drie geloven op 'n kussen {y/c/m} daar slaapt niet

'de duvel tussen'


WAT
DIE GESCHIEDENISSEN
VAN DE AFGELOPEN EEUWEN
& MILLENNIA ZO INGEWIKKELD MAAKT
ZIJN DE VERSCHILLENDE LAGEN DIE DOOR ELKAAR HEEN LOPEN
& ZO TOT EEN VERHAAL VERVLOCHTEN WORDEN
TERWIJL ZE EIGENLIJK DEEL UITMAAKTEN
VAN VERSCHILLENDE TRADITIES &
STROMINGEN VAN HER
& DER?



Zie
Danieel &
Gavrieel in de tijd
voorafgaande aan 'het jaar "0"'
& de heersende verwachtingen!


Hij raakte me aan,
hielp me overeind en zei:

"Ik zal je vertellen wat er gebeurt als G ds toorn is uitgewoed,
want het gaat over het tijdstip van het einde. De ram met de twee horens die je zag,
duidt op de koningen v/d Meden & de Perzen. De harige geitenbok is de koning van Griekenland.
De grote horen tussen zijn ogen is de eerste koning. De horen brak af en er kwamen vier andere
voor in de plaats; dat betekend dat er vier koninkrijken uit het volk zullen ontstaan,
maar niet met dezelfde kracht. Aan het einde van hun heerscheppij,
als de tijd v/d overtreders voorbij is, zal er een meedogenloze koning opstaan, bedreven in listen.
Zijn kracht zal groot zijn ~ maar het is niet zijn eigen kracht ~
en hij zal een ongehoorde verwoesting aanrichten. Alles wat hij onderneemt zal hem lukken;
machtigen zal hij in het verderf storten, ook het volk van de heiligen.
Door zijn listigheid slaagt hij in elk bedrog. Hij zal hoogmoedig zijn en velen onverhoeds
in het verderf storten. Tegen de vorst der vorsten zal hij opstaan,
maar zonder dat er een mensenhand aan te pas komt zal hij gebroken worden.
Het visioen waarin over de avonden en ochtenden werd gesproken, is waar.
En jij, houd dit droomgezicht voor je, want het verwijst
naar een verre toekomst!"

Ik,
Danieel, was uitgeput & enige dagen ziek.
Toen ik hersteld was, diende ik de koning weer.
Maar ik was verbijsterd over het droomgezicht &
ik begreep het niet.

Ik bad tot de Eeuwige,
{YHWH} mijn G d, en beleed schuld
:
"Heer,
grote & geduchte G d,
die zijn beloften nakomt & trouw is aan allen die hem liefhebben en doen wat hij gebiedt;
wij hebben gezondigd en ons misdragen. Wij zijn slecht en opstandig geweest,
en wij zijn van jouw geboden en regels afgeweken
en wij hebben niet geluisterd naar jouw dienaren, de profeten, die in jouw naam tot onze koningen,
onze vorsten, onze oudsten en tot het hele volk
gesproken hebben.
JIJ,
Heer, staat
in jouw recht,
maar tot op deze dag
staat de schaamte ons op het gezicht,
ons, de mannen van Yehoedah, de inwoners van Yeroe-sjalayiem,
alle Yisraelieten, of ze nu dichtbij zijn of ver weg, in alle landen waarheen jij hen hebt verdreven
vanwege hun ontrouw
jegens jou.
EEUWIGE,
ons en onze koningen,
onze vorsten en onze oudsten staat de schaamte op het gezicht, omdat wij tegen jou gezondigd hebben. De Heer,
{YHWH}
onze G d, is vol erbarming en vergeving, hoewel wij tegen hem in opstand zijn gebkomen,
en niet hebben geluisterd naar de Eeuwige, onze G d.
We hebben de lessen die hij ons door zijn dienaren, de profeten, heeft laten leren
in de wind geslagen. Alle Yisraelieten hebben jouw wet overtreden, zijn daarvan afgeweken
en hebben niet naar jou geluisterd.
De met een eed bekrachtigde vervloekingen die opgetekend staan in de wet van Mosjeh,
de dienaar van G d, zijn over ons uitgestort, want wij hebben tegen jou gezondigd.
G d heeft groot onheil over ons gebracht en het dreigement uitgevoerd dat hij tegen ons en onze leiders had geuit;
in de hele wereld is nog niet gebeurd wat Yeroesjalayiem is overkomen.
Het kwaad dat over ons gekomen is, staat al beschreven in de wet van Mosjeh,
en toch hebben wij de Eeuwige,
{YHWH}
onze G d,
niet gunstig gestemd door afstand te nemen van onze overtredingen en jouw waarheid in acht te nemen.
Welbewust bracht de Eeuwige onheil over ons, want de Eeuwige, onze G d, is rechtvaardig
in alles wat hij doet, maar wij hebben niet naar hem geluisterd.
Nu dan, Heer, onze G d, die jouw volk met krachtige hand uit Egypte hebt weggeleid
en daarmee jouw naam hebt gevestigd tot op deze dag ~ wij hebben gezondigd,
wij hebben ons misdragen. Heer, jij bent rechtvaardig,
bevrijd toch jouw stad Yeroesjalayiem, jouw heilige berg, van jouw hevige toorn;
want om onze zonden en om de overtredingen van onze voor-
ouders worden Yeroesjalayiem en jouw volk te schande gemaakt bij alle volken om ons heen.
Luister daarom, onze G d, naar het gebed en de smeekbeden van jouw dienaar
en zie jouw verwoeste heiligdom met mededogen aan, ook omwille van jouzelf.
Geef, mijn G d, gehoor aan ons en luister naar ons;
open jouw ogen en zie de verwoesting van de stad waaraan jouw naam verbonden is.
Niet omdat wij rechtvaardig zouden hebben gehandeld leggen wij onze smeekbeden aan jou voor,
maar omdat jouw barmhartigheid groot is.
Heer, luister naar ons!
Heer, vergeef ons!
Heer, verhoor
ons gebed!

Wacht
niet langer
en grijp in,
mijn G d,
ook omwille
van jouzelf,
want jouw naam is verbonden aan
jouw stad en
aan jouw
volk!"
20 dec 2008 - bewerkt op 20 dec 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende