Tirade

Ik ga zo sporten. Maar eerst moet ik even schrijven, want anders ga ik gillen.

Het zit zo: ik ben al drie dagen achter elkaar strontchagrijnig. Maar dan ook echt strontchagrijnig. Het begon op woensdag, de dag na de gebruikelijke dinsdagavondborrel. Ik had een enorme kater. Mijn chagrijnige bui op de woensdag verbaasde me niet: als ik een kater heb, ben ik vrij labiel. Dan kom ik bijna niet uit mijn woorden, ben ik warrig en huil ik snel. Op de donderdag had ik vreemd genoeg nog steeds last van mijn kater: de hoofdpijn was er nog steeds. En nog steeds moest alles en iedereen optyfen. Vanochtend werd ik wakker en had ik nog steeds last van die alles-en-iedereen-mag-doodvallen-bui.

Er is één situationele oorzaak: mijn onderzoeksvoorstel is afgewezen, omdat de benodigde data zeer moeilijk te krijgen zijn. Nu moet ik komend weekend aan een nieuw voorstel gaan werken. Vervelend, maar ik betwijfel of mijn intense chagrijn alleen daardoor verklaard kan worden.

Ik denk dat de hoofdoorzaak ligt in het feit dat ik even geen zin meer heb om te doen alsof. Het klinkt abstract, maar stay with me. Ik ben twee weken geleden begonnen aan het boek De edele kunst van not giving a fuck. Ik stond in het AKO-filiaal op het station in Eindhoven, zag het exemplaar liggen en dacht: ik kan wel wat extra zelfhulp gebruiken. Die sessies bij de psycholoog - hoe fijn en effectief ze ook zijn - verhelpen niet alles. Misschien heb ik nóg wat inzichten nodig om mezelf weer op 't juiste padje te krijgen.

Ik ga de inhoud van het boek niet samenvatten. Je moet het boek vooral zelf gaan lezen.

Niettemin wil ik een der hoofdboodschappen hier bespreken, omdat die echt is blijven hangen. De strekking? Je kunt er flutwaarden op nahouden, waardoor je leven miserabel wordt. Voor de duidelijkheid: de auteur definieert een "waarde" als een maatstaf die je gebruikt om je leven te beoordelen. Een voorbeeld van een waarde is materiële welvaart: hoe meer geld je hebt, hoe beter je leven.

Maar goed. Flutwaarden dus.

Ik denk dat ik er eentje heb ontdekt bij mezelf. Of nou ja, "ontdekt"... Ik wist al dat ik haar had en dat ik haar moest wegwerken. Maar ik kon er nooit een label aan vastmaken. Nu heb ik het juiste label: een flutwaarde. Een waaaaaaaardeloze maatstaf voor een goed leven.

Mijn flutwaarde? Aardig gevonden worden (of wellicht beter geformuleerd: anderen pleasen). Man, ik kan echt heel snel buigen voor de wensen van mijn omgeving en ik kan als de beste slijmen in de hoop dat ik mensen me een complimentje geven. Je voelt al aan dat deze "superkrachten" niet de sleutel zijn tot een gelukkig leven. Dat zijn ze ook niet.

Hoe ziet dat er dan uit in de praktijk?

Een zeer actueel voorbeeld: de samenvattingen die ik maak ter voorbereiding op mijn tentamens. Ik besteed veel tijd aan die krengen. Ze zijn dan ook ontzettend goed: ik heb de afgelopen drie jaar nog geen enkele keer een onvoldoende gehaald voor een tentamen. Het gemiddelde cijfer ligt rond de 7.5, geloof ik. Ik dwaal af. Wat ik wil zeggen, is dat ik mijn samenvattingen al heel lang gratis en voor niets doorgeef aan mijn medestudenten. In het begin moesten mijn "klanten" nog twee euro per samenvatting betalen, maar dat is al vrij lang niet meer zo.

Maar waarom geef ik mijn samenvattingen zomaar aan medestudenten? Doorgaans zijn het gewoon luie donderstralen die geen zin hebben om te studeren en daarom maar naar mij toe komen voor een samenvattinkje. Ik merk dat dit - het feit dat studenten naar me toekomen voor een samenvatting - leidt tot rancune: ik begin mijn medestudenten te verafschuwen. Die rancune heeft al een vrucht afgeworpen: ik heb er recentelijk bewust voor gekozen om alleen i.p.v. in groepsverband het verplichte onderzoeksverslag te schrijven. Ik heb hiervoor vooral in groepsverband gewerkt, en telkens weer deed mijn groepsgenoot geen ene flikker. Dus: ik wil nu alleen werken.

Luister. Ik weet ook wel dat mijn medestudenten niet allemaal lui zijn. Maar dat beeld danst wel door mijn hoofd.

En wiens schuld is dat? Juist ja, de mijne! Ik heb namelijk mijn grenzen niet aangegeven. Ik was het die na verloop van tijd zijn samenvattingen begon weg te geven als een of andere Sinterklaas. En waaróm begon ik daarmee? Omdat ik aardig gevonden wilde worden. Omdat ik geen oog had voor mijn eigenwaarde. En ik wil tot op de dag van vandaag aardig gevonden worden. Ik heb nog steeds geen oog voor mijn eigenwaarde.

Is dit het enige voorbeeld? God no. Ik heb er een handje van om altijd naar mijn familie te luisteren. Naar mijn grote zussen. Naar mijn ouders. De vraag "wat wil ik?" verdwijnt naar de achtergrond en ik buig voor hun wensen. Een klein en niet-significant voorbeeld heeft betrekking op gisteren. Ik vroeg aan mijn jongste oudere zus of ze zin had om samen te eten. Ze antwoordde bevestigend, waarna ik vroeg of zij dan de boodschappen wilde doen. Ze las het bericht, maar antwoordde niet, waardoor ik ging twijfelen. Voor ik het wist, had ik al gezegd "dat ik wel even naar de supermarkt zou gaan".

Uiteindelijk hebben we samen boodschappen gedaan en de kosten gedeeld, dus er is niks aan de hand.

Maar ik dook wel meteen in elkaar. Als ze maar niet boos op me is, was mijn primaire gedachte.

Zeer ongezond. Zulke gedachtes en zulke gewoontes zorgen ervoor dat je slecht wordt in het aangaan van confrontaties. Als je broodnodige confrontaties niet of nauwelijks aankunt, dan heb je een probleem. En laat dat nou net het geval zijn bij mij. Ik ben fuuuuucking slecht in confrontaties. Gisteren nog. Ik zat in de stiltecoupé en zoals gewoonlijk zaten er weer mensen die stoïcijns doorkletsten. Dus, ik maakte op een rustige manier duidelijk dat ze in een stiltecoupé zaten. Daarna volgde onderstaand gesprek:

- Prater: "Ben je aan het studeren dan?"
- Ik: "Nee, ik ben aan het lezen. En dit is een stiltecoupé. Als je wilt praten, dan kun je ergens anders gaan zitten."
- Prater: "Wat een nerd ben jij, zeg."

Ik stak hierna alleen op subtiele wijze mijn middelvinger op. Op zich geen superslechte aanpak, vind ik. Maar waarom haal ik deze gebeurtenis aan als bewijs dat ik slecht ben in confrontaties? Na de botsing ging ik door met lezen. Of althans, dat probeerde ik. Ik kon me bijna niet concentreren op de inhoud, omdat de adrenaline nog door mijn lijf gierde. Het heeft uiteindelijk vijf minuten geduurd voordat ik weer rustig was.

Goed, ik kan dit verhaal nog veel langer maken. Maar... De sportschool gaat zo dicht en ik wil echt even bewegen. Conclusie van deze tirade? Flutwaarden. Ik heb ze. En ze moeten weg. Het zal lang duren, maar het moet.
13 mei 2022 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Curacaotje
Curacaotje, man, 21 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende