136 ka db zoals 't "pardeesverhaal" wel duidelijk
MAAKT, was deze reis niet voor iedereen bestemd, maar alleen voor een op de juiste wijze ingewijde elite. De eerste drie vormen van midrasj ~ PESJAT/letterlijk, REMEZ/allegorisch, DERASJ/moreel/preekwaardig ~ waren allemaal al door Philo, de rabbijnen & de filosofen gebruikt ...
De kabbalisten gaven hiermee impliciet aan dat hun nieuwe spiritualiteit aansloot bij de traditie, maar suggereerden tegelijkertijd dat hun eigen relifilospecialiteit ~ de SOD ~ er dé vervulling van was. Hun ervaring leek waarschijnlijk zo overduidelijk joods dat ze zich misschien helemaal niet bewust zijn geweest van enig conflict met de heersende opvattingen.
De kabbalisten brachten een indrukwekkende synthese tot stand: ze brachten het mythische element uit de oude Israëlitische traditie, dat de rab-bijnen & de filosofen hadden afgezwakt of zelfs hadden proberen uit te roeien, weer tot leven. Ze lieten zich ook inspireren door de gnostische traditie, die (al)weer opgedoken was in verscheidene mystieke bewegingen i/d islamitische wereld, die ze waarschijnlijk goed kenden.
Tenslotte maakten ze ook gebruik v/d 10 emanaties v/d filosofen, waarin alle elementen i/d keten v/h zijn met elkaar verbonden waren. Die open-baring hoeft niet nog langer 'n ontologische afgrond te overbruggen, maar voltrok zich DOORLOPEND IN ELK INDIVIDU, & de schepping was niet iets uit het verre verleden, maar 'n tijdloos gebeuren waaraan iedereen deel kon hebben.
De kabbala was vermoedelijk sterker op de bijbelverhalen gebaseerd dan enige andere vorm van mystiek: háár 'bijbel' was de ZOHAR, letterlijk 'de Schittering'! Dit was waarschijnlijk een werk van Mozes de LEÒN, maar het deed zich voor als een novelle uit de 2e eeuw over de revolutio-naire mysticus rabbi Sjim'on ben Yochai, die door Palestina rondzwierf & met z'n metgezellen bijeenkwam om over de thora te spreken, die door hun exegese/uitleg/invulling hun directe 'opening' bood naar de 'goddelijke wereld'. Door 't bestuderen v/d heilige (helende) tekst daalde de kab-balist steeds dieper af ìn de tekst & in zichzelf & voelde hij tegelijk dat hij opsteeg naar de 'bron van alle zijn'. De kabbalisten waren 't 'r met de filosofen over eens dat de onbegrijpelijke & schier totaal onbeschrijfbare 'transcendentie van g d' dus eigenlijk niet in woorden gevat kon worden.
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende