woensdag 5 maart 2014

Vandaag zijn we de dag gestart met een moment van zelfstandig werken. De kinderen moesten zich alvast in de rekengroepen verdelen, zodat we na het zelfstandig werkmoment meteen aan de slag konden gaan met de rekeninstructie.

Tijdens de rekenles kwam het onderdeel breuken, procenten en komma getallen naar voren. De kinderen moesten uitrekenen hoeveel ze moesten betalen als iets bijvoorbeeld 200 euro zou kosten en daar 40% korting vanaf gehaald moest worden. Ook moesten ze uitrekenen hoeveel procent korting zij gekregen hadden als iets bijvoorbeeld eerst 200 euro was en met de korting 180 euro.
Ook kregen zij sommen waarbij ze het dichtstbijzijnde getal aan moesten geven. Hierbij kregen zij 4 antwoordmogelijkheden. Dus wat ligt het dicht in de buurt van 6? Is dat 6,05 - 6,1 - 5,98 of 5,9?

Na de rekeninstructie zijn we aan de slag gegaan met spelling. Hierbij bespraken wij regelmatige werkwoorden die eindigen op ~ten. Hierbij werd het kofschip weer naar voren gehaald en het begrip regelmatige werkwoorden.

Toen zijn de kinderen naar buiten gegaan voor de pauze. Na de pauze heb ik voorgelezen en hebben we het jeugdjournaal bekeken. Na het jeugdjournaal zijn we nieuwsbegrip (begrijpend lezen) gaan doen. Hierbij kwam de strategie vragen stellen naar voren. Na het voorspellen van de tekst en het modellen van de manier waarop de kinderen de vragen moesten beantwoorden zijn de kinderen in twee tallen met de tekst aan het werk gegaan.

Na het nabespreken ervan hebben we nog het filmpje bekeken wat bij de tekst hoorde en tot slot van de dag hebben we nog een Engels dictee gegaan.
05 mrt 2014 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van meester
meester, man, 12 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende