1787 Situatie vóór de Franse Revolutie

Voor de Franse Revolutie was alle macht in de handen van de koning. Dit noem je het absolutisme. Zo was de maatschappij verdeeld in drie standen. Deze standen waren erg ongelijk. Zo was de standenmaatschappij verdeeld in verschillende standen: Geestelijkheid, adel en de burgers en de boeren.


De 1e stand bestond uit de geestelijkheid. Zij hoefden geen belastingen te betalen en niet te werken. De geestelijken waren de enige die konden lezen en schrijven, hiermee hielpen ze de koning in het bestuur. De geestelijkheid was in 2 groepen opgedeeld. Je had de hoge geestelijken. Dat waren de kardinalen en bisschoppen. De lage geestelijken bestonden uit de monniken, priesters en nonnen.


De 2e stand bestond uit edelen. Ook zij hoefden geen belastingen te betalen en hoefden ook niet te werken.


De 3e stand bestond uit de boeren en de burgers. Je had de rijke burgers, kooplieden, ambachtslieden en de arme boeren. Alle twee de groepen moesten hard werken om hun belasting betalen. Alleen het verschil was dat de rijke burgers dit makkelijker verdiende. Als je in de 3e stand leefde, had je geen rechten, maar moest je wel veel belasting betalen. Hierdoor waren mensen in de 3e stand vaak ontevreden.


De eerste en tweede stand hadden veel voorrechten. Deze voorrechten heten privileges. Zo bezat de geestelijkheid 10% van al het land in Frankrijk, terwijl de geestelijken maar 1% van de bevolking is. Ook mochten de geestelijken de bevolking belasting laten betalen, maar hoefde zelf geen belasting te betalen. De edelen bezaten ook een groot deel van het land van Frankrijk, maar liefst 20 %.
28 nov 2016 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Bodevette
Bodevette, vrouw, 29 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende