en de haan kraaide driemaal voor de baarnse victor


Stopwoordjes
zijn er waarschijnlijk altijd al geweest.
Vroeger was dat vaak 'god' en nu is het
'kut' [of lul!]?

Sommige woorden
raken in ongebruik,
als 'lellebel', 'lulhannes', 'zijksnor' & 'zeurkous',
andere komen in de mode, als 'breezersletjes', 'loverboys', junk/funk/punk/hunk/skunk.
Zowel veel- als nietszeggend voor de tijd waarin ze in gebruik raken
en/of uit 't zicht verdwijnen.

Bij Mattheus Gargon
kom je ze ook zo nu & dan tegen:
totaal verouderde woorden die praktisch niemand meer gebruikt
of waarvan men zelfs niet meer weet
wat ze ooit betekenden.

Vroeger was er zelfs
een bond tegen het vloeken & de blauwe knoop tegen alcoholmisbruik?
Je ziet al die geestelijke bewegingen ook nu op perkament, papier, papyrus, potscherven,
in kleitabletten & als grafitti etcetera. Net zoiets als grappen & grollen,
karikaturen, [nek]schotschriften,
seksuele aberraties
...

In de nieuwe bijbelvertaling
heet het "Lucht en leegte, alles is leegte" ~
die woorden uit Prediker 1:2 in de NBV zijn ook al snel
een bekende uitdrukking i/d Nederlandse
taal geworden.

Of je nu 300,
1300 of 3000 jaar terugkijkt,
het blijven boeiende voorbeelden
van wat we ooit moesten doen met gelaatsuitdrukkingen
& gebaren, lichaamstaal & keelgeluiden, roepen, schreeuwen, lokken, dreigen,
waarschuwen, krijgsgezang & oorlogskreten, lofzangen
na de eerste kreetjes van pasgeboren babies, dope-
& hopeplechtigheden en bruiloften & partijen,
doodsrituelen & discogejengel, toppopsongs
der puberemohorden &
adolescentjes
...

Verwilderde
Geertje & Favorita Verdonk
e.d. zijn ook van dat soort schertsfigurenkaliber:
veel geschreeuw en te weinig wol!

Op hol geslagen
egotrippers, langetenentelers,
tenenkaasproducenten, fatsoensschenners e.d.
Lucht & leegte doken na de verschijning ook voor 't eerst op
in niet-bijbelse jeugdlectuur in een aflevering
van Donald Duck/Fuck uit '98 v/d vorige
afgelopen eeuw:
daarin zegt Guus Geluk
[ongetwijfeld ook nog familie van Joris Goedbloed
Voorhoeve, Fritz Ollie B. Bommelstein, JanPeter Balkenende,
Hansje Sigaar Wiegel & de Baarnse Bobo Benno Victor]
over een hartvormig gat dat Donald voor zijn geliefde Katrien in een rots heeft uitgesneden:
"Mijn complimenten voor dat fraaie gat in die berg!
Een passend symbool voor jouw liefde voor Katrien
... alleen maar
LUCHT & LEEGTE!
!"

In Kreuzersonate
van Margriet de Moor (2001)
vinden we op pagina 100 ook een treffend voorbeeld
van 't gebruik van deze nieuwe bijbelse uitdrukking:
"De trieste gedachte kwam in me op
dat wat je ook doet en onderneemt in het leven,
het is uiteindelijk [alles en allemaal]
lucht en leegte!
"


De bijbel begint
& eindigt er zelfs mee
zo nu en dan in 't woeste en ledige duister,
't einde der tijden en het grote oordeel als de hemel & de aarde weer eens worden opgerold
als 'n oude vaatdoek. Vijf jaar geleden kwam Abdelkader Benali's nieuwe roman
De langverwachte
uit, met op pagina 132 de woorden:
'alles verdampt, niets dan lucht en leegte!'

...

Vooral het verband tussen het verdampen en lucht,
leegte, nietigheid is aardig. Want die relatie is er ook in 't oorspronkelijke Hebreeuws. Net als de associaties met {regen}wolken, droogte, wind en alle
andere woestijngeluiden & ~gebeurtenissen
zoals kurkdroge wadi's/rivierbeddingen
en overstromingen
...

De geluiden
van de wind op hoge bergen
en rotsen, spelonken, grotten, kloven, rotsvestingen & ~dalen?!
De klassieker vertaling
"IJdelheid der ijdelheden,
alles is ijdelheid
"

gaat terug op de allereerste Nederlandse bibelvertalingen in de Middeleeuwen. Ze is letterlijk een weergave van de Latijnse woorden

"Vanitas vanitatum omnia vanitas"
.

Die woorden uit de Vulgata zijn op hun beurt
'n letterlijke vertaling van de Hebreeuwse uitdrukking in Prediker 1:2 waarin het thema van het hele boek wordt samengevat. De anonieme auteur gebruikt daar drie keer het woordje
"hevel"
{"ABEL!"};
al naar gelang de context
kan dat woord zowel 'lucht, adem(tocht), zuchtje wind, damp
& nietigheid als vergankelijkheid & zinloosheid'
betekenen
& zelfs 'n aanduiding zijn van een
god van wie men vergeefs alle steun verwacht!
't Wordt in Prediker 1:2 in 'n woordcombinatie gebruikt
die we in 't Nederlands 't beste kunnen weergeven met de 'superlatief', de overtreffende trap.
Zoals de woorden
"koning der koningen"
"de allerhoogste koning"
{"sjahinsjah"}

zijn gaan betekenen, & met 'n
"lied der liederen"
"het allermooiste lied"

bedoeld is, zo is het dan ook dat we die woorden
"ijdelheid der ijdelheden"

interpreteren als
"de allergrootste ijdelheid"
.

De vraag is hier
dus wel
: hoe bruikbaar 'ijdelheid'

in 'n moderne bijbelvertaling nu nog is of kan zijn?!

Toen de woorden 'ijdel, ijdelheid' in de vijftiende eeuw voor het eerst in 'n bijbelvertaling
werden gebruikt, waren ze een prima vertaling voorzover ze van zaken en gebeurtenissen de 'ledigheid, leegte, nietigheid, zinloosheid, doelloosheid, toevalligheid,
of ook wel trotsheid & pronkerigheid'
uitdrukten.

Die betekenis
hebben ze ook in later eeuwen gehad.
Joost van den Vondel kon met een zinspeling op 't
christelijke leerstuk van de z.g.
'creatio ex nihilo'

dichten:
"De Godtheit schept
alleen uit ydelheit en niet!
"


In de twintigste eeuw trad echter die betekenis van ijdelheid als 'n
menselijke eigenschap [eigendunk, praalzucht] veel meer op de voorgrond, waardoor die bekende zegs-wijze ietwat minder goed in onze taal begon te functioneren. In woorden als 'ijl' & 'verijdelen'
['tenietdoen',
'vernietigen']
vinden nog wel iets meer
dat nog herinnert aan een vroeger veel sterker gevoeld betekenisaspect van ijdelheid,
maar hoevelen van ons leggen tegenwoordig nog steeds dat verband
zonder ook 'n dikke Van Dale
te raadplegen?

Iets recenter bijbelvertalingen
bieden dus gelukkig wel verschillende alternatieven voor de [ver]oude[rde] formuleringen van woorden, uitdrukkingen, zinsneden
& gezegden
...

De Willibrordvertaling ['75/'95]
behoudt met
"IJL & ijdel, alles is ijdel"

nog iets van die oude klanken.
Dat geldt in wat mindere mate v/d Groot Nieuws Bijbel ['83/'96']
waarin Prediker 1;2 nogal
breed is vertaald met:
"IJL
& vluchtig, zonder zin, nutteloos is alles, zegt hij. Volkomen zinloos is
het leven!
"

De Friese versie
luidt in de vertaling van 1978:
"Neat mei neat, it is allegearre neat!"

Vermeldenswaard is ook
de bewoording die Kousemaker in zijn vertaling van het
boekje Prediker in het Zuid~Bevelands [1980] vond:
"Leegte, leegte! aolles is leegte!".

En in '94 verscheen ook nog eens

De Bijbel in onze taal, voor elke dag.
Cromphout vertaalde daarin de beroemde woorden van Prediker met:
"Lucht en leegte, het is allemaal lucht en leegte"
!

In de NBV is met
"Lucht en leegte, alles is leegte"
dus gekozen voor een formulering die erg lijkt op de laatste twee geciteerde vertalingen:
in deze vertaling blijft de natuurmetafoor die de Hebreeuwse tekst biedt, behouden
en de gekozen formulering past zo dus weer goed aan bij de beelden
in 1:2~11 ...

En ten behoeve van het versterkende effect v/d Hebreeuwse superlatief
is met 'lucht en leegte' een ietwat meer allitererend element ingebracht. Zo is voor die klassieker 'ijdelheid der ijdelheden' een uitdrukking bedacht
die de betekenis van het origineel knap weergeeft
& die ook goed ingang vindt in de Nederlandse
literatuur. Als je zoiets helemaal
'scherp wilt slijpen' &
toespitsen
op mydi
dan is elke entry 'n vorm
van vertaling, aanpassing, eigen vernieuwende weergave,
bespiegeling, vernieuwing,
a.h.w. 'internationalisering'
& 'vermenselijking'.

blozen
18 jul 2008 - bewerkt op 18 jul 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende