Assyrië Babylon Chaldea: de 5e dag v/d 4e maand in


't
DERTIGSTE JAAR;
toen Yechezkel midden tussen de ballingen bij 't Kevarkanaal woonde,
opende zich de hemel & kreeg ik 'n visioen van G d! Op de 5e dag van die maand,
& wel i/h 5e jaar van koning Yoyachins ballingschap, richtte de Eeuwige zich tot de priester Yechezkel,
de zoon van Boezi, i/h land v/d Kasdiemers, bij 't Kevarkanaal! Dáár werd Yechezkel gegrepen door de hand v/d Eeuwige G d.

Dìt vòlgende ìs wat ìk zàg: 'n Stormwind, komend uit 't Nóórden, 'n Gróte Gloeiende Wolkenmassa, 'n Vúúr van Blìksèmflitsen. Dáár mìddenìn zag ik iets dat glansde als wit goud: i/h Midden v/h Vúúr zàg ik iets dat léék òp 'n Viertal Wezens? Zó zagen ze ÈRÚIT: lijkend op mènsen, maar ze hadden èlk VÍER gezìchten èn 4 vleugels! Hun benen waren rècht & hun vóeten, die blonken als gepolijst koper, leken op de hoeven van 'n kàlf? Áán hùn 4 zíjden, ònder hun vleugels, zag ik mènsenhanden. Die gezìchten & vleugels zagen er zó uit:
hun vleugels ráákten elkaar, & omdat ze aan èlke KÀNT 'n Gezìcht hadden, hoefden die 4 wezens zich níet òm te draaien àls ze zich nu voortbewogen?! Hun gezìchten léken van vóren op 't gezicht van 'n Mèns & van rèchts op de muil van 'n Leeuw, van lìnks op de kop van 'n Stíer & van àchteren op de bek van 'n Adelaar! Dàt waren hùn Gezìchten? Twee van hun vleugels waren naar boven uitgespreid & raakten elkaar, & met de àndere 2 bedekten zij hun Lichaam! Èlk van díe wézens bewoog zich rècht vooruit, waarheen de Géést G ds hèn ook maar drééf, & ze hoefden zich, wáárhéén ze ook gingen, níet òm te draaien?! Ze léken op Íets dat eruitzag als Brandend Vurige Kólen; ze zagen eruit als Fàkkels: erg ging vuur heen en weer tussen die wezens, 'n gloeiend vuur, èn er kwam bliksem úit dit vuur ----

En zó flitsten die wezens heen en weer: als blìksemstralen!!!! Opnieuw keek ik naar die wezens, èn ik zag bij èlk van die 4 'n wíel op de grond staan, aan de voorkant. Die wielen glansden alsof ze gemaakt waren van turkoois & ze hadden allevier dezelfde vòrm: ze leken op 'n wíel middenin 'n ànder wiel. Ze gingen met die 4 wezens mee, zònder òm te draaien; hun velgen waren angstwekkend hóóg, & elk van die 4 vèlgen was afgezet met ógen: àls die wezens zich bewogen, gingen de wíelen méé, & als die wezens opstegen v/d aarde, dan stegen óók hun wíelen òp! Wáárhéén G ds geest hèn leidde, daarheen GÌNGEN die wezens: ze vòlgden de geest & de wielen stegen mèt hèn òp, want één en dezèlfde géést leidde de wézens èn de wíelen. Als de wezens zich bewogen, bewogen ook de wielen,
en als ze stilstonden, dan stonden óók hun wielen stil; als ze v/d aarde opstegen,
stegen ook de wielen òp: één & dezèlfde geest leidde immers
de wezens èn de wielen! Klìnkt toch véél eerder
recent/actueel 'modern' dan hoogbejaard
ouderwets & van
2500 jaar
geleden?!

We'll see?!!

28 apr 2015 - bewerkt op 29 apr 2015 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende