In MARkos 4:35-41 is Yesjoea (alweer) de belangrijkste persoon ~ 'hij doet 'n wonder'(tje)!? Hij komt in contact met 'n grote menigte mensen & met z'n volgelingen/discipelen. We horen er hoe hij de menigten naar huis stuurt & dan vervolgens samen met z'n leer-lingen 't Harpmeer van Galilea/Tiberias 'Kinnereth'/Genesaret opgaat (in 't vissersschip)! Dàn steekt er een flinke storm op compleet met valwind & 't bootje komt vol met water te staan?! De leerlingen raken al snel in paniek, maar Yesjoe ligt rustig te slapen om eindelijk eens uit te rusten ~~
Ze maken hem wakker & vragen hem: 'Meester/rabbi, kan 't jou niet schelen dat we vergaan?' Yehosjoea ('g d redt'

spreekt de wind streng toe & de wind gaat liggen: de boot & alle opvarenden zijn gered v/d natte ondergang in 't woeste water!
Zoals gezegd, is 'r i/d geschiedenis al heel vaak gevraagd (door dezen & genen): kàn dìt nou ècht? Er zijn theologen die zeggen dat op dit Meer van Galilea de wind vaak heel snel plotsklaps opsteekt & daarna ook weer heel snel gaat liggen. Volgens hèn zou dit verhaal daar ook best wel iets mee te maken kunnen hebben. Maar (zegt RB) dan doe je dit verhaal geen recht. Want 't is zondermeer overduidelijk dat Marcus hier over 'n wònder vertelt: 'iets wat eigenlijk niet kan, gebéurt tòch!
't Is daarom dan ook nuttig dit verhaal helemaal uit te lezen. Yesjoe zegt tegen z'n leerlingen: 'Waarom hebben jullie zó weinig móed? Geloof je nog steeds niet?' Z'n leerlingen zijn diep onder de indruk van wat Yesjoe 'gedaan heeft' & zeggen tegen elk ander: 'Wíe ìs hij toch, dat zelfs wind & meer hem gehoorzamen?' Die laatste vraag is DÉ kérn van dit verhaal: MARkos wil 'de lezer uitdagen' om 't boek te (blijven) lezen & juist DÍE vraag te beantwoorden.
Zèlf geeft híj géén antwoord! ZÓ wèrkt literatuur: zó werken bóeken & talloze verhalen! De schrijvers prikkelen de lezers tot o.a. dézen zèlf hùn éigen mening hebben kunnen vormen.