Waarom beginnen alle moeilijke gedachten toch in de trein? Ik staar naar buiten en zie het landschap aan me voorbij trekken. Ik denk aan alle dingen die ik nog moet doen, voor dat ik begin met mijn stage. De laatste afrondende fase van mijn opleiding. Daarna ben vrij om te gaan en staan waar ik wil en vooral ook gekwalificeerd om te solliciteren op, hopelijk, leuke banen. Ik moet mijn fiets naar de fietsenmaker brengen en mijn band laten plakken. Zou het te fietsen zijn, vraag ik me opeens af. Dat stuk, naar stage? Ik moet sowieso mijn fiets laten repareren. En verder moet ik mijn laptop opruimen, leegruimen. Uitblazen ook. Zorgen dat hij niet meer zo'n lawaai maakt. Bah, ik zie er tegen op om straks mijn laptop elke dag mee te zeulen. Ik zie het zo voor me dat ik hem eens vergeet. En ik moet een extra lening bij de ib groep regelen. Alweer. Anders kan ik mijn reiskosten niet betalen. Ach, die paar maanden nog, het kan wel. Ik voel me er niet fijn bij, maar ik moet het naast me neer leggen. Ik ben teleurgesteld, in mezelf. In het verloop van mijn masterfase. Alles leek zo goed te gaan. Al snel bleek ik geen stage te vinden, maar had ik wel zo'n super gave scriptie kans dat het me niets uit maakte. Ik liet me meeslepen. En werd teleurgesteld. Deels door mezelf, deels door mijn omgeving. Het was zwaar, ik had geen bijbaantje en hoewel studeren nooit een rijke periode was (ik moest alles zelf betalen en op iets meer dan honderd euro van mijn ouders hoefde ik na het eerste jaar niet te rekenen), was het nu opeens extra pittig. Ik was voor het eerst gelukkig met mezelf, mijn vriendengroep, mijn 'liefdes' (eerder 'datings'

- leven. Het werd ruw verstoord toen er geen werk was. Ik afgewezen werd op sollicitaties. Ik geen stageplek vond. Mijn scriptiebegeleider teleurgesteld in mij was en ik in haar. Die zogenaamde prille liefde die mij afwees. Als klap op de vuurpijl een 7,5. Een 7,5 voor iets waar ik nog nooit lager dan een 8 voor had gehaald. Alle andere vakken had een 7,5 mogen zijn. Een 5,6 wat mij betreft. Maar hier wilde ik gewoon graag een 8 voor halen. Ik wilde het trots op mijn CV kunnen zetten. En nu, wat ga ik er nu mee doen? Mijn zelfvertrouwen heeft een deuk opgelopen. Niet alleen door die 7,5. Ik heb me laten gaan, op vakantie. De kilo's zijn er vast weer bijgeslopen. Ik heb nog niet op de weegschaal durven staan. Vanaf morgen ga ik weer koolhydraat arm proberen te eten. Eens zien of ik weer in ketose kom. Wat moet ik dan vanavond eten? Je weet dat je er maandag weer uit gaat, als je gaat stappen. Stappen ja, dat is dan maar de enige uitzondering. Vlees met broccoli. Komkommer salade? Ik ben benieuwd wat ik zo aantref in mijn koelkast. Daar heb ik al twee weken niet in gekeken. Eten, daar zijn we weer. Alle to do punten die ik zojuist bedacht hadden maar één reden; proberen mijn gedachten af te leiden van mijn favoriete onderwerp. Twee kaizerbroodjes, een met boter en een plak belegen euroshopper kaas en een met boter en euroshopper smeerworst. Twee koppen koffie met een zoetje en een scheutje halfvolle melk. Twee slokken spa en fruit sinaasappel. Hoeveel kcal? Hoeveel kh? Ik zal het thuis maar weer eens opzoeken. Boodschappen doen, groenten, vlees en kaas.
In Nijmegen overvalt me het typische studenten gevoel. Ondanks, of misschien juist omdat Nijmegen een betrekkelijk kleine stad is vergeleken met een studentenstad als Amsterdam, zijn de studenten op het station altijd rijkelijk vertegenwoordigd. Eigenlijk zijn ze dat overal in Nijmegen. Je hoeft niet naar de sociëteiten toe om studenten te treffen (we hebben ook maar een zeer klein aantal studentenverenigingen hier), ze lopen overal. Het is niet voor niets dat je hier zo goedkoop uit eten kunt gaan en dagelijks kan stappen. Bijna alle restaurants beschikken over studenten prijsjes en zelfs in een aantal kledingwinkels krijg je als student korting. In Nijmegen is het eerder zoeken naar de niet-student, dan naar de wel-student. Op het station zie ik dan ook de vele wel bekende trolly's licht afgetrapte gympen, versleten jeans, maar nog wel verzorgd. De enkele ordinaire panterprint is overduidelijk verdwaald; een station te vroeg uitgestapt of bezig met een overstap naar de stoptrein naar Dukenburg of Wijchen. Hier en daar zie je mensen van middelbare leeftijd, enigszins grijzend; mogelijk hoogleraren of professoren. Ik voel me hier thuis, ik ben één van hen. Ook ik loop daar met mijn trolly met mijn vakantiekleding over het station, op weg naar de bus die niet ver van mijn kamer zal stoppen. De bus laat lang op zich wachten. Normaliter zou ik deze tien minuten gebruiken om wat te snoepen te kopen, maar vandaag niet. Niet meer. Ik heb me de laatste maanden te veel laten gaan.