menu myDiary

34620GEN34G D&Avraham StellenElkaarWeer'sOpDeProef

Q&@ ENIGE TIJD LATER STELDE 'G D' AVRAHAM OP DE PROEF?! "AVRAHAM," ZEI HIJ. "JA, IK LUISTER!?" ANTWOORDDE AVRAHAM... "GA NAAR HET LAND MORYA OM DAAR OP EEN BERG DIE IK JOU ZAL AANWIJZEN JOUW ZOON TE OFFEREN, JOUW ENIGE ZOON, DIE JONGEN WAARVAN JIJ ZOVEEL HOUDT, YITSCHAK!" Vroeg in de ochtendstond stond Avraham dus op, hakte hout voor het offer, zadelt z'n ezel en gaat met zijn zoon Yitschak op weg naar de Plááts die G d hem genoemd had? Ook nam hij 2 van zijn knechten mee. Op de derde dag zag Avraham die Plááts al in de verte liggen! Hij zei tegen z'n knechten: "BLIJF HIER WACHTEN BIJ DE EZEL! IK GA MET DE JONGEN NAAR DIE BERG DAAR OM ER TE BIDDEN. DAARNA KOMEN WE WEER TERUG!" Avraham liet z'n zoon Yitschak 't hout dragen voor het Offer. Zelf nam hij 't vuur mee & 't mès! Zo liepen ze samen verder... Onderweg zei Yitschak: "VADER!" "JA, WAT IS ER, MIJN ZOON?" "We hebben nu wel vuur & hout, maar wáár is het làm voor het ÒFFER?" "G DZÈLF ZAL ZORGEN VOOR EEN LAM, MIJN ZOON," antwoordde Avraham. En samen liepen ze verder... Toen ze bij die Plááts kwamen die G d aangewezen had, bouwde Abraham 'n altaar aldaar, schikte 't hout & bond Yitschak vast bovenop 't Altaar, òp het brandhout. Maar toen hij 't Mes pakte om z'n zoon te doden, riep 'n Engel v/d Héér G d vanuit de Hémel: "AVRAHAM! Avraham!" "JAH, ik luister!" antwoordde Avraham. "RAAK DE JONGEN NIET ÁÁN!" zei de Engel, "DOE HEM NIETS, WANT NÚ WÉÉT ÌK ZÉKER DAT JIJ ONTZAG HEBT VOOR G D, OMDAT JIJ ZÈLFS BEREID WAS OM AAN MIJ JOUW ENGE ZOON TE OFFEREN!" Tóen Avraham om zich heen keek, zag hij een ràm die met z'n horens vastzat in de struiken: hij liep erheen, greep het dier & offerde 't in plaats van zijn zoon! Avraham noemde die Plááts: 'DE HEER ZAL ERVOOR ZORGEN'! Tot op de dag van vandaag zegt men nog steeds: "OP DE BERG VAN DE HEER KAN MEN ZIEN DAT G D ZÒRGT VOOR ÒNS!" Tóen riep de Engel van de Héér opnieuw vanuit de Hémel: "AVRAHAM, JIJ HEBT GEDAAN WAT IK JE VROEG, JE WAS ZELFS BEREID OM MIJ JOUW ENIGE ZOON TE OFFEREN! DAAROM HEB IK, DE HÉÉR, BIJ MIJZELF GEZWOREN OM AAN JOU GROTE VOORSPOED TE GEVEN! IK ZÀL JE ZO-VEEL NAKOMELINGEN GEVEN ALS ER STERREN AAN DE HEMEL STAAN OF ZANDKORRELS LIGGEN OP HET STRAND! ZIJ ZULLEN AL DE STEDEN VAN HUN VIJANDEN IN BEZIT NEMEN! OMDAT JIJ NAAR MIJ GELUISTERD HEBT, ZULLEN ALLE VOLKEN VAN DE HELE AARDE IN DE VOORSPOED DELEN VAN JOUW NAKOMELINGEN!" Avraham ging terug naar z'n knechten & samen vertrokken ze naar Be'ersjeva: dáár blééf hij wonen volgens Gen. 22:1-19...