nog aan 't einde van 't verhaal? Een nijverig verleden, wat woorden die aan eenzamen vertroosting schenken, maar die verwaaiden als de blaad'ren die in de hersft nog even opglanzen en dan tot ontbinding overgaan: ook ik was slechts voor korte tijd een blinde leider van de blinden die denkt, zo nu en dan, aan God die, naar men zegt voor eeuwig in de hemel woont, al heb ik nooit zo goed verstaan wat hij daar aan 't doen is, 't zij wat trachten na te gaan ofdat 't loont dat hij de duivel aka satan, op aarde vrij z'n gang laat gaan! Is hij, perhaps, 'n oude man met witte baard, die doodvermoeid zo nu en dan wat grinnikt om al wat wij hier aan 't doen zijn en bedrijven? Heeft hij een hart van rotssteen dat nooit en te nimmer hoogst bezwaard wordt door de misere van ons vege lijf met vage geest?
Hij schenkt ons samen met satan de duivel kanker, tering, pijn en blindheid, dove oren & is oneindig vindingrijk met duizendeneen kwalen voor lichaam en voor geest ...
Ook met 't hartezeer waarop hij onze schaarse vreugden kan verhalen! Hij kon ook, al glimlachend, rustig toezien toen men gouden tanden/kiezen rukte uit het dood gebit, de lange zwarte vlechten snoeide ~ het speelgoed alreeds opgeborgen ~ en toen de helse handen van de beulen de mensenhuid tot lampekap verknoeiden ...
Wanneer ik sterf en voor die troon zou staan in 't opperste gericht, m'n hart vol razernij & onmacht, zal ik aan hem vragen: "JIJ die men nog wel go{e}d noemt, hoe kon jij toch in godsnaam dat, hoe kon jij 't verdragen dat twaalf miljoen & nog meer ogen staarden naar jouw stom & roerloos aangezicht?"