Ik vermoed van wel!
Sterker nog: ik geloof dat dit nu eigenlijk precies het doel is van dat bredere
paraplubegrip 'spiritualiteit' ~ heel veel graven, snoeien, hakken, zagen, timmeren,
schaven, schuren aan 'n beter ik.
Pardon,
laat ik ook maar eens iets beter op mijn woorden gaan letten. De ketel verwijt ...
Het 'ik' is ook nou weer niet zomaar 'n willekeurig stuk klei, 'n klomp marmer of 'n homp
jonge kaas dat de al dan niet bejaarde & behaarde levenskunstenaar in vorm probeert te krijgen
met wat kunstgrepen
...
Er zijn populaire vormen van spiritualiteit
die 't misschien wel dolgraag zo zouden willen doen voorkomen,
maar ik denk dat die zienswijze veel te kinderachtig eenvoudig is.
Te esoterisch & naarbinnen gericht: ik meen dat de verbetering van 't ik
juist wat meer vraagt om 'n exoterischer benadering.
Mijn excuus voor al die dure woorden
& mogelijk wat verouderde referenties!
En zalig de armen van geest die begrijpen wat
al die abstracties concreet [ook] betekenen & kunnen inhouden
voor eenvoudige zielen
& spontaan doen.
De onbevangen lach van 'n klein kind zien,
en plots beseffen hoe weinig je eigenlijk
zelf nog lacht,
ECHT
lacht, lacht zoals zij lachen.
Je blik afwenden van 'n straatkrantverkoper of collectebus
[de moderne varianten van aalmoezen vragen, bedelen &
collecteren voor alle eindeloze goede doelen], en weten hoe weinig
al jouw theorietjes & ideaaltjes over medemenselijkheid & mededogen,
barmhartigheid en naastenliefde nu eigenlijk wel waard zijn
als het erop aankomt.
Een oprecht,
haast gefluisterd 'dankjewel' horen van iemand die jij geholpen hebt met iets piepkleins.
DAT
zijn de dingen waar jouw ik een beetje beter van kan
worden zonder bijbedoelingen, pretenties & opgeblazen betweterigheid.
Slechts 'n heel klein beetje beter.
Maar nog altijd zoveel meer dan door het eindeloos tobben
over wie je nu wel of niet precies bent of zou kunnen worden, veel meer dan
door het naarstig & nijver geblader door allerhande zelfhulpboeken & ook
veel meer dan door 't klakkeloos volkalken van schriften
vol met autobiografisch geneuzel
& duf gepeuzel: 't
is alles ijdelheid en najagen van de wind
huilend om de rotsen des levens
in beide betekenissen van het
woord, zowel letterlijk
als figuurlijk.
"Wie zich aan z'n leven vastklampt, die verliest het!"
zo laat Yochanan zijn
[versie van]
Yehosjoea zeggen in 't vierde euangelium,
'maar wie het leven
prijsgeeft in deze wereld, die zal 't behouden voor eeuwig leven!"
Met lijf en ziel, liefde & leed!
Misschien kunnen we voor deze openbare gelegenheid
ook wel 'ik' invullen waar 'leven' stond? We verliezen ons ik als we er ons teveel aan
vastklampen met alle geweld,
absoluut!
Ons ik wordt dan 't dikke ik:
'n opgeblazen ego, dat zal klappen als een ballon in 'n benauwde ruimte
& niet meer zweeft als 'n ballonnetje dat waait in de wind!
We moeten ons ik
daarentegen dus kunnen 'prijsgeven' aan de wind, om een
veel groter & 'beter' perspectief te verkrijgen, de zon in 't water te zien schijnen & 'n horizon
in 't heelal
...
Je ik prijsgeven,
dat klinkt misschien nog wel wat zwaartillend
& vreselijk moeilijk, zoiets als je eigen hand afhakken als je er last van hebt, of erger nog:
jouw eigen hoofd?!
Maar lees het ook rustig maar eens als
simpelweg het tegenovergestelde van 'vastklampen', 'vasthechten', vastleggen & opzwellen zoals eerst: dus als loslaten, ontspannen mee omgaan, een zekere afstand van nemen, met 'n korreltje zout nemen,
er lichter, vrijer, verlossender & echter mee omgaan.
Volgens mij begint dat alles bij 'n eenvoudige openheid naar andere mensen.
Bescheidenheid, interesse, betrokkenheid, eerlijkheid, spontaniteit & liefde ...
Heel gewone dingen dus allemaal,
maar wel zaken die onmisbaar zijn in 'n gezonder relatie met je medemens, dichterbij & wat verder af!
En dat is belangrijk, want die 'ander' is uiteindelijk onmisbaar voor mijn
'eigen' ik & voor de verbetering
van 'mijn ik{je}'.
Waarom?
Al eerder & vaker
noemden we het ik ons betekenisgevende perspectief, maar er is
EEN
ding waaraan ik geen betekenis kan geven, en dat is aan het
ik zelf.
Althans,
niet direct
...
DAT
is nu juist 't ellendige met alle perspectieven:
zij zijn als 't ware bij wijze van spreken, vertellen & herschrijven hun eigen blinde vlek.
Met 'n verrekijker tele~ of microscoop] kun je
ontzettend veel zien, behalve de
kijker zelf.
'n Periscoop
kan 't wateroppervlakte zichtbaar maken, doch niet die duikboot waar jijzelf in zit
net als met de dromer die van alles en nog wat ziet
maar zelf slaapt
...
Als je een bril draagt,
en je ziet die bril zelf, dan ga je ermee terug naar de opticien.
Als je ze steeds ziet vliegen & van alles en nog wat hoort en ziet dat er niet is,
dan moet je maar eens een bezoekje brengen
aan een goede dokter die
van wanten weet?!
Als je dan een goede bril hebt gevonden, dan zul je die pas
zien wanneer de opticien je een spiegel heeft voorgehouden & zo moet je ook leren omgaan
met al die andere kijkinstrumenten, hallucinaties, dromen, visioenen, vergezichten
en 'je eigen inzichten in jezelf':
pas via de omweg van de ander, zien we wie wijzelf zijn.
Juist omdat ons ik zo'n alomvattend perspectief is,
hebben we anderen nodig om goed [en beter] zicht te kunnen krijgen op onze 'eigen' tekorten,
en het zicht op die tekorten hebben we weer nodig
om onszelf te kunnen verbeteren
& vervolmaken.
"Mijn beter
ik" is ten diepste een paradoxale frase
[net als Yehosjoea de Verlosser/bevrijder/redder/vervolmaker!]!!!
We kunnen het als mensen [homobilesbonobobolleboosjes]
klaarblijkelijk ook al niet zonder paradoxen stellen wanneer we die verbetering
waar willen/kunnen/zullen maken.
Als je jouw ik wilt leren kennen, kijk
dan eerst eens de andere kant op: naar je naasten,
de mensen die met jouw ik en al z'n facetten te maken krijgen.
Als je wilt weten hoe je betere ik eruit ziet, kijk dan weer de andere kant op:
naar je slechtere ik,
zondige ik.
Ik gebruik bewust
dat hopeloos onmoderne woord 'zondig',
met die oubollige zweem van burgerlijke kleinchristelijke hel-en-verdoemenisdogmatiek,
juist omdat ik vind dat die connotatie het prachtige idee van de zonde geen recht deed!
Vind je die term toch echt onbruikbaar vanwege de negatieve kleinzielige erfelijk belaste bijklank?
Prima, maar dan zul je toch een nieuw{er} woord ervoor moeten kunnen verzinnen
voor die fundamentele onvolledigheid
van de mens?
De zonde is geen christelijke uitvinding,
waarin je al dan niet kunt geloven, maar een keihard gegeven tussen oertijd en ondergang.
De mens is voor verbetring vatbaar ~ precies dat is ook de onbetwistbare waarheid
die in die slogan 'mijn beter ik'
besloten ligt.
En het is aan ons
om die verbetering te verwerkelijken zolang we daartoe in staat zijn.
Wie wil,
die kan dat ook beluisteren in het christelijk besef van onze zondigheid:
een zo schijnbaar onbarmhartig
idee als dat van de erfzonde legt niet zozeer de
schuld van onze onvolmaaktheid bij onszelf,
als wel de
verantwoordelijkheid om er iets aan te doen.
Erfzonde is geen ontkenning van onze vrije wil,
maar juist de ultieme bevestiging ervan: je
kunt je ik verbeteren,
het is aan jou om jezelf beter te [kunnen] maken.
Zondebesef brengt geloof, hope [dope] & liefde in tegen die hardnekkige,
cynische overtuiging dat er uiteindelijk niets te doen is
aan alle ellende op de wereld,
omdat egoisme en wreedheid nu eenmaal in onze natuur
zitten ingebakken van voor onze geboorte
af aan.
We mogen en kunnen
ons niet meer zomaar neerleggen bij ons matige ikje,
ons slechte opgezwollen ik, ons niet al te fraaie en vaak o zo zielige ikkepikkeporretje.
Die zoektocht naar 'n 'beter ik' is geen vrijblijvend luxeproduct van de verwende consument die toevallig wat meer tijd en geld over heeft voor zoiets onbenulligs
als 'n 'maand van de spiritualiteit'!
Die spiritualiteit
doet 't hele jaar [& heel ons leven] 'n dringend beroep op ons:
het beroep van elk
kind, 't beroep van 'n straatkrantverkoper, 't beroep v/d naaste die mijn hulp vraagt,
voor mijn part bij 't verwisselen van 'n kapotte gloeilamp
[of wat dan ook]!
Zo licht
kan het juk zijn dat 'mijn betere ik' mij nu
vraagt om te dragen:
'n beetje meer vrolijkheid, welwillendheid, hartelijkheid
& echtheid!
ZO
makkelijk is
't om ons
'zelf' prijs te geven,
ten bate van 'n beter ik.
Verbeter de wereld: begin
bij de wereld
om je
heen.


