et46a over de eerste van deze wrede gebeurtenissen
hebben we 2 nogal tamelijk uiteenlopende verhalen: één van Flavius Josephus in zijn Joodse Oudheden {XX 9:1} & één van Eusebius in z'n KERKGESCHIEDENIS {II:23}! Eusebius haalt een fragment op van de GEDENKSCHRIFTEN van Hegesippus, een Palestijns auteur uit de 2de eeuw helft v/d tweede eeuw. Zelfs als die passage van Josephus door 'n latere christelijke hand is omgewerkt, blijft die toch wel verreweg de oudste & moeten we daaraan de voorkeur geven? Híj situeert de dood door steniging van Ya'akov/Jakobus de broer van de Héér Yesj & van 'sommige anderen' in het jaar 62 ná hun veroordeling door het sanhedrin van YEROESJALAYIEM vlak voor de opstand?!
Dàt was vooral ook op instigatie van de hogepriester Ananias, die de bijzondere gelegenheid van een interimperiode tussen 2 Romeinse prefecten sluw had aangegrepen om deze speciale vergadering van de hoge raad bijeen te roepen!? De beschuldigden werd 'r verweten dat zíj de Wèt van Mosjeh geschonden hadden, maar de publieke opinie @ Jerusalem schijnt toch naar weinig geloof te hebben gehecht aan de schuld van die veroordeelden. 't Verhaal van Hegesippus laat die gewelddadige dood van Jacobus plaatsvinden bij het begin van het beleg van Jeruzalem door de Romeinen in het jaar 69 (alweer bijna aan het einde van de opstand) eh HÍJ maakt er een 'lynchpartij'
van door een groepje 'schriftgeleerden en Farizeeën' die zich grote zorgen maakten over het succes van zijn prediking. Er zal alleen van blijvenhangen dat het de joodse leiders van YEROESJALAYIEM zijn die een lastpak uit de weg geruimd hebben!? Wàt er ook precies van zij geweest: al met al was het een harde slag voor die kerk van Yeroesjalayiem die, zèlfs ÀLS zij zich níet al teveel zorgen maakte over de dood van haar Leider, misschien pas ná de Verwoesting van De Tempel ("van Herodes"
in 70 (KIII, 11:1) erin geslaagd is toch nog een opvolger voor hem te vinden. Toen 't Romeinse Legioenenleger 't beleg sloeg voor De Hoofdstad 'na' De Opstand alwaar de zeloten een waar schrikbewind voerden na al die onderlinge burgeroorlogen - zo lezen we in Eusebius - vluchtten de resterende christenen van Jeruzalem in Judea naar Pella, 'n heidense stad van de Dekapolis ten oosten van de rivier de Yardeen (KIII 5:3)! Verschillende historici hebben dìt feit (ook) in twijfel getrokken, maar we moeten zeker vasthouden aan de werkelijkheid ervan. Je kunt hoogstens aannemen dat de 'GEMEENSCHAP der VELEN', weer beroofd van haar Leider die nu ook al 'zo lang' richtingbepalend was geweest, totaal verstrooid is geraakt: sommigen van haar leden voegden zich bij de zeloten in de hoofdstad, terwijl vooral de leiders zich in Pella vestigden èn ook weer andere (bij)gelovigen vèr (zo ver mogelijk!) 'n goed heenkomen zochten om aldie schier uitzichtloze ellende te kunnen ontkomen!
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende