betjes dekentjes kussentjes hoofddoekjes en seks?!


Wat
'n gedoe
was & is
dat toch met vrouwen,
meisjes, maagden, feeksen, baarmoeders,
maandstonden &
stuff like
that?

Ik ben nu pas
voor 't eerst van m'n leven toegekomen
aan Elizabeth Wolff omdat 'n zoon van Mattheus Gargon
haar op 16-jarige leeftijd had 'onteerd'
rond 1754.

Eigenlijk
hoor je nooit zoveel
van vrouwen in de geschiedenis?
Je had wel wat griezelige godinnen,
loopse prins- & priesteressen,
vrolijk huppelende huismoeders, hijgende hoeren & sletten,
Xantippe & Miryam de zus van Mosjeh & natuurlijk Ewa & al die andere vrouwen
van beroemde & beruchte mannen. de echtgenoten van de 'aartsvaders',
de vrouw van Potifar die Jozef wilde verleiden,
de dochter van Farao, Delilah & Sjimsjon enzo:
nog wat voorbrengsters van kinderen [liefst zonen?],
Maria 'de Moeder van de Roomse God Christus' & 't
merkwaardige zwangerschapsgebeuren,
Maria Magdalena & Miryam de jongere zus
van Martha &
Lazarus?

De vrouwen van Willem van Oranje & diverse andere koningen, keizers, opperhoofden & "Grote Mannen"!!

Maar ergens zijn ze toch vaak alleen maar op de achtegrond aanwezig & vaak ook nog in negatieve zin??

Laat ik 't nu dus maar
even houden bij Betje Wolff, geboren Bekker
@ Vlissingen op 24 juli 1738 uit 'n geslacht van schrandere,
eerlijke, rijke kooplieden, dat, wanneer haar eigen genealogische nasporingen juist
zijn, zich alreeds i/d 14de eeuw onderscheidde door vroomheid, milddadigheid & hoger aanzien,
hetgeen blijkt uit de 'huiselijke omgang
der kerkelijken'!

De schrijfster van
Saartje Burgerhart
, door haar tijdgenoten 'verslonden',
deelt met geen enkele andere 18de eeuwse de eer van nu nog te worden gelezen
op 'n enkele uitzondering na?

Vrouwen hadden 't blijkbaar
meestal razend druk in al die jurken & lappen,
kinderen baren & eten komen, breinen
en haken!

't Wassen
met de hand [alles ging in die tijd nog met de hand!]
en de inmaak van vlees, fruit
& groente!

't Plooien der mutsen
& hoepelrokken & uebervette
superlange jurken vol met lint,
doek, kous &
schoen?

Humorvolle
zachtmoedige, teerhartige
omgang met zelfingenomen
opgeblazen mansfiguren, de bengels
& maagden, knapen & grieten, keuken- & kindermeiden,
was- & vroedvrouwen en al dat soort grut elk jaar
dat om de haverklap bij bosjes stierf aan
onbeheersbare kinderziekten & epi-
demische ziekte-
uitbraken
...

Geduld
& toewijding
aan de zorg
der kinderen, zieken, bejaarde
familieleden als ze
het al overleefden
etc.

Wat ontbrak
was meestal, gedwongen
door de omstandigheden in al die barre tijden, eeuwen & plaatsen,
voldoende zelfbesef van 'n maatschappelijke persoonlijkheid:
men ontleende meest alles
aan "de man"!

Het rijtje 'bekende vrouwen'
is verdraaid klein & beperkt als je
het vergelijkt en zet naast al die
beroemde/beruchte
jongetjes?!

En gewoonlijk
staan we daar helemaal niet bij stil
zo vanzelfsprekend schijnt dat te zijn geweest: alleen de
uitzonderingen komen over 'n bepaalde streep van obscuriteit,
duistere machten & mistige
merkwaardige
stories.

Ons Betje
haalt in haar onvoltooide
Geschrift eener bejaarde vrouw

ten bewijze van haar roemruchte oudste
voorvader de volgende aantekening aan:

'die heer Abt van Middelburg heft bi mi logiert,
wi hielden het noenmaal in de groene kamer';
de Heer prior collationeerde bi mi met veel waardschap';
de Heer Pastoir is mit mi naar minen boogaart geganen.
Dair vierden wi het hoogwairde feest der allerheiligste Jonkvrouw Marie
{bid voir ons, a gij moeder Gods!}
staatelijken, ende met deft.
In de agternoene hebben wi zedelijken gedobbeld,
die abt van Middelburg
trok de pot!
'
!

Twee
eeuwen later
behoort die familie
weer op ietwat andere wijze
tot de vooraanstaanden, blijkens een aantekening in een
'bijbel van deux aas', dat
"Jasper Simons werd in den spijker ['t pakhuis] van Lijsbeth, onze nichte,
al heimeliken gedoopt!
"
.
Zo er
in deze Bekkeriaanse genealogie
tussen 1350 & 1550 & 1700 al hier en daer 'n enkele schakeltje los mag zijn geweest,
we weten er in ieder geval uit, dat de nakomelinge voor zich 'n traditie
van vrolijk christendom & recht op heterodoxie opeiste en,
uit wat zij verder omtrent 'r onmiddelijke voorouders
meedeelt, dat zij behoorden tot die brede laag
van welgestelde, beschaafde en zeer degelijk
levende brave burgers over 't algemeen,
ten dele, als de Bekkers van
hervormde, maar ook vaak van doperse,
remonstrantse of roomse confessie,
steeds scherper v/d regentenstand gescheiden
en ook mede daardoor 't eerst toegankelijk voor de ideeen van verdraagzaamheid
& democratie van de z.g.
'grote 18de-eeuwse denkers
& philosophen'?

Anyway,
deze kleine Bleeke Betje
was 'n zoveelste zwak nakomertje dat niemand aanvankelijk voor 'n blijvertje hield,
maar door haar moeder met grote zorg opgekweekt,
ontwikkelde ze zich tot 'n klein, overgevoelig,
spontaan & kwikzilverachtig
[verwend?] wezentje?!

Betje
werd zij genoemd
& als Betje Wolff-Bekker
zou zij later 'n bekend dichteres, moraliste,
polemiste & romanschrijfster worden. 'T heeft zin
om bij de naam nog ietwat stil te blijven staan, zowel om 't wanbegrip
dat eraan vastgeknoopt zit, als om 't begrip,
dat er zich aan laat vastknopen.

Want er is
minder historische instelling voor nodig
om christenvervolging of inquisitie te begrijpen dan om zich te onttrekken aan 't
wanbegrip dat 't soort namen als Betje, Jansje, Coosje, Jannigje & Aagje
aan prenterige kleinburgerlijkheid
verbindt, aan een groter wanbegrip nog v/d ontgoochelde 21ste-eeuwer
die altijd weer geneigd is 't 18de-
eeuwse geestesleven als een vorm van komisch spelletje te zien,
hier met allerhande zoetelijke verkleinwoordjes, loflijke lachjes & treurige traantjes
of barstensvol met allerlei rozenguirlandes & blozende vruchtenfestoenen
& zomerse seizoenen opgesierd,
daar weer [over]gedramatiseerd met pastorale onweersbuien,
naieve beeldenstormerij, poetische gebral & aanverwant
zeurderig gezeik tusschen Kerst & Sint Jutte-
appels & perenmis: van verder achter ons
liggende tijden weten we dat hun taal
toch meestal nogal veel interpretatie vereist
om nu nog enigszins begrepen te worden,
& ook de 18de eeuw doen we zo gemakkelijk veel onrecht
door haar niet te beoordelen naar haar vernieuwingen & doeleinden,
doch naar haar door
latere generaties uitgehold
trots gebarenspel, protserig woordgebruik
vol tierlantijntjes & flauwe-
kulligheid!

Betje werd ze genoemd,
niet omdat haar ouders kleine brave
[of ondeugende] burgermenschjes waren,
maar omdat nu eenmaal in haar tijd Cornelia's & Maria's alleen
in dope~ & trouwakten als zodanig voor-kwamen,
maar overhuis Keetje & Mietje heetten, hetgeen soms ook nu nog wel
te doen gebruikelijk is in sommige landelijke streken & stedelijke
en/of dorpse prachtbuurten, villawaijken
& Urkse & Staphorstse of
Volen~ & Monnikendamse dijken,
vaarten, kanalen, singels, sloten & grachten
met pakhuizen & molentjes
van ooit?

Betje ~
naast dwaling
suggereert die naam ook begrip!
Want zo ze zich op haar geschriften
nu al zo deftig Elizabeth Wolff geb. Bekker noemt,
haar bekend worden als Betje Wolff, later met haar vriendin
& medewerkster samen als Betje & Aagje doet ons weten, dat hier voor 't eerst niet
'n de mannen konstig napratende fenomeen,
maar 'n vrouw, zo zij reilde & zeilde,
in 't openbaar debat
meesprak.

Toen
we terugkwamen
in de Lage Landen na enige tijd verbleven te hebben
in "Heiliger" Landen als Israel, India & Nippon e.d.
woonden we ook in de Betje Wolffstraat
{naast de Aagje Dekenstraat}
in A'dam~West?

Bijna al weer
40 jaar geleden:
& 't lijkt als de dag van gister!
Voorwaar, ik zeg ulieden, er gaat niets boven het myditijdreizen,
herinneren, in- & aanvullen, opzoeken & ~graven,
ont- & bedekken & her~
& der koekeloeren.

blozen
20 aug 2008 - bewerkt op 20 aug 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende