DIERGELIJKE
VOORBEELDEN ZIJN 'ER VEEL,
EN AL TE VEEL, OM [ALLEMAAL] OP TE [BLIJVEN] HALEN,
SLAAT MAAR OOG EN GEDACHTEN
OP DE WOORDEN VAN ONZE TEKST [MAT XXVIII 5--7],
VERGELEKEN MET DE EVEN VOORGAANDE [MAT XXVII 1--4],
WAAR IN WY DE WACHTERS ZAGEN!
DIE GESLAGENE VYANDEN VAN JC
DIE HEM MEINDEN IN 'T GRAF TE HOUDEN,
WIEN DE DOOD ZELF NIET KONDE WEDERHOUDEN,
BESPEURDEN ZO HAAST DIEN HEMELGEZANT NIET UIT DEN HEMEL NEDERDALEN,
MET ZO VERBAZENDE BLIKSEMSTRAALEN, EN SCHITTERENDE KLEEDEREN,
OF EEN DOODSCHRIK BEKROOP DE STOUTSTEN,
EN MAAKTE HEN VOOR DE ZICHTBAARE BLIJKEN VAN "G DS VERBOLGENDHEID"
BEVREESD,
& ZO VERSLAGEN
WIERDEN DIE ONVERSCHROKKENE KRIJGSKNECHTEN,
DATZE RAAD- & MOEDLOOS TER AARDE NEDERSTORTTEN!?
MAAR DIE ONTZACHLIJKE VERSCHIJNING VAN DEN ENGEL,
DIE NU DEZEN WACHTERS ZO VERVAARLIJK VIEL, WAS DER VOLIJVERIGE VROUWEN TROOST EN BLIJDSCHAP, WAAR UIT ZY KONDEN EN MOESTEN BESLUITEN, DAT
g d
ZELF DE ZAAK VAN JC VERDEDIGEN,
& ALLE ZIJNE VYANDEN VERNIELEN WILDE.
OOK WEND DIE VERBAZENDE ENGEL ZIJNE GUNSTIGE AANSPRAAK TOT HAAR,
EN ZEGT:
"Vreest gy lieden niet,
want ik weet, dat gy zoekt Yehosjoea, die gekruist was!"
Als wilde hy zeggen,
laat die wachters tsidderen en beven,
die Yesjoea vyandig zijn, en door hun geweldig wapentuig wanen in 't graf te houden,
om alle "G ds beloften" te verijdelen, en de hope [en dope] der gelovigen te beschamen:
maar gy, die Yesjoe zoekt, & bemint, & uwe liefde bewijzen wilt,
vreest gy lieden niet,
want ik kome niet tot uwe straf,
maar troost, niet tot uwe verbazinge,
maar opbeuring en onderrichtinge:
die "Jezus", dien gy zoekt,
en zalven wilt,
is opgestaan, & niet meer onder de dooden.
Hy is uit 't graf uitgegaan, gelijk hy u zo dikwijls
voorzegt heeft. Treedt toe, ziet de plaats, en weest ooggetuigen
van zijne volheerlijke opstanding
...
Om
dit klaarder
te zien, moeten
wy acht geven op
deeze drie hoofdzaaken:
"Op de blijmaare van
's Heilands opstanding; op den last, dien de vrouwen krijgen,
om deeze verrijzenis te verbreiden; & op de blijken, dat JC de [enige echte] Koning
& {WARE} Hoogepriester zy!"
Met
andere woorden
voor alle [andere]
tijden, [talloze] plaatsen & [ontelbare] personen:
'g d' is [eindelijk] mensgeworden en leeft
voor altijd en immer 'onder ons' [in ons]
& is niet 'te vernietigen' omdat hij/zij
't centrale deel van ons [menszijn/mensworden] uitmaakt
als geest, geweten, ziel, liefde, inzicht, aandacht,
geduld, mededogen,
barmhartigheid
& kernpunt.
